Lucia Kula (30) kwam als jong meisje naar Nederland met haar ouders. Nu is ze voor het eerst terug in haar geboorteland Angola en gaat ze onderzoek doen naar seksueel geweld tegen vluchtelingen. Voor OneWorld blogt ze de komende acht maanden over haar ervaringen. Vandaag deel 4.

In mijn eerste blog gaf ik aan hoe moeilijk het is om met mensen en organisaties in contact te komen die met mensenrechten bezig zijn in Angola. Mensenrechtenorganisaties hebben vaak geen toegang tot dit land en als ze al toegang hebben, zijn er vaak veel voorwaarden verbonden aan de werkzaamheden die ze mogen uitvoeren. Als onderzoeker sta je zo neutraal mogelijk in het veld en als academicus ben je je niet altijd bewust van de barrières en de bureaucratische toon van de onderlinge verhoudingen tussen ngo's en VN-instanties. Frustrerend? ja. Te vermijden? Nee. 

Ik raakte gefrustreerd door de bureaucratie en positieverheerlijking die er heerst

In de afgelopen maanden is het erg moeilijk geweest om mijn frustraties en teleurstellingen een plek te geven. Je weet dat de informatie er is en toch blijkt het bijna onmogelijk om concrete stappen te nemen. In mijn zoektocht naar antwoorden kreeg ik te maken met de beperkingen van het doen van onafhankelijk onderzoek. In mijn ogen boekte ik niet genoeg vooruitgang en raakte ik gefrustreerd door de bureaucratie en positieverheerlijking die er heerst.

There is too much to lose

Hoe terecht mijn frustaties zijn kan ik nu niet beantwoorden. Het onderzoek vordert en ik probeer zoveel mogelijk te groeien. Er is weinig tot geen bescherming voor mensenrechtenactivisten en organisaties, there is too much to lose. Ik ben mij extra bewust van mijn aanwezigheid, mijn onderzoek en met wie ik dit bespreek. Ik betrap mezelf erop dat wanneer men naar mijn onderzoek vraagt, dat ik eerst om me heen kijk alvorens te antwoorden. 

In eerste instantie is het heel goed te begrijpen dat bepaalde mensen of instanties voorzichtig zijn met wat ze willen delen. Er wordt hard gewerkt om de huidige relaties met overheidsorganisaties in stand te houden. Met de beperkingen die er zijn, zijn de prioriteiten van de mensen die dagelijks met de 'struggles' geconfronteerd worden anders dan wat ik wellicht verwachtte.

Er is weinig tot geen draagvlak om het onderwerp van seksueel geweld bespreekbaar te maken

In mijn eerste ontmoetingen met een medewerker van een VN-organisatie in Angola was ik erg enthousiast over de bereidwilligheid om informatie uit te wisselen en mij op weg te helpen in het kleine maar exclusieve netwerk van mensenrechtenorganisaties in het land. De interesse in mijn onderzoek was oprecht en er werden tips en trucs gedeeld om mensen zoveel mogelijk aan het praten te krijgen. Ik werd natuurlijk wel gewezen op de implicaties van zo'n gevoelig onderwerp.

Er is weinig tot geen draagvlak om het onderwerp van seksueel geweld bespreekbaar te maken. De huidige mondiale dialoog met betrekking tot vluchtelingen, of het nu in Europa of Afrika is, maakt het nog moeilijker om deze onderwerpen aan te kaarten. De behulpzame medewerker van de VN gaf aan dat ik er rekening mee moest houden dat ik geen antwoorden op e-mails zou krijgen, dat ik meerdere keren zou moeten bellen en zelfs zo brutaal zou moeten zijn om gewoon bij mensen op de stoep te staan om vanaf daar verder te hoe het loopt. Niets is minder waar. Na meerdere onbeantwoorde mails en tig telefoontjes, is het een ware uitdaging om positief te blijven.

Een ware uitdaging

Ondanks mijn frustraties, probeer ik de relaties die ik nog aan het opbouwen ben zo neutraal mogelijk te houden. Er zijn genoeg mensen die willen helpen, maar er zijn ook genoeg mensen die wellicht in de verkeerde posities zitten. Werken met mensenrechtenkwesties in landen waar men het niet zo nauw neemt met veiligheid en humanitaire regels is een uitdaging, daar kun je niet omheen.

Ik moet hierbij wel toegeven dat de dingen waar ik tegenaan loop niet uniek zijn aan Angola. Als onderzoeker wil je niet dat mensen het idee krijgen dat het een en al ellende is, dat er niets te winnen valt en dat er weinig tot geen vooruitgang wordt geboekt. Mijn ervaringen in Angola deel ik met mijn mede-onderzoeker (uit Nigeria) van SOAS die onderzoek doet naar Afrikaanse migranten in China. Tijdens onze gesprekken zien we vaak veel overeenkomsten met betrekking tot in contact komen en werken met organisaties die al in het land werkzaam zijn. Het blijft een moeilijk punt, de organisaties en instanties zijn er om goed te doen en toch blijkt dat het werk soms ook bepaalde verhoudingen in stand houdt. 

Het is geven en nemen en voor ngo's vaak meer geven dan nemen

Ik heb met zowel mensenrechten- als overheidsorganisaties gewerkt en weet dat de relaties die deze organisaties onderhouden veelal heel fragiel zijn. Het is geven en nemen en voor ngo's vaak meer geven dan nemen. Het in balans houden van de verstandsverhoudingen en te behalen doelen vergt veel diplomatiek geduld en talent en geduld is iets waar ik nu mee geconfronteerd word en met de tijd in evolueer. Ik werk eraan, maar makkelijk is het zeker niet.

Vasthouden aan hun positie

Dat de VN en veel grote ngo's als bureaucratisch, ondemocratisch en zelfs corrupt gezien worden is voor velen misschien geen verrassing. Wat misschien wel een verrassing is, is dat de grootste gevolgen van de cultuur binnen deze organisaties in het veld zichtbaar . Mensen houden zich zo vast aan posities die ze hebben, dat er soms vergeten wordt waarvoor men in die positie geplaatst is. Ik zal misschien niets veranderen aan het labyrint van bureaucratie in mensenrechtenorganisaties in Angola, maar hoop wel dat ik ze een spiegel voor kan houden.

Organisaties die er niet voor open staan laten veranderen, is moeilijk maar niet onmogelijk. Eén van de voordelen die ik heb is dat ik de talen spreek, de cultuur ken en voor sommigen misschien iets meer vertrouwen uitstraal dan een buitenstaander. Er is verandering nodig en mijn werk hier laat zien hoe complex de situatie in werkelijkheid is. Mensenrechtenwerk is meer dan goed doen, het is een balans vinden in cultuur, angst, verandering en vastberadenheid. Maar het is vooral ook begrip tonen.  

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Lucia Kula is voormalig asielzoeker uit Angola, PhD onderzoeker aan de School of Oriental and African Studies (SOAS), University of London, …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief