Het Sweet en Meat feest zou ik Ramadan in Indonesië willen noemen. In de supermarkt bij mij om de hoek is bijna een derde van de winkel vrijgemaakt voor enorme dozen luxe koekjes en chocolade. Terwijl de prijzen er niet om liegen. De kopers graaien alsof hun leven ervan afhangt en ieder moment de zoetigheid wel eens op kan zijn.
Bij de kip- en vleesafdeling staan de slagers met zweet op hun hoofd als gekken in te hakken op geslachte kippen en enorme bonken rauw vlees. Alsof er ieder moment een kudde hongerige leeuwen de winkel zal binnenvallen. De slagers zijn zo druk dat er zelfs geen tijd is de plassen bloed op de grond op te ruimen. Vlees is duur, erg duur. Vijf euro voor een pond. Een van de klanten vond dat blijkbaar ook. Nonchalant had die de zak vlees inclusief het bloed tot mijn grote schrik op een bos wortelen op de groente afdeling achtergelaten.

In de vuilnisbak
Zowel de groente als het vlees kunnen niet meer geconsumeerd worden. Terwijl de geest van ramadan juist is dat je geen koe, ook al is het slechts een kilo, of een bos wortelen mag verkwisten. Niet alleen het vlees en de wortelen waren verspild, maar alle natuurlijke bronnen die je nodig hebt om vlees en groente te produceren; water, voedsel voor het beest, de menselijke arbeid, brandstof om het geslachte vlees en de wortelen naar de supermarkt te brengen. Nu belandden de zak vlees en de groente in de vuilnisbak.
Het doel van Ramadan, zo heb ik me herhaaldelijk laten uitleggen, is om jezelf van binnen te reinigen. Een sobere, meditatieve maand waarin een moslim zich juist niet door allerlei eet- en drinkimpulsen laat afleiden. Laat staan door duur vlees of luxe koekjes. Je staat weer eens even stil bij het feit dat voedsel niet vanzelfsprekend is. Dat er hongerige mensen op de wereld zijn. Door onthouding begrijp je wat je arme medemens het hele jaar meemaakt.

Apart zakje
Niet alleen de voedselverspilling ergert Indonesische milieuactivisten. Op de pagina ingezonden brieven van een krant las ik ook de verkwisting van al het extra verpakkingsmateriaal dat deze maand voor de stapels eten gebruikt moet worden. Luxe koekjes of broodjes liggen elk in een apart zakje verpakt. Groente op de markt gaat niet meer in een krant. Plastic doosjes, zelfs voor nog geen honderd gram sperziebonen, worden gebruikt. “Hoe meer plastic dozen, plastic zakken en ander plasticverpakkingsmateriaal ik deze Ramadan mijn huishouden weet binnen te slepen, hoe luxer mijn vastenmaand moet zijn”, probeert een cynische milieuactivist de gedachten van een consument te beschrijven. Voor hem is Ramadan ook even stil staan bij het milieu, je natuurlijke omgeving, die je in leven houdt en waar je respectvol mee dient om te gaan.

Ontbering
Ramadan, zo luidt het pleidooi van bewuste Indonesiërs, is weer even teruggaan naar je zelf. Stil staan bij wat je hebt. Dat bijzondere gevoel bereik je door slechts te consumeren wat je die dag echt nodig hebt om te overleven. Samen met je geliefden.
Daarna mag je weer eten en drinken wat je wilt en gooi je de lege plastic zak gewoon weer uit je auto? Zelfs kinderen op schoolreisje zag ik vorige week hun lege zakken uit het raam van de bus gooien. De meester moest om mijn verschrikte gezicht lachen.

“Ramadan is al lang niet meer de vastenmaand zoals ik het als kind kende”, probeert een vriendin voorzichtig mijn vraag te beantwoorden. Ze verwijst me door naar kerstfeest in Nederland. Elk jaar andere ballen aan de boom. Een kaasfondue, het hoogtepunt voor ons als kind, is tegenwoordig kleinburgerlijk. Stapels verpakt voedsel liggen net zo goed in Nederland in de winkels. “Ok, Ramadan is niet meer zoals het hoort. Maar overdag bestaat in ieder geval nog wel even een aantal uren die ontbering. Zeker in de Tropen besef je dan wat dorst is”.
Ze zou willen dat er meer discussie in de media was over voedselverspilling en de brasfeestjes tijdens Ramadan. Maar ze vreest dat weinig Indonesiërs voor een kritisch debat open staan. “Dan regent het ingezonden brieven en boze telefoontjes. De media krijgen dan het verwijt het feest van Ramadan verknald te hebben.”

 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief