Het is koud en donker onder de kerstboom in Lahore. Overdag valt wel twintig keer de stroom uit waardoor de lampjes in de boom nauwelijks branden. Met dikke truien zitten we in de koude, ongezellige kamers door ook nog eens een gebrek aan gas. De jaarwisseling zal er niet beter op worden. Vannacht is er een opnieuw een gasleiding in de provincie Punjab door vermoedelijk militanten opgeblazen. De familie bij wie ik logeer moppert. De kok komt klagen dat hij zelfs niet genoeg brandstof in de keuken heeft om een kopje chai (thee) te maken.

De Pakistaanse middenklasse voelt zich voor het eerst aangetast. De overstromingen van het afgelopen jaar troffen slechts de armen. Net zoals de alsmaar stijgende prijzen van basismiddelen zoals suiker, meel en olie door de elite nog steeds vielen op te brengen. Nu klaagt iedere Pakistaan over de kou en het tekort aan elektriciteit.

President Zardari en zijn Pakistaanse Volkspartij (PPP), die tot voor kort nog goed lag bij de elite, want die pikte een graantje mee bij de verdeling van de internationale hulpgelden en belasting betalen hoefde ze toch niet, verwijt de regering nu dat ze corrupt is en een wanbeleid voert. ‘De rivieren stromen over. Er is water genoeg om elektriciteit voor het hele land op te wekken, maar door de hopeloze politieke ruzies komt de bouw van dammen in de rivieren maar niet van de grond’, legt mijn Pakistaanse gastheer uit. Zelf is hij een hoge regeringsambtenaar die zich jarenlang afzijdig hield van politiek en liever zijn vrije tijd doorbracht in de elitaire Gymkhanaclub van Lahore.

Zwijgende meerderheid
Maar de familie in de gegoede buurt van de Pakistaanse culturele hoofdstad heeft schoon genoeg van Zardari en zijn eveneens corrupte politieke vrienden. ‘Het wordt tijd dat we de straat op gaan en deze maffia naar huis sturen’, klinkt het dapper uit de mond van de zoon van de heer des huizes. Deze student bedrijfskunde geeft eerlijk toe dat ook hij behoorde tot de zwijgende meerderheid, zoals de Pakistaanse jongeren worden genoemd. Ze vormen samen de grootste bevolkingsgroep, maar trekken hun mond in het openbaar niet open. ‘Deels uit politieke onverschilligheid en deels uit angst voor afrekeningen van de Taliban’, verklaart de zoon.

Samen met zijn vader overweegt hij politiek actief te worden. Ze hebben hun kaarten gezet op de gematigde moslimpartij van de voormalige captain van het nationale cricketteam Imran Khan. De flamboyante cricketster die zijn land ooit aan de wereldcup hielp, maar met zijn politieke partij niet verder kwam dan een zetel. Khan die bekend staat om zijn schone handen, hij is de enige politicus die geen bezittingen in het buitenland heeft, is de nieuwe hoop geworden voor de Pakistanen, of ze nu arm zijn of rijk. Op de televisie, die het even doet, kijken we die avond naar een massabijeenkomst van Khan die het volk belooft in 90 dagen een einde aan de corruptie te maken als hij aan de macht komt en buitenlandse investeerders zal aantrekken die de economie op gang moeten helpen.

Feestregels
Vader en zoon vormen geen uitzondering merk ik ’s avonds op een bruiloft in de stad. Dames in bont gekleurde sari’s, volgehangen met sierraden en mannen in de traditionele salwar kameez prijzen bijna allemaal Imran Khan als de nieuwe leider van Pakistan de hemel in. Maar voordat ik het weet is het feest al weer voorbij. Om negen uur komt het eten op tafel, tot mijn grote teleurstelling maar een dis en een toetje. Klokslag tien uur gaat het licht uit. ‘Overheidsbeleid vanwege het tekort aan elektriciteit’, legt mijn gastheer uit. Voor de inwoners van Lahore die bekend staan om hun uitbundige feesten is het nieuwe reglement voor bruiloften en partijen de zwaarste straf die ze kan overkomen. ‘Blijft Imran Khan de nieuwe hoop ook als hij deze strenge feestregels niet opheft’, vraag ik om te sarren aan een schitterend opgemaakte dame. Omstanders bezweren mij dat Pakistan aan de vooravond staat van een revolutie. Over twee maanden breekt de lente uit en dan maar hopen dat de elite haar belofte voor een omwenteling waarmaakt. 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief