Vanuit Nairobi in Kenia schrijft Kees Broere over het Afrikaanse continent. Vandaag over waarom er veel meer mensen een mobiele telefoon gebruiken dan er mensen zijn die beschikken over redelijk fatsoenlijke sanitatie.

Stel, u moet kiezen. Als u gebruik heeft gemaakt van het toilet, kunt u het niet doorspoelen. Ook zult u daarna niet de kraan open kunnen zetten om uw handen te wassen. In plaats daarvan kunt u wel uw mobiele telefoon gebruiken. Bijvoorbeeld om uw buurman een sms te sturen over de situatie bij u in huis.

Er is geen sprake van een keuze

Wat gaat het worden? Fatsoenlijke sanitatie –een spoeltoilet, een douche, een niet-verstopte afvoer, een kraan met stromend water- ziet u waarschijnlijk als een burgerrecht. Maar sinds een jaar of twintig is uw mobieltje een al bijna net zo vanzelfsprekend onderdeel van uw leven geworden.

In Afrika lijkt de keuze voor zich te spreken. Op het continent zijn veel meer mensen die een mobiele telefoon gebruiken dan mensen die beschikken over redelijk fatsoenlijke sanitatie. Sommigen vatten dat als volgt samen: ‘Afrikanen vinden hun mobieltje belangrijker dan hun gezondheid.’ Hetgeen, uiteraard, grote onzin is. Er is namelijk geen sprake van een keuze.

Geschiedenis van Europa

We hoeven Charles Dickens, of in Nederland Geert Mak, er maar op na te lezen om weer te weten hoe kort geleden het nog maar is dat heel veel mensen in West-Europa in erbarmelijke hygiënische omstandigheden leefden. ‘De meeste buurten verkeerden in verval’, schrijft Mak over de geboorteplaats van zijn vader. De verarming ‘had als een ziekte om zich heen gegrepen’.

Wat gebeurde er daarna? Werden de mensen plotsklaps allemaal rijk en begonnen ze als dwazen rioleringen en stromend water aan te leggen? Nee dus. We hebben het hier over iets dat met een heerlijk ouderwets woord een nutsvoorziening heet. Anders gezegd: deugdelijke sanitatie, net als elektriciteit en tot op hoogte scholing en gezondheidszorg, was iets dat behoorde tot het openbare domein.

In Nederland wordt inmiddels ook mobiele technologie, of in elk geval het internet, door sommigen als een nutsvoorziening beschouwd. Een wethouder in Eersel verwoordde het vijf jaar geleden al als volgt: ‘Het klinkt heel plat, maar vergelijk het maar met de riolering. Die moet ook overal beschikbaar zijn.’ Maar het initiatief lag natuurlijk bij het particuliere bedrijfsleven.

Allerbelabberst

Terug naar Afrika. De overheden daar werkten al zo’n 35 onafhankelijke jaren toen zich de eerste bedrijven op het gebied van mobiele telefonie aandienden. Hoe stond het er op het continent toen, aan het einde van de vorige eeuw, voor met sanitatie, met elektrificatie, met scholing en gezondheidszorg? De vraag stellen is haar beantwoorden. Ruim vijftien jaar later is de situatie nog steeds vaak allerbelabberdst.

Door die jacht op winst konden sommige burgers uitgesloten konden raken van hun dienstverlening

De particuliere aanbieders van mobiele technologie horen er inmiddels tot de grootste belastingbetalers. Ze hebben ook, zoals Safaricom in Kenia, steeds meer openbare macht. Maar feit is daarnaast dat zij een enorm belangrijke maatschappelijke dienst, of je die nu een nutsvoorziening noemt of niet, voor heel veel mensen bereikbaar en betaalbaar hebben gemaakt.

Een jaar of tien geleden was er in Tanzania een felle discussie over de privatisering van de watervoorziening in Dar es Salaam, ‘s lands belangrijkste stad. De particuliere ondernemers waren uit op winst, zoals particuliere ondernemers dat overal ter wereld zijn. Maar de echte pijn zat hem in het feit dat door die jacht op winst sommige burgers uitgesloten konden raken van hun dienstverlening.

Dat pikken we niet, zouden we als burgers in Europa zeggen. Het zal niet gebeuren, zouden Europese overheden zeggen. In Afrika zouden vergelijkbare geluiden moeten klinken. Maar helaas.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Kees Broere is de Afrika-correspondent van onder andere de Volkskrant. Hij woont en werkt sinds 1998 in Nairobi, Kenia. Vanaf maart 2012 is …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief