Op de intensive care voor zuigelingen, een kaal, koud zaaltje vol verfloze ijzeren bedden, liggen negen veel te kleine en graatmagere baby’s langzaam te sterven. De moeders proberen de pasgeborenen in leven te houden door ze met een handpompje zuurstof toe te dienen. De baby in de hoek, niet meer dan een skeletje, geeft het als eerste op. Aan de asgrauwe kleur van zijn huid is te zien dat het is overleden.

Erbarmelijk
Kinderarts Jasin legt verontschuldigend uit dat er geen beter beademingsapparatuur voorradig is in dit enige staatskinderziekenhuis in de provincie Punjab waar door gebrek aan financiële middelen momenteel 1200 peuters en zuigelingen de slechts 53 beschikbare bedden moeten delen.

De erbarmelijke toestand in dit kinderziekenhuis bevestigt de harde conclusie van het zojuist gepubliceerde rapport van de internationale kinderorganisatie Save the Children; Pakistan is voor een baby een van de gevaarlijkste landen ter wereld om geboren te worden. Door gebrek aan medische voorzieningen en doordat veel moeders door armoede zijn ondervoed, sterft bijna twintig procent van alle zuigelingen op de eerste dag van de geboorte, het hoogste aantal in Azië.

Overgeleverd
De grootste blaam voor de hoge babysterfte treft de Pakistaanse regering. Terwijl zestig procent van het nationale budget naar Defensie gaat, blijft er een schamele half procent over voor gezondheidzorg en iets meer dan 1,5 % voor onderwijs. Terreuraanslagen van de Taliban en aanverwante militante bewegingen deden internationale hulporganisaties besluiten ‘het gevaarlijkste land ter wereld’ te verlaten. Nederland stopte vanwege bezuinigingen vorig jaar de ontwikkelingsrelatie. De Pakistanen voelen zich aan Allah overgeleverd.

“Kortzichtig beleid”, noemt Aftab Hussein (21) de afwegingen van de internationale gemeenschap om Pakistan links te laten liggen. “Wat is uiteindelijk gevaarlijker voor de stabiliteit van een land? Terreur of armoede?”. Hij woont met zijn zeven broers en zussen in een simpele bakstenen eenkamerwoning in een dorp op twintig minuten rijden van de culturele hoofdstad Lahore. Waar de elite zich vermaakt in de trendy restaurants en chique modehuizen en waar premier Nawaz Sharif  met zijn fly-overs, een overdaad aan bloementuinen en nieuwe snelwegen zijn stempel wil achterlaten. Sharif beweert door de diepe schuldencrisis waarin Pakistan zich bevindt niet meer geld voor gezondheidszorg te hebben.

Dom
Aftab Hussein die als eerste van zijn familie en van het dorp binnenkort naar de universiteit gaat, lacht Sharif cynisch uit. “De rijken betalen nog geen 9% belasting. Ze zouden gedwongen moeten worden hun bijdrage te leveren”. De landheer waar zijn vader voor werkt ontduikt eveneens al jarenlang de belasting. Hij heeft een hekel aan ‘opruiers’ als Aftab. De komst van het dorpsschooltje hield hij zolang mogelijk tegen om zijn ‘slaven’ dom te houden. Een kliniekje is er niet, net zoals kraamvrouwen. Aftabs moeder verloor drie baby’s vlak na hun geboorte.

In het dorp van Aftab Hussein waan je je nog in de middeleeuwen. Landloze boeren werken er als horigen op de landerijen van de machtige feodale landheren. Ieder half jaar na de oogst ontvangen de arbeiders het salaris van nog geen honderdvijftig euro en daarnaast als ‘bonus’ een zak rijst of meel.

Taliban
Ex-premier Yousuf Gilani gaf recent in een interview met deze krant toe dat gezondheidszorg en onderwijs de sleutels zijn om Pakistan te ontwikkelen, en dat het armoedige platteland een broeinest is voor gefrustreerde werkloze jongeren die eenvoudig door de Taliban zijn te ronselen, zoals de terrorist Mohammed Kasab (24). Vanwege zijn aandeel in de Mumbai-aanslagen werd hij vorig jaar in India opgehangen. Kasab groeide op in een dorp niet zo ver van Lahore waar militanten hem ronselden.

Revolutie
Aftab Hussein wil na zijn studie de politiek in om een revolutie te ontketenen in Pakistan. Zijn zonen zullen niet zoals zijn vader en grootvader als landloze boeren voor feodalen werken. Zijn vrouw zal niet zoals zijn moeder vanwege armoede en ondervoeding haar baby’s verschillende keren moeten verliezen.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief