Toen hevige neerslag in 2012 voor bijna 20 miljoen dollar schade veroorzaakte in Diego Martin, in westelijk Trinidad, was noodhulp snel ter plaatse voor mensen die hun huis kwijtgeraakt waren. Nog geen twee weken later overstroomde Diego Martin echter opnieuw, nu als gevolg van een tropische storm. Het Rode Kruis op Trinidad (TTRCS) stelt in het rapport Green Response: A Country Study, dat deze tweede overstroming deels een gevolg kan zijn geweest van de verstopping van waterwegen, veroorzaakt door plastic (water)flessen, plastic bestek en andere niet-afbreekbare spullen die gebruikt zijn bij de hulpverlening.

Direct na de ramp functioneerde de vuilophaaldienst maar beperkt. “Het gebruik van ecologisch verantwoorde, afbreekbare materialen had wellicht het overstromingsgevaar kunnen beperken”, stelt het TTRCS.

Als al deze tenten zijn weggegooid op stortplaatsen zouden er 50.000 bomen nodig zijn geweest om de CO2-uitstoot te compenseren

Ook na de aardbeving in 2010 op Haïti, die tweehonderdduizend levens kostte, was er sprake van milieuproblemen bij de hulpverlening. Er werden tienduizenden niet-afbreekbare, waterafstotende tenten verspreid. Deze tenten moesten om de paar maanden vervangen worden. Als al deze tenten zijn weggegooid op stortplaatsen, stelt het Internationale Rode Kruis (IFRC) in een rapport, zouden er 50.000 bomen nodig zijn geweest om de CO2-uitstoot te compenseren.

Verpakkingsmateriaal
De milieuproblematiek staat ook op de agenda bij het Internationale Rode Kruis, dat er in een rapport op wijst dat hulporganisaties zich momenteel bezinnen op klimaatrisico’s en werken aan maatregelen om de schade aan het milieu tijdens hun werk zo klein mogelijk te houden.

“De hoofdzaak is om manieren te vinden waarop activiteiten van hulpverleners minimale gevolgen hebben voor het milieu”, zegt George Nicholson, directeur Transport en Rampenrisicoreductie bij de Associatie van Caraïbische Staten (ACS).

Vergroenen van noodhulp
Stephan Kishore van het TTRCS zegt dat het vergroenen van noodhulp kan door lokaal geproduceerde hulpgoederen te gebruiken, zodat de ecologische voetafdruk kleiner wordt. Goederen hoeven dan immers niet meer verscheept te worden vanuit China, waar de meeste producten vandaan komen.

Ook eenvoudige procedures als het gebruik van papier, doeken of emmers – in plaats van plastic – om hulpgoederen zoals zeep te verpakken helpt mee. Deze producten zouden ook in grotere hoeveelheden verpakt kunnen worden, en niet per stuk.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief