Wie zijn de ISIS-strijders eigenlijk? Waarom gebruiken ze zulke extreme vormen van geweld? En in hoeverre steunt de bevolking in Irak en Syrië hen? Dr. Uğur Ümit Üngör (Universiteit Utrecht en NIOD) las voor OneWorld Crisis drie boeken over ISIS en zet uiteen waarom  je ze wel of niet moet openslaan.

  • Patrick Cockburn, The Rise of Islamic State: ISIS and the New Sunni Revolution (London: Verso, 2015).
  • Michael Weiss & Hassan Hassan, ISIS: Inside the Army of Terror (New York: Simon & Schuster, 2015).
  • Hans Jaap Melissen, IS – Tot alles in staat: De opmars van een terreurbeweging (Amsterdam: Carrera, 2015).

De opmars van de politieke beweging Islamitische Staat in Irak en Syrië (ISIS), ook wel ISIL of IS, heeft in de afgelopen twee jaar voor een navenante groei aan media-aandacht gezorgd. De militaire successen in Syrië en Irak, propaganda via sociale media en toestroom van buitenlandse jihadisten zijn onderwerp geweest van talloze lezingen, krantenartikelen en conferenties. Drie boeken die uitvoerig stilstaan bij deze beweging proberen, met wisselend succes, verschillende aspecten van ISIS te analyseren en verklaren.

De Giftige combinatie
Het boek The Rise of Islamic State: ISIS and the New Sunni Revolution van de oudgediende Britse journalist Patrick Cockburn is meer een overzichtsessay dan een op grondig veldonderzoek gebaseerd werk over ISIS. In tegenstelling tot Melissen, die gewone Syriërs en Irakezen veel aan het woord laat, vat Cockburn beleidsnotities samen, interpreteert ideologieën, en speculeert af en toe over de internationale politiek tegenover ISIS.

Het is een toegankelijk geschreven boek dat vooral veel analyse biedt over de Iraakse staat en samenleving. Cockburn bespreekt de alomtegenwoordige corruptie, sektarische angst, het autoritaire bestuur, de economische hopeloosheid, en wijdverspreide disaffectie tegenover de binnen- en buitenlandse politiek. Kortom, de giftige combinatie van factoren die een beweging als ISIS mogelijk heeft gemaakt.

Cockburn bespreekt de giftige combinatie van factoren die een beweging als ISIS mogelijk heeft gemaakt.

Maar Cockburn bediscussieert Syrië veel minder en is kritischer tegenover soennitisch sektarisme dan sjiïtisch sektarisme. Ook biedt dit boek geen fundamenteel nieuwe inzichten of origineel materiaal over ISIS, en baseert het zich vooral op verslagen van mede-journalisten of blogs die hij nergens expliciet citeert. Het boek komt daardoor vrij haastig geschreven en inhoudelijk zwakker over dan de andere twee boeken.

Cockburn is het sterkst in zijn bespreking van internationale ontwikkelingen, zoals de verspreiding van sektarische wahhabitische propaganda uit de Golfregio, de mislukte Amerikaanse ‘war on terror’ en de regionale koude oorlog tussen het sjiïtische Iran en het soennitische Saudi-Arabië.

Helder en onverschrokken
De onverschrokken journalist Hans Jaap Melissen reisde de slagvelden van ISIS tegemoet en ontsnapt zelf aan het gruwelijke lot dat zijn collega’s James Foley en Steven Sotloff overkwam. Zijn boek IS – Tot alles in staat: De opmars van een terreurbeweging bestaat uit drie delen: de Amerikaanse inval in Irak, de opstand in Syrië, en de oprichting van ISIS.

In deel 1 gaat Melissen in op de voorloper van ISIS, namelijk Al-Qaeda in Irak, dat de methoden van ISIS heeft ingevoerd. Melissen legt goed uit hoe de Amerikaanse invasie en de nieuwe Iraakse regering de soennitische bevolkingsgroep collectief in de knel bracht door ze te marginaliseren en discrimineren. Een cruciale voedingsbodem voor ISIS.

Een aantal van Melissens conclusies en observaties zijn uiterst belangrijk.

In deel 2 trekt Melissen de Turks-Syrische grens over om in een reeks bezoeken tussen 2012 en 2014 verslag te doen van de Syrische opstand tegen Assad. Hij spreekt uitvoerig met jongelui die eerst beginnen met vreedzaam demonstreren, dan uit een wanhopige verdedigingsmanoeuvre de wapens opnemen en langzaam radicaliseren tot geharde rebellen. Die radicalisering ontstaat door verschillende factoren: het aanhoudende geweld, frustratie over de vastzittende strijd tegen Assad, door psychologisch steeds meer houvast te zoeken in de godsdienst, door de verscherpende concurrentie tussen rebellengroepen en door de criminalisering van het conflict.

Irak: geweld 'gewoon'
Deel 3 richt zich weer op Irak, waar de angsten en denkbeelden van de Irakezen scherp in beeld worden gebracht. Veel Irakezen die Melissen spreekt zijn, uit ervaring, over alle politici negatief: Saddam Hoessein, de Amerikanen, Al-Qaeda/ISIS, Nuri al-Maliki, de Iraniërs, enzovoort. Irakezen hebben al zoveel generaties geweld meegemaakt, dat het een ‘normaal’ onderdeel van hun leven is geworden. Het meest indrukwekkende verhaal is dat van een Syrisch-Koerdische sociologie-studente uit het noordoosten, die onderweg uit Damascus werd ontvoerd en de onthoofding van een mede-studente moest aanzien.

Melissen: “er gaapt een groot gat tussen conservatief en extremistisch”

Melissens boek bevat soms vreemd taalgebruik of een lelijke bladspiegel, maar over het algemeen is dit een zeer leesbaar boek. In de conclusie analyseert Melissen helder de ideologische en sociologische drijfveren van ISIS-leden. Een aantal conclusies en observaties zijn uiterst belangrijk. Melissen ontmoet in de eerste twee jaar van de opstand vrijwel geen buitenlandse jihadisten, en hoort van veel Syriërs juist sterke afkeur tegen hen. Voorts ontwaart hij een cruciale onderscheiding: ook al wordt het Syrische platteland gemiddeld genomen bevolkt door conservatieve, soennitische moslims, “er gaapt een groot gat tussen conservatief en extremistisch” (p.129).

Gedegen onderzoek
Het meest meeslepende en diepgravende boek is de gezamenlijke studie van de journalisten Michael Weiss en Hassan Hassan. Op basis van interviews met directe betrokkenen en Arabische bronnen, schetsen zijn uitvoerig en gedegen een complex beeld van ISIS.

Hun boek ISIS: Inside the Army of Terror begint met een professionele biografie van de Jordaanse ex-crimineel Abu Musab al-Zarqawi, de geestesvader van al-Qaeda in Irak, wiens leven in het teken stond van geweld. Hij begon als kleine misdadiger in Jordanië, stapte later over op de gewelddadige jihad, en werd berucht door gevangenen op video te onthoofden, en zonder onderscheid de Iraakse sjiïtische gemeenschap aan te vallen. De buitengewoon destructieve burgeroorlog die hierdoor ontstond in Irak ligt ten grondslag aan zowel de opkomst, ontwikkeling, als wreedheid van ISIS later.

De typologie van ISIS-leden: groentjes, onderdrukte minderheden, ex-gevangenen, kat-uit-de-boom-kijkers, pragmatici, opportunisten, en buitenlanders

 

Sterker nog, in de eerste helft van het boek komt Syrië vrijwel niet aan bod, en bespreken de auteurs het verzet van de soennitische stammen tegen Al-Qaeda, de politieke biografie van Abu Bakr al-Baghdadi (nu leider van ISIS en zelfbenoemde kalief), en de transformatie van veel voormalige Ba’ath-partijleden in harde islamisten. Wanneer het schrijversduo wel ingaat op Syrië, beschrijven zij geduldig en overtuigend hoe een vreedzame opstand in dat land eerst bruut werd onderdrukt (door Assad), dan in de steek werd gelaten (door het westen), en tot slot werd gekaapt (door islamisten).

In hoofdstuk 10 schetsen de auteurs een bij uitstek interessante typologie van ISIS-leden: groentjes, onderdrukte minderheden, ex-gevangenen, kat-uit-de-boom-kijkers, pragmatici, opportunisten, en buitenlanders. De bespreking van het conflict tussen Jabhat al-Nusra en ISIS illustreert goed de verhoudingen tussen de verschillende soorten jihad. Weiss en Hassan richten zich zeer diep op de Iraakse en Syrische samenlevingen en er komen dan ook een duizelingwekkende reeks namen langs.

De wortels van de problemen 

liggen in Syrië en Irak zelf.

Conclusie
Al met al zijn deze drie boeken nuttige bijdragen tot het ISIS-debat, dat nog lang niet is afgerond. De conclusies van de verschillende auteurs komt grotendeels overeen en zou daarom serieus moeten worden genomen: het fenomeen ISIS is goeddeels het resultaat van een diepe crisis in de staatsvorming van zowel Irak als Syrië. De corrupte, gewelddadige, en sektarische regimes van Nuri al-Maliki en Bashar al-Assad hebben de marginalisering van zowel de soennitische minderheid in Irak, als de soennitische meerderheid in Syrië teweeggebracht. Ondanks de betrokkenheid van westerse landen, regionale grootmachten en jihadisten, liggen de wortels van de problemen in Syrië en Irak zelf.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Uğur Ümit Üngör is als Universitair hoofddocent verbonden aan de faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit Utrecht en als …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief