Arthur is nieuw in de stad. Kom naar het kruispunt bij die grote weg met dat benzinestation, roept hij door de telefoon. “Nee, ik heb geen idee waar het precies is.” De mobiel gaat van de achterbank naar de taxichauffeur. Zuchtend probeert hij in het Frans een idee te krijgen van waar de verse immigrant is. “Ik zei toch kruispunt Las Palmas,” zegt Arthur drie rondjes later als we tussen overvolle cafés staan.

De jonge West-Afrikaan draagt een zwart overhemd met felroze rand. De bovenste knopen zijn open en op zijn borst hangt een ingegraveerd soldatenplaatje aan een ketting. Het is vrijdagmiddag en hij drinkt cola met goedkope whisky. Arthur is net verhuisd van Kameroen naar Ivoorkust. “Thuis denken ze dat ik vervloekt ben,” zegt hij. “Maar ik ben trots op wie ik ben.”
Een auto stopt. Raampjes gaan omlaag en uit krakerige boxen klinkt de lokale dj Skelly met ‘Ma copine est kpata’, mijn vriendin is mooi. Mannen rollen op het snelle percussie ritme naar buiten. Het nummer is hen niet direct op het lijf geschreven. De tent waar Arthur zit, staat bekend als oppikplek voor homo’s. Daarom is ook de Kameroener hier. 

Internationale veroordeling
Internationaal is er steeds meer aandacht voor homorechten. Secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-moon heeft gezegd dat Afrikaanse landen moeten stoppen homo’s te behandelen als tweederangs burgers en misdadigers. De VS en Groot-Brittannië gaan de toekenning van ontwikkelingshulp aan een land voortaan ook laten afhangen van de manier waarop dat land omgaat met de zogenoemde lgbti-gemeenschap (lesbian, gay, bi, transgender, intersex).

Minder angst
“Abidjan heeft het imago van plezier, uitgaan, seks, prostitutie, hiv/Aids en vrijheid,” vertelt hij. Arthur kwam naar de hoofdstad van Ivoorkust omdat een deel van zijn familie er woont. Maar hij hoopt er ook meer openheid te vinden als jonge homoseksuele man. Arthur wil een leven leiden waar hij in ieder geval niet bang hoeft te zijn om opgepakt te worden wegens zijn seksuele geaardheid. “Hier ben ik minder angstig.” 

Het imago van Abidjan dat Arthur met verve uiteen zet, gaat in tegen de verhalen van repressie die doorgaans uit Afrika komen. In 36 landen in Afrika is homoseksualiteit illegaal. De straffen variëren van geldboetes tot de doodstraf. En het gaat er op het continent alleen maar op achteruit. In verschillende landen liggen voorstellen op tafel om straffen te verhogen. Ook in de regio West-Afrika.

In Nigeria wordt gesproken om de strafmaat op te voeren van vijf jaar naar veertien jaar cel voor relaties tussen hetzelfde geslacht. En in Arthur’s Kameroen denken beleidsmakers aan vijftien jaar. In Kameroen werden het afgelopen jaar herhaaldelijke mannen opgepakt. Elf mannen zitten er volgens een organisatie die zich om hun rechten bekommert momenteel vast. Het meest bekende verhaal is van de 19-jarige Jonas en 20-jarige-Francky die gesnapt werden in een auto buiten een nachtclub. Ze kregen de nu geldende maximum straf van vijf jaar.

Meer weten over homoseksualiteit in andere landen? Kijk donderdag 12 juli naar Metropolis, om 20.55 uur op Nederland 3.

Zonde
De afkeer van homoseksualiteit heeft verschillende wortels. Er zijn politici die menen dat homoseksualiteit on-Afrikaans is. Het zou een soort modegril zijn die is overgewaaid uit Europa en ingaan tegen Afrikaanse tradities. Maar het westen importeerde niet homoseksualiteit maar juist de openlijke afkeer ertegen. In koloniale wetten werd homoseksualiteit of sodomie verboden. De wetboeken werden in veel landen nooit aangepast nadat de westerse machten waren vertrokken.
Missionarissen die het christendom verspreidden, maakten grote delen van Afrika bovendien diep religieus. West-Afrika heeft verschillende religies en hoewel ze in conflict zijn, denk aan de gevechten tussen christenen en moslims in Nigeria, zijn ze het wel eens in hun veroordeling van homoseksualiteit. Ze zien het als een zonde. Of zoals Arthur het verwoordt: “Het kwaad zit in me”.

Op de tafel bij de entree van Alternative Côte d’Ivoire, een lokale organisatie die vecht voor homorechten in Ivoorkust, staan houten pennissen in verschillende maten. Ze worden gebruikt om te demonstreren hoe je een condoom moet gebruiken. De organisatie richt zich mede op een ander facet van de reputatie van de stad: hiv/Aids. In veel Afrikaanse landen is er door homofobie onvoldoende aandacht voor seks tussen mannen en hun risico het dodelijke virus te krijgen.
Een trap hoger zit de 29-jarige directeur Claver Touré te klagen over de kapotte airconditioning. Hij dept met een washandje over zijn voorhoofd. “In Ivoorkust is er geen wet die homoseksualiteit verbiedt maar ook geen wet die ons beschermt,” legt hij de situatie in zijn land uit. Er is geen grondwettelijke bescherming zoals bijvoorbeeld in Zuid-Afrika het geval is maar er zijn in Ivoorkust ook geen straffen.

Anoniem
Vooral in Abidjan voelen homo’s zich volgens hem veiliger. Dat komt niet alleen door de wetgeving maar ook omdat het een grotere en meer ontwikkelde stad is. Er is meer toegang tot westerse media en meer anonimiteit. Dit is het Parijs van Afrika,” zegt Touré. “Abidjan is van niemand.”

Homo’s uit landen in de regio waar homoseksualiteit illegaal is zoals Guinee, Nigeria, Ghana en Senegal, of waar religie de openheid beperkt, zoals in moslimland Mali, hebben zich in Abidjan gevestigd. De vrijheid is daarbij nooit de enige reden. Van vrijheid alleen kan je niet overleven. Ze hebben er ofwel familie waar ze op kunnen leunen ofwel kans op werk.

Kiss and dance
Touré kwam zelf van het platteland van Ivoorkust naar Abidjan en vond ook meer vrijheid. Pas in Abidjan besefte hij zich echt dat hij niet de enige homoseksuele man was. Thuis op het platteland had hij verschillende malen zijn leven proberen te nemen omdat hij zichzelf niet accepteerde. In Abidjan groeide hij uit tot activist.

Als de avond valt wijst Touré de weg naar wat volgens hem dé gaybar van de stad is. Opvallend genoeg zijn er niet heel veel cafés exclusief gericht op homo’s, iets dat je zou verwachten in een vrije stad. In de Lexus dansen jongens met hun lijven naar een spiegel gekeerd. In de club die niet groter is dan twintig vierkante meter, lijkt het te draaien om minimalistische bewegingen, langzaam en gecontroleerd.

Voor de deur zit manager Edgar (32) op een kratje. Op zijn legergroene tanktop hangen twee gouden kruizen. Vanaf de ingang houdt hij scherp in de gaten wie er in en uitloopt. Hier kunnen de woobie’s, vrouwelijke homo’s, en joshies, mannelijke homo’s, doen en laten wat ze willen, zegt hij. ‘Kiss and dance.’ Hij neemt een slok van zijn blik Tuborg. Edgar is positief over de toekomst. Hij heeft het idee dat de jongere generatie steeds vrijer wordt. “Ze kleden zich als meisjes en gaan dan uit. Ze hebben er lak aan wat mensen zeggen.”

Volgens hem wordt de vrijheid langzaam opgerekt. Nu gebeurt alles nog zeer discreet. De Lexus ligt naast een agrarisch bedrijf en een tankstation. Een eerdere bar in een residentiële wijk moest Edgar sluiten omdat de buren vijandig werden. Ook is hij erg op zijn hoede nadat een lokale journalist infiltreerde in de club en de politie vertelde dat ze er homohuwelijken naspelen. Agenten vielen met geweld binnen en deelden klappen uit. Vooral de vrouwelijke homo’s werden geraakt.

De vrijheid waar Touré en andere homoseksuele mannen in Abidjan over praten is nog fragiel. Vrijheid betekent niet dat er geen homofobie is. Het betekent niet dat er bescherming is. En het betekent zeker geen openheid. Dit is een paradijs dat enkel bestaat omdat het in andere landen in de regio erger is.

Verstoppen
“De voorwaarde voor vrijheid is om jezelf te verstoppen,” zegt de Franse antropoloog Christophe Broqua, deskundig op het gebied van homorechten in Afrika. Broqua is op bezoek in het kantoor van Touré. “Veel is toegestaan als het maar niet in het openbaar gebeurt. En de schaamte komt pas als homoseksualiteit publiek is.”

Via Touré vinden we de 23-jarige Cheick uit Mali. Hij is een succesvolle visagist en wordt vooral ingehuurd voor bruiloften en door Ivoriaanse zangeressen. Hij zit in een kleine kamer met felgroene muur. Zijn matras ligt op de grond en de lucht ruikt naar schimmel. Cheick is lang en tenger en heeft een fijn gezicht. Hij zag eruit als een meisje toen hij kleiner was, zegt hij bedachtzaam. Over zijn seksuele geaardheid heeft hij nooit getwijfeld.

De afgelopen jaren woonde hij naast in Mali onder meer ook in Senegal, Ghana, Guinee en Tsjaad. In Abidjan voelt hij zich op zijn best, vertelt hij. Hij beschrijft het gevoel dat hij in Mali had als ‘te strak in zijn lijf zitten’. “Homo’s zijn hier beter af. Ik heb veel vrienden die hier op bezoek kwamen en niet meer terug naar huis wilden.”
Het helpt dat hij zichzelf kan onderhouden; daarmee is hij onafhankelijk en minder vatbaar voor opvattingen van mensen om hem heen. Hij heeft geen anderen nodig om te overleven. Ook vertoeft hij in een artistiek milieu waar hij bescherming krijgt van zijn klanten. ‘Je kan je geheim niet aan iedereen vertellen. Als ik uitga met mijn homoseksuele vrienden gedraag ik me extreem. Als ik met anderen ben dan verstop ik me niet maar ik ga ook niet openbaar maken dat ik homo ben.`

Een vrouw voor de familie
De twintiger Kader die we de volgende dag ontmoeten verstopt zich wel. Het is rond het middaguur en hij heeft zijn kraam op een chaotische markt in Abidjan verlaten voor een koude cola. Het is druk en warm in het lokale restaurant met plastic stoelen. Hij huurt twee huizen. Een huis in een buitenwijk waar hij woont met zijn vrouw en kind en een kamer die hij huurt in de binnenstad waar hij gemiddeld eens per week met zijn vriend naartoe gaat.
Terwijl hij doordeweeks de familieman is, duikt hij zaterdagnacht onder in zijn andere leven, met zijn vriend. Het is niet dat hij ook van vrouwen houdt. Als hij zou kunnen kiezen dan was hij liever alleen bij zijn vriend. “Maar ik heb respect voor mijn familie.” Kader zegt niet ongelukkig te zijn met zijn dubbelleven. Zijn familie verwacht een vrouw en kinderen en hij wil hen niet teleurstellen. Zolang hij een nacht per week naar zijn kamer in de binnenstad kan en naar feestjes in clubs als Lexus kan hij ermee leven. En het is beter dan in thuisland Nigeria.
Hij lacht bij de verhalen om de extravagante Gay Prides in Europa. Zijn seksuele geaardheid is voor hem iets dat zich tussen vier muren afspeelt, benadrukt hij. Kader zit bij de ingang en schudt handen met bekenden die komen voor een bord aloco, banaan gefrituurd in palmolie, een vette en uiterst verslavende hap. Iedere keer als een kennis de voet over de drempel zet, gaat het gesprek een decibel lager.

Ook nieuweling Arthur uit Kameroen pleit voor discretie. Hij veroordeelt zelfs het stel Jonas en Francky die in de auto buiten de nachtclub zijn gepakt en in de cel zitten. Hij schenkt zijn whisky-cola nog eens bij. “Seks is iets achter gesloten deuren, voor homo’s en hetero’s. Dat ze opgepakt zijn is geen discriminatie. Ze hadden rekening moeten houden met tradities en cultuur.”

De discrete vrijheid is makkelijker geworden door internet en mobiele telefoons. Arthur had al online contact met homo’s in Ivoorkust vanuit Kameroen. Hij had zelfs al een digitaal vriendje. Hij knikt naar de andere kant van de tafel waar een jongen zit in een strak wit T-shirt. Hij geniet nu al van zijn nieuwe leven in Abidjan. Voor vannacht hebben ze een kamer gehuurd dertig meter van het terras.

Vooruitgang
Ook het gebouw van Alternative Côte d’Ivoire is een veilige haven. De houten deur aan de straatkant die naar de binnentuin leidt heeft geen bordje. Het is vrijdagavond en mannen komen met grote tassen binnen. In de wc trekken ze meer uitdagende kleding aan. Eyeliner en oogpotlood ligt op de wasbak. Een van hen viert vanavond zijn verjaardagsfeestje.

Touré loopt rond met een verjaardagstaart. “De verandering gebeurt stap voor stap,” zegt hij. Touré hoopt vooral dat homo’s in hoge posities in het zakenleven en politiek uit de kast komen. Dat zal volgens hem vooroordelen verstommen. Maar tegelijkertijd leeft ook de angst dat politici in zijn land in de toekomst dezelfde ideeën in hun hoofd halen als in de restrictieve buurlanden.
Michel Bourrely van organisatie AIDES die werkt op het gebied van homoseksualiteit in Franssprekend Afrika, ziet ook een positieve kant aan de discussies die zijn opgelaaid in Afrika door strengere straffen. “Vijf jaar geleden werd er niet over homoseksualiteit gepraat in deze landen, nu wel. Dat kan uiteindelijk leiden tot vooruitgang. Ook in Europa is acceptatie een lang proces geweest.”

Voor nu is Touré’s achtertuin de tuin van eden. De poort blijft open en dicht gaan en meer dan honderd mannen staan te dansen op het gras. Touré pakt de microfoon: “Blijf binnen de muren. Schokeer de mensen niet op straat.” Uit respect voor de mensen in de buurt, zegt hij als hij de microfoon heeft neergelegd. “En omdat ik niet wil dat er iemand in elkaar geslagen wordt. Het gevang kunnen we niet in maar we willen geen blauwe plekken.”

Alle mannen in dit artikel identificeerden zichzelf niet als mannen die seks hebben met mannen maar als homoseksueel. 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Elles van Gelder is een Nederlandse journalist die sinds 2007 in Zuid-Afrika woont. Daar schrijft ze verhalen voor onder andere Vrij …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief