Een jaar of tien geleden wees Pfizer in New York Wim Leereveld, oprichter van de Access to Medicine Index, na een kwartiertje al resoluut de deur. Geen interesse. Inmiddels belt de CEO van een van de grootste investeringsfondsen ter wereld diezelfde Wim Leereveld even op voordat hij een farma-topman ontvangt: of hij suggesties heeft voor het gesprek. En Pfizer is ook aan boord. Hoe heeft die Leereveld dat voor elkaar gekregen? En, belangrijker: geeft de index mensen in ontwikkelingslanden meer toegang tot betere medicijnen?

De Access to Medicine Index is een tweejaarlijkse ranking van farmaceutische bedrijven, die weergeeft wat die bedrijven doen voor de mensen in ontwikkelingslanden die geen betrouwbare toegang hebben tot veilige, effectieve en betaalbare medicijnen en vaccins. De index richt zich op de 20 grootste farmaceutische bedrijven en is gebaseerd op 95 indicatoren die gerelateerd zijn aan 47 ziektes in 106 landen.

 Het maken van de index kost zo’n drie miljoen euro per keer en wordt gefinancierd door het Nederlandse en het Britse Ministerie van Buitenlandse Zaken, de Bill & Melinda Gates Foundation en de Nationale Postcodeloterij.

Voetbalwijsheid
Leereveld wil met de index de top-20 van farmaceuten in beweging krijgen, zodat mensen in ontwikkelingslanden betrouwbaarder toegang krijgen tot veilige, effectieve en betaalbare medicijnen en vaccins. En daarin is ie vasthoudend. In het interview noemt Leereveld meerdere keren mensen die eerst niet bepaald voorstanders van de Access to Medicine Index waren, en die nu in zijn bestuur zitten of anderszins betrokken zijn (geweest) bij de Index. Leerevelds passie werd de passie van velen. Van het team van deskundige medewerkers in Haarlem. En van Bill Gates die regelmatig refereert aan de Index en deze gebruikt in gesprekken met CEO’s om ze aan te sporen meer te doen. Leereveld brengt het alsof het hem overkomt, maar dat is zeker niet het geval. Hij praktiseert de voetbalwijsheid: geluk moet je afdwingen. Hij is een aimabele politieke pitbull.

Wim Leereveld. Foto: Patricia Wolf

Wim Leereveld
Foto: Patricia Wolf

Kantoor lenen
Concreet voorbeeld: Pfizer weigerde in eerste instantie alle medewerking aan de Index. Dat verandert als Bill Gates publiekelijk een lans breekt voor het initiatief. Pfizer wil wel praten. Maar Leereveld zit nog in een klein kantoortje in Haarlem. Daar kan hij hen niet ontvangen; dat wordt geen gesprek tussen gelijken. Gelukkig kent Leereveld inmiddels de ex-president van de Noorse Bank. Die heeft een groot kantoor in de Londense City. Mag Wim misschien met hem in dat kantoor even de mensen van Pfizer ontvangen? Geen punt, want deze ex-bankier was al onder de indruk van de Access to Medicine Index. En na de meeting is Pfizer dat ook: ze doen mee.  

PartnershipsDit artikel is onderdeel van een serie artikelen over Partnerships:  verschillende soorten samenwerking tussen bedrijven, NGO’s, overheid en kennisinstellingen. Hoe doen ze dat? Tips, tricks & praktische voorbeelden.

Gemeenschappelijke taal
Leereveld: “De legitimatie van de index is dat twee tegenovergestelde partijen zeiden dat het niks was. Organisaties zoals Artsen zonder Grenzen, die zegt dat je het eigenlijk niet kunt maken om GlaxoSmithKline bovenaan de index te zetten. En bedrijven die zeggen dat ze hoger horen. We kunnen redelijk zijn naar de industrie, omdat anderen extremer zijn.” In de beginfase luisterde Leereveld te veel naar de hulporganisaties en te weinig naar de farmaceuten. Waardoor de farmaceuten hem met zijn index wegwuifden als irrelevant en onrealistisch. Leereveld: “We hebben er lang over gedaan om een gemeenschappelijke taal te vinden. De eerste jaren praatte ik voor een zaal met mensen vanuit hulporganisaties anders over de Access to Medicine Index dan op een farmaceutisch congres. De boodschap was hetzelfde, maar de taal was anders. Inmiddels hebben wij de juiste woorden gevonden, die we overal gebruiken.”

Macht is een zwaar woord. Noem het liever invloed.

Vergeten ziekten
Er is nog altijd kritiek op de index. In een special over gezondheid vragen Artsen zonder Grenzen en Wemos zich af of het observerende en vrijwillige karakter van de index wel voldoende druk legt op bedrijven. En wijzen ze erop dat de index maar een deel van het probleem aanpakt omdat overheden buiten schot blijven. Anke Tijtsma, directeur van Wemos, zegt daarover nu: “De Access to Medicine Index kijkt alleen naar de industrie. Wim kan met de index ook macht uitoefenen om de Nederlandse en Britse overheden tot actie aan te zetten. Zij kunnen een rol pakken in het internationale debat over research en development voor vergeten ziekten. Zie het voorbeeld van de recente ebola-uitbraak: overheden hadden ervoor kunnen zorgen dat er veel eerder onderzoek naar het ebolavaccin gedaan was. Ze kunnen stimulerende maatregelen en perverse prikkels wegnemen zodat gezondheidswinst vooropgesteld wordt, in plaats van financiële winst. Dat soort druk is nodig om de broodnodige toegang tot een levensreddend vaccin te garanderen. Dan had de farmaceutische industrie wel gemoeten. Of ze het nou lucratief en sexy vinden of niet. Dat debat kan Wim aanjagen. Ook richting Gates.” Leereveld reageert: “Macht is een zwaar woord. Noem het liever invloed. Wat wij kunnen met die invloed, ook richting overheden – dat vind ik een goede vraag waarover ik graag verder praat met Wemos.”

Tips van Wim Leereveld:

  • Denk groot. Zet in op verandering van sectoren, grootschalige impact, en wees daarin vasthoudend.
  • Denk politiek: weet wie je moet kennen, hoe je die bereikt, wat zijn belang is, wat zijn taal is.
  • Verbreed de basis. Succes hangt nooit van één persoon af. Alleen met de passie en betrokkenheid van velen kun je iets bereiken.
  • Blijf onafhankelijk. ‘Je hebt maar weinig geld nodig om verandering te bewerkstelligen, maar het moet wel onafhankelijk geld zijn.’ Liefst van vermogensfondsen of overheid, zeker niet van bedrijven.
  • Laat verantwoordelijkheden waar ze horen.  ‘De Index heeft de sector niet veranderd; wij hebben CEO’s van de big pharma geholpen om hun sector te veranderen.’  
  • Wees echt geïnteresseerd. ‘Als je je niet wilt verdiepen in de bedrijven waarmee je samenwerkt, in de wereld waarin zij opereren, dan moet je ermee stoppen.’  

Toekomst
De vierde index is inmiddels uit. Het idee van de index wordt toegepast op andere sectoren zoals voedsel, mijnbouw en zaden. Wat valt er nog te wensen? Als het aan Tijtsma van Wemos ligt, zou Leereveld zijn verworven macht dus moeten gebruiken om ook de overheid tot actie aan te zetten. Leereveld heeft er zelf ook nog wel een: “Wij hebben veel informatie over farmaceuten. We willen verkennen of er beleggers zijn die voor deze informatie willen betalen; dan maken we onszelf ook duurzamer.” En, op een ander vlak:  “Wij scoren grote Zwitserse bedrijven op de Index, wij sturen hun gedrag daardoor. Maar het lukt ons nog niet om de grote Zwitserse fondsen geïnteresseerd te krijgen in funding van onze index. Je krijgt de hele wereld niet gemobiliseerd, zelfs al heb je Bill Gates aan je zijde.”
Hm, gaat vast ook lukken. Zwitsers, be aware

Delen van dit interview komen terug in een boek van Wilma Roozenboom over theorie en praktijk van partnerschappen, dat eind 2015 verschijnt bij uitgeverij Koninklijke Van Gorcum.

 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Zelfstandig ondernemer, gespecialiseerd in de begeleiding van partnerschappen voor duurzame ontwikkeling. Eind 2015 verschijnt haar boek …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief