Marit de Looijer deed recentelijk onderzoek in Libanon en vraagt zich af: als iedereen in Libanon op de een of andere manier politiek betrokken is, willen internationale hulporganisaties dan wel samenwerken met plaatselijke, 'gekleurde' NGO's? 

Ik zit in de deuropening van de kazerne als hij komt aanrijden op zijn grote, witte motor. Geen helm op z’n hoofd, wel een enorme grijns. Abu Kassem is een graag geziene gast hier bij de 'civil defense', een eerste hulp-brigade waarvan er dertien in de regio zijn. De 32-jarige Libanees heeft tassen vol kleding bij zich, die mensen aan hem gedoneerd hebben. Hij gaat ze straks rondbrengen bij families die het moeilijk hebben, zowel Syriërs als Libanezen als Palestijnen uit het nabijgelegen kamp.

Er zijn steeds meer Libanezen die bij de hulppost aankloppen

Na de gebruikelijke hartelijkheden drinken we een pot mierzoete thee. We zijn in Borj Ech-Chemali, een klein Sjiitisch dorp aan de rand van Tyre in Zuid-Libanon. Het ligt iets meer dan honderd kilometer ten zuiden van de hoofdstad Beiroet, wat in dit land betekent dat de centrale overheid zich weinig laat zien. Het dorp heeft veel meegemaakt, van oorlogen met Israël en problemen met Palestijnse vluchtelingen tot de huidige toestroom van Syriërs.

Eerste hulppost
Abu Kassems 'civil defense' vervult een belangrijke maatschappelijke rol in Borj Ech-Chemali. Het is een niet-gewapende eerste hulppost. Officieel dan, want het is niet ongebruikelijk dat vrijwilligers hier een privé-wapen dragen. Inwoners uit de buurt komen naar de kazerne voor medische behandelingen, maar ook wanneer een nieuwe Syrische familie arriveert of als er wat aan de hand is in het nabij gelegen Palestijnse vluchtelingenkamp.

Abu Kassem is dag en nacht bereikbaar en leidde tot voorkort de 'civil defense'. Iedereen die bij de organisatie actief is, doet dit op vrijwillige basis. “Niemand hier krijgt betaalt”, vertelt Abu Kassem “Sterker nog, de meesten leggen geld in om medicijnen of andere benodigdheden te kopen.”

Abu Kassem (links) in Borj Ech-Chemali, Libanon. Foto: Marit de Looijer (cc)  

Steeds meer vluchtelingen
In Borj Ech-Chemali zijn steeds meer mensen die de hulp van de 'civil defense' nodig hebben. Allereerst staan inmiddels 2783 Syrische vluchtelingen geregistreerd, die zich hebben toegevoegd aan een gemeente met ongeveer 23.000 inwoners. Ook zijn er steeds meer Libanezen die bij de hulppost aankloppen. Door de slechte economische situatie in Libanon, zijn velen hun baan en inkomen kwijtgeraakt.

Dat maakt het werk van de civil defense soms lastig.  “We helpen iedereen. Dat is ons principe”, zegt Abu Kassem standvastig. “Maar je kunt je eigen gemeenschap niet laten zitten. We doen ons best, maar we kunnen de druk bijna niet meer aan. Mensen die we eerst om donaties vroegen, hebben die nu zelf hard nodig. Hopelijk komen we niet op het punt dat we moeten kiezen wie we helpen en wie niet.”

Politieke kleur
Wat het werk van de 'civil defense' nog lastiger maakt, is dat de organisatie geen steun krijgt van de internationale hulpgemeenschap. De 'civil defense' wordt geleid door belangrijke mensen binnen Hezbollah of Amal, de twee sjiitische bewegingen van Libanon. Dit kleurt de organisatie: het is niet alleen een eerste hulppost, het functioneert ook als rekruteringsmechanisme. Jonge jongens sluiten zich aan bij de 'civil defense', om op latere leeftijd zich politiek – en soms militair – actief in te zetten voor Hezbollah en Amal.

Hezbollah Hezbollah is een sjiitische politieke partij en militante groepering ontstaan in zuid-Libanon, waar zij veel aanhangers hebben door het verzet tegen Israël. Hun positie is internationaal omstreden. Hezbollah wordt door verschillende westerse overheden, waaronder Nederland, wordt de militante beweging aangemerkt als terroristisch, vanwege verschillende aanslagen in het buitenland. De politieke tak wordt gezien als legitiem. Momenteel vecht Hezbollah in Syrië aan de zijde van het regime van Assad.

 

 

Amal-bewegingDe Amal-beweging heeft één zetel meer in het parlement dan Hezbollah. Amal is opgericht tijdens de Libanese Burgeroorlog (1975-1990) door Imam Musa al-Sadr, wiens voornaamste standpunt was dat alle Libanezen één volk zijn en elkaar niet moeten bestrijden langs sektarische lijnen. In de jaren zeventig verdween hij onder mysterieuze omstandigheden. De achterban van Amal bestaat voornamelijk uit gemarginaliseerde sjiitische Libanezen uit Zuid-Libanon en de zuidelijke buitenwijken van Beiroet.

“Veel vrijwilligers waren bang dat internationale NGOs hen geen hulpgoederen meer willen geven, omdat de 'civil defense' een politieke achterban heeft en dus niet neutraal is”,  zeg Abu Kassem. Dat bleek ook zo te zijn. “Partners van UNHCR willen eigenlijk niet met ons samenwerken. Ze vinden het te moeilijk om in Europa uit te leggen dat ze met mensen samenwerken die ook een politieke partij steunen. Terwijl we goed werk doen. Tijdelijk kregen we steun van een Noorse organisatie die de dynamiek in Libanon wel begreep, maar het hoofdkantoor wilde dat zij neutraliteit garandeerden. We hebben ze nooit meer gezien”.

Zonder steun van buitenaf kan de gemeenschap niet voldoen aan de huidige hulpvraag van Syriërs als de Libanezen. Dit zorgt voor veel spanningen, omdat de Syriërs voorlopig nog niet terug kunnen naar hun thuisland – en wellicht voor altijd zullen blijven.

Te politiek?
Zelf ziet Abu Kassem het politieke karakter van de 'civil defense' niet als een belemmering van de humanitaire principes. “Wij, de vrijwilligers, zijn niet bezig met politiek als we hulp verlenen. We helpen gewoon iedereen die het niet alleen kan redden, ongeacht hun afkomst. En daar kunnen we wel wat extra handen bij gebruiken.”

Wat zijn humanitaire principes?"Humanitaire hulp wordt gedreven door principes van 

onafhankelijkheid, neutraliteit en onpartijdigheid. Noodhulp is dus wars van politiek, behandelt iedereen gelijk en kiest geen partij. In oorlogssituaties kan een hulpverlener niet gezien worden als partijdig zonder zelf doelwit te worden van geweld. En om toegang te onderhandelen tot mensen in nood moeten hulpverleners boven alle verdenking en partijen staan", aldus Thea Hilhorst (professor Humanitaire Hulp en Wederopbouw).

Terwijl ik achterin een gammel busje over de snelweg terug naar Beirut rijdt, denk ik na over wat ik in Borj ech-Chemali heb gehoord en gezien. Dat de 'civil defense' een hulppost is met een politieke kleur, is geen uitzondering in Libanon. Hier is vrijwel alles en iedereen gelieerd aan een politieke beweging. 

Alles en iedereen is in Libanon op de een of andere manier politiek betrokken

Juist nu de uitdaging om alle vluchtelingen te bereiken zo groot is en ook de Libanese samenleving zelf hulp nodig heeft, is het belangrijk dat internationale NGOs – zoals de UNHCR en partners – niet angstvallig blijven vasthouden aan neutraliteit. Dat ze niet angstig blijven voor politiek. Want neutraliteit is simpelweg onmogelijk in Libanon: alles en iedereen is in Libanon op de een of andere manier politiek betrokken. Doe je dat als internationale NGO's wel, dan lopen we het risico een system te creëren dat volledig parallel loopt aan bestaande, plaatselijke structuren. Kortom, hulporganisaties, werk samen met plaatselijke organisaties in plaats van op je eigen eiland te blijven opereren.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Marit de Loojer zit momenteel voor een onderzoeksstage in Libanon. Ze neemt daar onder andere de vluchtelingenhuisvesting onder loep.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief