‘Als je dromen je geen angst aanjagen, zijn ze niet groot genoeg.’ De tweet die afgelopen zaterdagavond over mijn scherm kwam, was niet speciaal voor mij bestemd. Maar ik voelde me wel aangesproken. Laat ik het maar bekennen: mijn droom jaagt me met zekere regelmaat de stuipen op het lijf. Mijn veilige, luxe land vaarwel zeggen om me in mijn uppie te vestigen in een stad die bijna evenveel inwoners telt als Nederland maar nog niet een honderdste van de voorzieningen, in een land dat bij de meeste westerlingen – ten onrechte – enkel negatieve associaties oproept: als ik het zo opschrijf klinkt mijn voornemen om te verhuizen naar Lagos, Nigeria als een bizarre onderneming. Tegelijkertijd heb ik nog nooit in mijn leven ergens zo naar uitgekeken.

In de vrijwel volgepakte Boeing 747 naar Lagos ben ik naast het cabinepersoneel zo’n beetje de enige blanke. Verbeeld ik het me, of wordt ik nieuwsgierig gadegeslagen? Vragen mijn medepassagiers zich ook af wat die oyibo gaat uitvoeren in Nigeria?

De Nigeriaanse pastor in de stoel naast me vraagt het me in ieder geval direct. ‘Ben je getrouwd met een Nigeriaan?’ Ik grinnik. Het is niet voor het eerst dat ik dit hoor. Alsof de liefde de enige reden is om te verhuizen naar Nigeria. Zou de vraag me ook zijn gesteld als ik een man was geweest?

De komende tijd is het erop of eronder. Krijg ik de droombaan waarop ik hoop? Vind ik een betaalbaar appartement met logeerkamer – mijn moeder spaart al voor een ticket naar Lagos – in het centraal gelegen Surulere? Blijken de steeds strenger wordende Nigeriaanse immigratiewetten geen barrière – hoewel ik het ondanks mezelf als poëtische gerechtigheid zou beschouwen als nu eens een Europeaan de toegang tot Afrika werd geweigerd?

De komende maand ben ik in Lagos om knopen door te hakken. Een ding is zeker: controlfreak van Zeijl moet hier de teugels laten vieren. Dat hield ik mezelf tenminste dit weekend voor toen ik dreigde te panikeren over het feit dat ik twee dagen voor vertrek nog geen uitsluitsel had over onderdak in Lagos. Zondagavond kwam bericht dat alles was geregeld. ‘No wahalla, geen zorgen. Dat moet ik nog leren.

Is het niet de liefde, wat brengt een Nederlandse schrijfster en journaliste dan wel naar Nigeria, wil de pastor in zijn bruingroene polyester pak naast me weten. Ik hoor mezelf uitleggen dat het na tien jaar op en neer reizen tijd is me te vestigen in Afrika. Dat Nigeria een van de invloedrijkste landen van het continent is. Maar terwijl de polyester pastor me de voorspoedige carrière van zijn zeven kinderen uit de doeken doet (artsen, advocaten en onderwijzers in de VS) en zijn rijkdom (zeven auto’s), besef ik dat het de mensen zijn die me doen terugkomen. Het zijn de Nigerianen (meervoud, beide seksen) die mijn hart hebben gestolen.

Ik vraag de geestelijke niet waarom hij economy class vliegt als hij werkelijk zo rijk is, maar geniet van de hartelijkheid waarmee hij me verwelkomt, die echt is, evenals zijn enthousiasme als ik vertel dat ik verslaafd ben aan moin moin (Nigeriaanse gestoomde bonencake) die ik zelf bereid. De combinatie van bravoure en warmte, dat is wat Nigerianen voor me heeft ingenomen. Samen met de ongebreidelde Nigeriaanse ondernemingszin maakt het van Lagos mijn droomlocatie.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Femke van Zeijl woont en werkt als freelance correspondent in Lagos, Nigeria. Zij is de enige Nederlandstalige journalist gevestigd in …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief

Advertentie

OneWorld-online_banner-600×500 + waaier