De terreur van vorige week in Brussel heeft de wereld weer opgeschrikt. Net als na de aanslagen in Parijs bevestigen Europese politiek leiders dat we in oorlog zijn met het terrorisme. Hoewel het menselijk is om na een aanslag in een verdedigingsmodus te schieten, en dit ook de strategie van ‘Het Westen’ geweest is sinds de aanslagen van 9/11, lijkt het nu onvermijdelijk te concluderen dat The War on Terror niet de oplossing is voor terrorisme. Dit is ook wat Jan Gruiters in zijn artikel 'De oorlog tegen het terrorisme is mislukt' concludeert. Door constant te spreken over een oorlog tegen terroristen wek je de illusie dat terrorisme door oorlogsvoering verslagen kan worden.  

Geen conventionele oorlog     

Een oorlog tegen het terrorisme impliceert dat een land vecht tegen iets tastbaars; een leger, of een land. Maar de strijd tegen het terrorisme is geen conventionele oorlog tussen twee landen: het is een strijd tegen radicale ideeën, tegen mensen die door middel van geweld hun ideeën duidelijk willen maken en samenlevingen willen ontwrichten. Die mensen zijn soms georganiseerd in groepen als Al-Qaeda of IS, maar vaak ook niet. Traditionele oorlogsvoering maakt het mogelijk om personen in terroristische organisaties te raken, maar het probleem van terrorisme los je er niet mee op: ideeën bombardeer je niet weg. Daarom is het maar zeer de vraag of oorlogsretoriek de juiste respons is tegen terrorisme.

Ideeën bombardeer je niet weg

Een ‘logische’ reactie

Sterker nog, de aanslagen in Brussel zijn op weg het effect teweeg te brengen wat de aanslagplegers voor ogen hadden: angst en verdeeldheid in Europa. Regeringsleiders in Europa zullen koste wat het kost de veiligheid in eigen land willen vergroten. In de praktijk zal dit zich vertalen in meer veiligheidsmaatregelen, waarvan waarschijnlijk de meest zichtbare de aanwezigheid van meer politie en soldaten zullen zijn bij strategische doelen als treinstations en luchthavens. Hoewel deze reactie op het eerste gezicht een logische lijkt, leidt het tot oversimplificatie van het probleem en creëert het een schijnveiligheid. Op korte termijn zal het bijdragen aan het gevoel van veiligheid onder de bevolking, maar het hoofddoel, aanslagen voorkomen, wordt er niet mee bereikt.

De harde hand en oorlogsretoriek kunnen leiden tot generalisering

Echter, hoe harder en repressiever er wordt opgetreden tegen terrorisme, hoe krachtiger de tegenreactie lijkt. Het creëert een vicieuze cirkel. Door enkel met harde hand op te treden wordt radicalisering niet voorkomen maar wordt het misschien zelfs in de hand gewerkt. De harde hand en oorlogsretoriek kunnen leiden tot generalisering, waarbij alle moslims over één kam geschoren worden. Als gevolg voelen vele jongeren met een islamitische achtergrond zich achtergesteld, wat kan leiden tot vervreemding. Het gevolg is een gevoel van marginalisering en vervreemding bij vele jongeren met een islamitische achtergrond. Juist dit gevoel moet voorkomen worden omdat het heeft bijgedragen aan de radicalisering van de aanslagplegers in Parijs.

Daarbij compromitteren de harde maatregelen die Europese landen nu nemen als respons op terrorisme, zoals het sluiten van de grenzen tussen Schengenlanden, de normen en waarden die ten grondslag liggen aan Europa, zoals vrijheid en openheid.

De verantwoordelijkheid van de burger

Na de aanslagen in Brussel is het belangrijk dat Europa nuchter blijft omgaan met de veiligheidsrisico’s. Hoewel we graag anders geloven, bestaat een absoluut veilige samenleving niet. Het aandeel van de overheid is, na een aanslag, het nemen van extra veiligheidsmaatregelen, maar uiteindelijk moeten ook de burgers verantwoordelijkheid nemen in het behouden van een tolerante samenleving. Op deze manier kunnen polarisatie en radicalisering voorkomen worden. Zonder de participatie van de burger blijven we steken op een schijnveilige samenleving waarin slechts de symptomen van het probleem, terrorisme, worden aangepakt.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Floortje Rawee studeerde Internationale Betrekkingen, internationaal recht en internationaal conflict aan University College …
Bezoek auteurspagina
670

Over de auteur

Maarten Visser (1991) volgt de master Internationale Betrekkingen in Amsterdam en loopt stage bij de Tweede Kamer in …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief