Het moet de meest bizarre verkiezingsslogan uit de geschiedenis zijn: ‘Hij doodde mijn moeder, hij doodde mijn vader, en toch ga ik op hem stemmen.’ Nog gekker: Charles Taylor won met dit geschifte credo de Liberiaanse verkiezingen van 1997, met driekwart van de stemmen nog wel! Fraude dus? Nee, de verkiezingen verliepen volgens waarnemers over het algemeen eerlijk. Hoe Taylor’s overwinning dan wel mogelijk was, daarover is men het nog steeds niet helemaal eens. De beste verklaring lijkt dat stemmers dachten onder Taylor de grootste kans te hebben op vrede en veiligheid.

Even wat achtergrond: Charles Taylor is in het Westen vooral bekend als aanstichter van de eerste Liberiaanse burgeroorlog, die woedde van 1989 tot 1996 en waarin Taylor een rovend, verkrachtend en moordend rebellenleger aanvoerde. Toen dat leger Liberia grotendeels had veroverd werden met internationale hulp de verkiezingen van 1997 uitgeschreven. Met Taylor op het pluche brak daarna al snel de tweede Liberiaanse burgeroorlog uit, terwijl de president tegelijkertijd druk was met het aanzwengelen van een burgeroorlog in buurland Sierra Leone. De Liberiaanse stemmers hadden zich dus ietwat vergist, niet verwonderlijk zou je zeggen gezien het curriculum van hun president. Die vluchtte, militair in het nauw gedreven, in 2003 uiteindelijk naar Nigeria. Dat land leverde hem uit en Taylor belandde in Den Haag, waar er de afgelopen vier jaar een proces tegen hem is gevoerd wegens misdaden tegen de menselijkheid. Het vonnis wordt nog dit jaar verwacht.

De afgelopen weken was ik in Liberia, onder meer om reacties te verzamelen op de zware straf die Taylor waarschijnlijk wacht. En wat bleek tot mijn verbazing? Charles Taylor is voor veel Liberianen vandaag de dag nog steeds een held. “Hij zou zo weer winnen als hij opnieuw aan verkiezingen zou meedoen”, zeggen William Nimely (27) en Josiah Nyema (44), marktkooplui uit de Liberiaanse hoofdstad Monrovia. Allebei zouden ze op Taylor stemmen, en dat heb ik veel meer mensen horen zeggen. “Onder zijn bewind was alles prima in orde”, verklaart Nimely. “Er waren banen. Het leven was goedkoop. Een zak rijst kostte nog geen twintig dollar. Nu is dat vijfenveertig dollar. We overleven nauwelijks.”

“Charles Taylor heeft altijd meer problemen gehad met de internationale gemeenschap dan met Liberianen zelf”, zegt journalist Jonathan Paye-Layleh (48). “De manier waarop hij is behandeld, door Nigeria en door het Westen, draagt bij aan zijn populariteit. Er was hier geen uitbarsting van vreugde toen hij werd gearresteerd, eerder een sfeer van rouw. Veel Liberianen vonden het beledigend om hun voormalige president in handboeien te zien.”

Het deed me allemaal een beetje denken aan de breedgedragen steun die types als Ratko Mladic, Radovan Karadzic en (wijlen) Slobodan Milosevic nog altijd genieten in Servië, of aan de drommen nostalgische communisten die in Rusland nog elk jaar de verjaardag van Stalin vieren. Waar buitenstaanders slechts een oorlogsmisdadiger zien, kijken locals er blijkbaar vaak toch heel anders tegenaan.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief