De eindredacteur van YNaija, de Nigeriaanse site waar deze blog in Engelstalige vorm verschijnt, maakt zich zorgen over mijn geestelijke gezondheid. Na een paar nogal expliciete commentaren – Nigerianen zijn online praatgrager dan Nederlanders – stuurt ze me een e-mail om te informeren of ik het nog wel trek allemaal. Vooral de tekst die me uitmaakt voor ‘idioot blank mens‘ doet haar vrezen voor mijn ego. Ik waardeer haar betrokkenheid, maar schrijf terug dat er wat mij betreft niets aan de hand is. Ik acht het betreffende commentaar juist verfrissend. In Nigeria word ik achter mijn rug vast wel eens uitgemaakt voor ‘idioot blank mens’. Liever heb ik dat ze het in mijn gezicht zeggen. Dan kan ik het gesprek aangaan.

Vorig jaar deed ik verslag van een literaire workshop in Lagos. Als journalist en schrijver vond ik het een buitenkans, omdat ik dacht er gelijkgestemde zielen te vinden. Maar al heel snel had ik door dat lang niet alle deelnemers er zo over dachten. Ze negeerden me of deden alsof ze mijn vragen niet hoorden. Niet eerder in mijn journalistieke bestaan heb ik me tijdens mijn werk zo ongemakkelijk gevoeld.

Hun stille animositeit werd uitgelegd door een meer communicatieve deelnemer – die waren er gelukkig ook genoeg. Ze had van doen met het feit dat ik een blanke journalist was, en met het vertoog onder Afrikaanse intellectuelen over de manier waarop het continent wordt geportretteerd in de Westerse media. Ze namen aanstoot aan mij omdat ze ervan uitgingen dat ik weer een van die Westerse journalisten was die leefde van Afrika’s zielige verhalen. Wetende dat er zat blanke journalisten in Afrika rondwaren die aan dit profiel voldoen, kon ik het ze niet eens kwalijk nemen.

Het probleem was dat ik me niet tegen hun oordeel kon verdedigen, omdat het niet openlijk werd geveld. Ik kon ze niet vertellen dat ik het deels met hun analyse van de Westerse media eens was of dat ik me heb verzet tegen de zieligheidsfactor vanaf het moment dat ik tien jaar geleden door Sub-Sahara Afrika begon te reizen. Noch kon ik ze uitleggen dat ik ook How To Write about Africa heb gelezen en dat ik het satirische stuk van Binyavanga Wainana als huiswerk opdraag bij elk college journalistiek dat ik geef in Nederland.

Wij Nederlanders worden vaak gezien als uitzonderlijk lomp. We zeggen hardop wat de meeste wereldburgers liever onvermeld laten en groeten nauwelijks als iemand de telefoon opneemt, laat staat dat we informeren naar zijn familie, maar komen in een nanoseconde ter zake. Als we in het buitenland zaken willen doen, hebben we training nodig om te voorkomen dat we onze economische kansen ruïneren door er onacceptabel bot en direct over te zijn.

Grappig hoe ik, komende uit zo’n cultuur, besloot te verhuizen naar een land als Nigeria waar kritiek iets is dat je tussen de regels door moet lezen. Waar ‘subbing‘ – mensen bekritiseren in geschreven vorm zonder hun naam te noemen – is verheven tot een hogere kunstvorm en waar zelfs boeken met volkomen waargebeurde inhoud worden gepresenteerd als fictie om directe confrontatie te voorkomen (en rechtszaken).

Ik zal eraan moeten wennen tussen de regels door te lezen en te accepteren dat wat Westerse psychologen misschien ‘passief agressief’ noemen, in de Afrikaanse context simpelweg beleefd gedrag is. Ook moet ik een manier vinden hierop te reageren. Maar ik hoop evengoed dat iemand me af en toe in mijn gezicht uitmaakt voor ‘idioot blank mens’, en uitlegt waarom.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Femke van Zeijl woont en werkt als freelance correspondent in Lagos, Nigeria. Zij is de enige Nederlandstalige journalist gevestigd in …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief