Op de hoek van mijn straat staat bijna dagelijks een oude man met een plastic zakje dat hij als collectebus gebruikt. Als het stoplicht op rood springt, houdt hij aandoenlijk zijn zakje voor de geblindeerde ruiten van luxe personenauto’s. De Indonesische economie is ‘booming’. Dat is goed te zien aan het groeiend aantal auto’s dat steeds meer het wegennet verstopt. Toch openen maar weinig chauffeurs hun ramen om de bejaarde bedelaar wat geld te geven.

Sukianto, zoals de oude man heet, is volgens mijn vriend Irwan een gepensioneerde soldaat. Er is iets fout gegaan met de registratie van zijn adres waardoor hij zijn pensioentje elke maand mis loopt. Irwan, zelf een taxichauffeur, vindt het zielig voor Sukianto. Hij weet dat de oude man ruim de zeventig is gepasseerd en dat zijn kinderen niet voor hun vader willen zorgen. Irwan schuift uit medelijden de oude man zo nu en dan een paar roepies toe.

Sukianto is niet de enige bejaarde Indonesiër die door zijn familie aan zijn lot wordt overgelaten. Op haar zestigste verjaardag hield Ani Yudhoyono, de vrouw van de Indonesische president, de verzamelde pers in haar paleis voor dat er inmiddels 18,4 miljoen bejaarden in haar land wonen, waarvan drie miljoen oudjes geen thuis meer hebben en door hun familie in de steek zijn gelaten. Indonesië staat wereldwijd op nummer vijf als het land met het hoogst aantal bejaarden. De vergrijzing slaat er toe.

Verzorgingstehuizen zoals we die in Nederland kennen, bestaan niet in Indonesië. Enkel een opvangtehuis voor senioren waar in iedere kamer twintig verroeste bedden staan, vaak zonder matras of dekens. Gepensioneerde soldaten als Sukianto kunnen er de nacht doorbrengen. Ik ben wel eens in zo’n bejaardentehuis geweest waar vervuilde oudjes verdwaasd ronddolen.

Indonesiërs worden te oud. Dat schijnt een probleem te zijn voor hun kinderen. Door de groeiende welvaart is er betere gezondheidszorg gekomen en zijn medicijnen betaalbaar. Het gevolg is dat de gemiddelde leeftijd voor vrouwen in de afgelopen decennia is gestegen naar 76 jaar (in Nederland 80 jaar) en voor Indonesische mannen 70 jaar (in Nederland 76). Stellen die op jonge leeftijd al kinderen krijgen, hebben het gevoel hun leven lang te moeten blijven zorgen. Eerst voor de kinderen toen die nog klein waren. Nu die de deur uit zijn blijven ze verantwoordelijk voor hun ouders. Ook in de sloppenwijken hebben de mensen het door de economische vooruitgang relatief iets beter gekregen. Ze dromen over mobiele telefoons en bromfietsen. Ze hebben geen zin meer hun geld met hun ouders te moeten delen.
In India brengen kinderen hun seniele ouders naar een park en laten ze daar vervuild achter. Dit soort schokkende verhalen heb ik nog niet in Indonesië gehoord.

First Lady Ani Yudhoyono waarschuwde de Indonesiërs zich niet van hun ouders te ontdoen en zich verantwoordelijk te blijven voelen voor ze. Ze is geschrokken van de verhalen over hoe slecht kinderen hun ouders behandelen. Ze heeft de regering gevraagd in snel tempo betere opvangtehuizen voor gepensioneerde Indonesiërs te regelen. Ieder heeft recht op een menswaardig bestaan. Zeker de ouderen die voor de vrijheid van de republiek vochten. Sukianto krijgt tranen in de ogen als ik hem naar zijn kinderen vraag. Hij beweert niet te weten waar ze zijn gebleven. ‘Ze hebben het druk hè’, zegt hij zachtjes. Zijn vrouw stierf enkele jaren geleden. Van het kleine beetje bedelgeld koopt hij wat eten. Tot zijn dood hoopt hij zichzelf op deze manier in leven te houden.
 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief