‘Bastaard! Beest! Jij idioot!’ De volgende uitroepen van de taxichauffeur ontgaan me, want hij gaat over in het Yoruba, de taal die veel inwoners van Lagos spreken. Aan zijn gelaatsuitdrukking en intonatie te merken, zijn ze op zijn minst even beledigend als zijn tirade in het Engels. In zijn ogen had zijn tegenligger hem voorrang moeten geven. Het spreekt voor zich dat deze chauffeur daar heel anders over denkt, iets dat die op zijn beurt uitdrukt in al net zo krenkende beschimpingen. De twee zetten hun geanimeerde scheldkannonade minutenlang voort. Het deert ze niets dat het verkeer achter hen opstroopt tot een dubbelloopse file in dit zijstraatje in Surulere nabij het universitaire ziekenhuis. Dan trekken ze op en gaan hun eigen weg, alsof er niets is gebeurd.

Ik besef pas hoezeer ik al gewend ben geraakt aan deze Lagosiaanse manier van communicatie als een vriend uit het Nigeriaanse Noorden me komt opzoeken. Hij is geshockeerd. ‘Waarom schreeuwt iedereen? Waar zijn ze zo woedend over?’ Ik kijk verrast om me heen. Plotseling zie ik het ook. De verkrampte uitdrukkingen op gezichten, de kloppende nekaders, de ogen die vuur spugen om niets. Van buitenaf gezien lijken de bewoners van Lagos te verkeren in een constante staat van razernij.

Ik vrees voor de gezondheid van een stadspopulatie die zo makkelijk tot ontbranding komt. De bloeddruktabel van de gemiddelde Lagosiaan moet haast wel een berglandschap zijn! Hoe komt het dat niet meer van hem op straat bezwijken aan een acute hartaanval, vraag ik me af. Totdat ik door krijg dat de Lagosiaanse furie een speciale techniek vergt.

Een paar weken later beland ik weer in een taxi. Ik weet al hoe de rit gaat eindigen, want halfweg begint de chauffeur te murmelen over hoe afgelegen de bestemming wel niet is. Het is de opmars voor de gebruikelijke scam: eenmaal aangekomen zal hij meer geld eisen. Als hij dat ook daadwerkelijk doet, overkomt me iets wonderlijks. Ik ontplof. Ik hoor mezelf ontploffen. Met verheven stem bijt ik hem toe dat ik genoeg heb van taxichauffeurs en hun oplichterij, ik stap de wagen uit, sla het portier dicht en stomp hem mijn rechterhand toe met het afgesproken bedrag door het open raam:

‘Wil je je geld of niet? Take it or leave it.

Als ik me omdraai en wegloop van de gele taxi, glimlach ik. Dan realiseer ik me wat er zojuist is gebeurd. Ik werd kwaad op zijn Lagosiaans. Alleen aan de oppervlakte.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Femke van Zeijl woont en werkt als freelance correspondent in Lagos, Nigeria. Zij is de enige Nederlandstalige journalist gevestigd in …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief