Tijdens een symposium hoorde ik onlangs over competitie denken en competitiemanagement. Anthony Karam, professor in de economie, zegt dat het ambtenarenapparaat in Suriname 'een sociaal verzorgingssysteem' is . “Wie werkloos is, wordt ambtenaar”, zei hij. Hij heeft gelijk, dacht ik direct.

Twee dagen later was ik aanwezig bij het afscheidsfeest van een afdelingshoofd van een overheidsinstituut. Hier werd ik herinnerd aan Karam’s gelijk. Een van de sprekers roemde als wapenfeit van het scheidend afdelingshoofd, dat hij het samen met dit afdelingshoofd voor elkaar had gekregen dat de werknemers daar tot ambtenaar waren gemaakt. “We zagen dat de jongens kinderen kregen en we wilden ze niet in de kou laten staan. Ik ben er trots op dat ze nu ambtenaar zijn en dat ze zich geen zorgen meer hoeven te maken”, aldus de spreker.

Ongelukkig temidden van bureaucratie en ‘zekerheid’
Ik ken een behoorlijk aantal van deze ‘ jongens’ die inmiddels mannen zijn geworden. Ze klagen steen en been over verminderde productiviteit in hun werk en echt happy zijn ze ook niet meer. Ze zijn nu ambtenaar en hebben een vast salaris en bepaalde voorzieningen, maar zijn minder gelukkig vanwege allerlei verstikkende werkprocedures. Procedures die vooral controle als doel hebben. De collectieve en individuele creativiteit, maar ook de gezelligheid op de werkvloer is sinds invoering van het ambtenarenschap bij dit instituut met zienderogen gedaald.

Verstikkende procedures
Een ander voorbeeld. Je staat in de rij voor een uittreksel uit het bevolkingsregister. Je hebt al twee keer in de verkeerde rij gestaan omdat uit de bebording niet blijkt bij welke balie je precies moet zijn. Als je eindelijk aan de beurt bent, krijg je te horen dat je nog een half uur moet wachten, omdat de meerdere van deze ambtenaar even pauzeren is en alleen deze bevoegd is om het stempel op jouw uittreksel te plaatsen. Je hebt de neiging om gillend weg te rennen. Dit doe je niet omdat je nu eenmaal dat uittreksel nodig hebt.

Mensen krijgen verantwoordelijkheden, maar geen bevoegdheden.

Patronage en etnische politiek
Barryl Biekman promoveerde afgelopen dinsdag 18 februari aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname af op het onderwerp Competitie denken en Competitiemanagement.  De volgende dag gaf zij hierover een symposium in samenwerking met het IGSR, het Institute for Graduate Studies and Research. Biekman vroeg zich niet alleen af wanneer deze cultuur van inefficientie, onderproductiviteit en letterlijke miscommunicatie nou eens ophoudt, maar ze legde na onderzoek ook de oorzaken hiervan bloot. Hiermee gaf ze de sleutel tot de oplossing. Patronage, etnische politiekvoering tot in het ambtenarenapparaat aan toe, waardoor je qua opleiding, vaardigheden en gedrag ongeschikte personen op plekken parkeert in combinatie met een cultuur van angst, controle en repressie op de werkplek, zijn de belangrijkse oorzaken van de twee voorbeelden hierboven. Biekman verwoordde de crux van de problematiek heel mooi. “Mensen krijgen verantwoordelijkheden, maar geen bevoegdheden."

Competentiemanagement
Symposiumspreker Albert Kamperman legde uit dat compententiemanagement het proces is waar de doelstellingen en de inrichting van de organisatie afgestemd zijn op de aanwezige competenties van het personeel. Competenties zijn het samenspel van de kennis, vaardigheden en gedrag van werknemers binnen een organisatie. Biekman deed haar onderzoek naar competentiemanagement op de ministeries van Onderwijs, Openbare Werken en Regionale Ontwikkeling, waar ze eerst jarenlang als consultant in verschillende projecten had gewerkt en wilde weten wat de uitkomst was. Waren de projectdoelen gehaald en zo nee, hoe kan dat dan?

Cultuurverandering?!
Wat vooral weerklonk in haar betoog is dat de politiek debet is aan het niet behalen van de doelen door het systeem dat wordt gehanteerd, dat weer een uiting is van een cultuur die is ontstaan in de loop van de tijd. Dat is ook wat professor Karam en professor Marten Schalkwijk, directeur van het IGSR, tijdens het symposium zeiden.

De ministeries worden bij elke regeringswisseling verdeeld naar gelang het aantal zetels van de verschillende coalitiepartijen. Partijkleur bepaalt vaak ook etniciteit van de desbetreffende minister dus ook alle ondergeschikte ambtenaren. Al deze ‘partijmensen’ komen vaak genoeg in een functie terecht die niet in de richting is van hun interesse, noch opleiding. Daar komt bij dat ze ook nog eens onder- of juist overgekwalificeerd zijn voor het werk dat ze moeten doen. Of juist onder een ver ondergekwalificeerd, incompetente politiek gefaciliteerde meerdere hun werk moeten doen.

"We zien te gaak dat academici op een werkplek frustreren door een incompetente chef”, haalde professor Schalkwijk tijdens zijn praatje aan. Het gaat dus goed mis. Doelen worden niet bereikt en mensen worden er niet gelukkiger op, al hebben ze een vaste betrekking.

Meer ruimte voor creativiteit
“Er moet meer ruimte aan mensen worden gegeven om hun creativiteit te laten zien”, weet professor doctor Kees van der Wolf. Van der Wolf was de promotor van Biekman en is in het dagelijks leven emeritus hoogleraar aan de UvA en deeltijd hoogleraar aan de ADEK. Net als Biekman haalde hij vooral aan dat de dialoog tussen leidinggevenden en ondergeschikten beter moet. Dit kan door ongeschikten meer inbreng te geven in zaken en eigenlijk binnen de organisatie zouden moeten lopen en ook wat voor soort werk zij het liefst binnen die organisatie zouden willen doen, sta je al aan het begin van een oplossing . “Leiderschapsontwikkeling is nodig”, hoorde ik alle sprekers zeggen.

Maar daar zit juist het probleem. Willen leiders veranderen? Als je kijkt naar Ronnie Brunswijk die op een partij bijeenkomst onlangs biljetten van honderd Amerikaanse dollar verdeelde onder zijn aanhang en daarna riep: "ik doe wat ik hebben wil" en hierop kritiek kreeg, hebben we in Suriname nog een lange weg te gaan.

Foto/ VARA- Barryl Biekman hier aan het woord bij Pauw en Witteman

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
nancyderandamie

Over de auteur

Nancy de Randamie keerde in 2002, na 21 jaar in Nederland te hebben gewoond, terug naar haar geboorteland Suriname. Vanuit Sranan Sani …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief