Dit zijn de weken dat we het allemaal, maar dan ook allemáál over vluchtelingen hebben. Daar was een tragische foto van een dood Syrisch jongetje voor nodig. En beelden van grote aantallen vluchtelingen in boten en treinen. Maar hoeveel wij het ook over vluchtelingen hebben, zo weinig wordt er gekeken naar de oorlog.
De oorlog in Syrië bedoel ik, want een oude oorlog dook wat makkelijker op. Beelden van vluchtelingen in overvolle treinen brachten sommigen ertoe om naar de Tweede Wereldoorlog te verwijzen. 'Het lijkt bijna op de holocaust’. Trein + wanhopige mensen = holocaust, blijkbaar.

Veilige plek
Uiteraard, er stond ‘het lijkt bijna’. Precies ook de zin die een sleutelmaker in Utrecht uitsprak toen ik steeds weer terugkeerde met de niet-passende kopie van mijn huissleutel. Met ‘het lijkt bijna’ kun je dus vaak helemaal niets. Deze overvolle trein leek vooral op een trein die mensen naar een veilige plek ging brengen, en niet naar een vernietigingskamp. Deze trein vertrok zelfs vanaf een veilige plek. Ook daarover ging de discussie opvallend vaak. Die vluchtelingen waren doorgereisd vanuit een veilig buurland als Libanon of Turkije, dus waren het dan wel vluchtelingen?

Last
En daar bleef de discussie hangen, precies aan de rand van het gebied waar het eigenlijk over moet gaan. Dat gebied waar het vatenbommen van Assad regent en mortiergranaten van IS. En kogels en granaten van talloze andere clubs. Een gebied waar al jaren jongens en meisjes van drie om het leven komen, soms World Press-foto waardig, meestal wat minder toonbaar.

Die oorlog komt steeds minder onze huiskamers binnen. Nog voordat de Syriërs oorlogsmoe kunnen worden, zijn wij dat al.

Nu staan de vluchtelingen uit Syrië wel op de kaart. Blijkbaar moeten we altijd eerst zelf ergens last van krijgen. Of denken te krijgen. Want een mens lijdt het meest van het lijden dat hij vreest, leerde ik van een andere generatie.

Nog voordat de Syriërs oorlogsmoe kunnen worden, zijn wij dat al

Rode lijnen
Juist het feit dat bijna niemand zich nog echt serieus buigt over de oorzaak van die vluchtelingenstroom, over die oorlog, zorgt er voor dat die stroom erger wordt. Veel van die vluchtelingen zaten immers jarenlang in het relatief veilige Libanon of Turkije in een kamp of met velen in een gehuurd appartement, met de gedachte: die oorlog is zo voorbij, de wereld ziet ons, organiseert vredesinitiatieven, ziet rode lijnen en dreigt met ingrijpen, het zal onze tijd wel duren, straks zijn we weer thuis.

Vrijbrief
Maar rode lijnen vervagen, chemische wapens worden ingeleverd in ruil voor een vrijbrief om vatenbommen te mogen gooien op burgers. Het spaargeld om je appartement in Turkije te betalen raakt op en niemand praat nog over vredesinitiatieven. De vluchtelingenstroom is een los fenomeen geworden, een natuurverschijnsel, waarbij je niet hoeft te kijken naar de oorzaak. Zoals je ook niet met de natuur kunt onderhandelen over minder aardbevingen.

Mondjesmaat gebombardeerd
De laatste serieuze poging tot vredesbesprekingen dateert van maar liefst anderhalf jaar geleden. Sindsdien is alles in Syrië verslechterd en heeft zelfs een terreurgroep een eigen staat uitgeroepen, die mondjesmaat wordt gebombardeerd door een anti-IS-coalitie.   We kunnen dus nog heel veel discussies voeren over hoeveel vluchtelingen we moeten opnemen. We kunnen aanmeldcentra in de regio bepleiten zodat die vluchtelingen niet in die onveilige bootjes stappen. We kunnen veilige gebieden bepleiten bínnen Syrië, (als opvang voor vluchtelingen overigens) maar het gaat allemaal voorbij aan het fundamentele feit dat het dan daar nog steeds oorlog blijft. Oorlog. Zo’n – de boel gaat kapot, je bent nergens veilig – oorlog.

Hartverwarmend
Europa zou meer werk moeten maken van de weg naar het einde van die oorlog. Ook al betekent het dat Europa vooral weer andere landen onder druk moet zetten. Landen die allemaal hun favoriete partijen in het conflict sponsoren, met geld en wapens: de VS, Saudi-Arabië, Qatar, Turkije, Rusland, Iran. Stappen in die richting, hoe ingewikkeld ook, zijn zinvoller dan steeds te blijven hangen in ‘het probleem vluchtelingencrisis’.

De vluchtelingen die nu arriveren langs een haag van spandoeken met ‘vluchtelingen welkom’ vinden dat ongetwijfeld hartverwarmend. Net als de speciale televisie-uitzendingen. Maar ik weet zeker na al mijn bezoeken aan Syrië en de buurlanden, dat ze liever overvolle pleinen zien in de hele wereld, menselijke ketens rond regeringsgebouwen of welke taferelen dan ook waar maar één tekst centraal staat: ‘Oorlog in Syrië? De grens bereikt.’ 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Hans Jaap Melissen is een oorlogsjournalist, schrijver en spreker. Hij werkt onder andere voor de NOS. In 2012 werd hij verkozen tot …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief