Oekraïne, het Kalifaat, Zuid-Sudan en Centraal Afrikaanse Republiek zijn allemaal man-made disasters, het gevolg van conflicten en rivaliteit tussen verschillende bevolkingsgroepen. Ebola is vooral het gevolg van het uitblijven van menselijk ingrijpen. Inmiddels moet ook de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) spreken van onderschatten van signalen. Ik vermoed wel iets van de reden van die onachtzaamheid.

Ebola is vooral het gevolg van het uitblijven van menselijk ingrijpen

Ebola is geen nieuw fenomeen, het is de afgelopen jaren meerdere malen opgedoken in met name de Centraal Afrikaanse Republiek. Ik herinner me nog goed een uitbraak in Zuid-Sudan, in Western Equatorial State, waar het door Cordaid gesteunde ziekenhuis het centrum was van de strijd tegen deze uitbraak. Met succes werd de uitbraak ingedamd. Ook in Congo waren uitbraken, maar ook die werden op een of andere manier binnen betrekkelijk korte tijd onder controle gebracht. Dat dat lukte had waarschijnlijk te maken met hoe dun bevolkt de getroffen regio’s waren. De WHO zal gedacht hebben dat het dit keer ook wel zo zou gaan, een korte opleving en daarna zou het vanzelf wel uitdoven.

Dit keer ging het anders omdat het zich verspreidde naar bevolkingscentra en toen dat duidelijk werd, was het te laat en out of control. Maar de onderschatting van de huidige uitbraak is niet de enige reden van deze ebolacrisis. Alle eerdere uitbraken hebben niet geleid tot een actievere preventie-aanpak, dus een uitbraak van deze omvang was slechts een kwestie van tijd. Of was het gewoon alledaagse racisme dat deze ‘Afrikaanse’ ziekte stiefmoederlijk werd behandeld?

de gebruikelijke aanpak werkt niet

Er is een tweede reden waarom ebola een andere ramp is. Hulpverlening is werk met grote risico’s en met een hoge mate van specialiteit. Anders dan hulpverlening na een natuurramp zoals een overstroming of een aardbeving is dit geen ramp waar je met je gebruikelijke aanpak aan de slag kunt: getroffenen identificeren, kwetsbare groepen in beeld krijgen, logistiek opzetten, goederen distribueren, zorgen dat het gewone leven van scholen en klinieken weer zo snel mogelijk opgang komt en wederopbouw plannen.

Ebola brengt enorme risico’s mee voor hulpverleners, vergelijkbaar met opereren in de frontlinie tijdens conflict. Het vraagt een specialistische kennis van wat te doen en wat niet, het vraagt specifieke uitrusting (de inmiddels beroemde gele en witte pakken). En de gebruikelijke aanpak voor het identificeren van risico-groepen (kinderen, ouderen, vrouwen) werkt niet: iedereen is at risk ongeacht leeftijd, sekse.

In de ebola-uitbraak die we nu zien, raakt de samenleving verlamd

Tot slot is ebola anders omdat het een verlammende uitwerking heeft op een hele samenleving. Natuurrampen zijn verschrikkelijk en kunnen enorme verwoestingen aanrichten. Maar als de aardbeving of de orkaan voorbij is, kan iedereen meedoen bij het aanpakken en kan als het ware ongeremd bijgedragen worden aan hulpverlening en herstel. In de ebola-uitbraak die we nu zien, raakt de samenleving verlamd: mensen durven niets te doen, blijven het liefst thuis in de hoop dat het aan hun huis voorbij gaat, komen alleen op straat als het echt nodig is. Scholen zijn dicht, ziekenhuizen sluiten hun deuren. De samenlevingen van Sierra Leone, Guinee en Liberia zijn in de greep van de angst. Die angst lijkt over te slaan naar sommige Westerse landen.

Omdat ebola zo’n andere ramp is, is het niet zo eenvoudig voor hulporganisaties het antwoord te geven. Een ramp die een hele specifieke, specialistische aanpak vraagt, is niet voor iedere hulporganisatie weggelegd. Nu nog de organisatie rond ebola inrichten is ingewikkeld. Lokale ziekenhuizen, vaak partners van hulporganisaties, kunnen en durven het niet aan. En wie zijn werk wil concentreren op de sociale gevolgen en preventie, weet nauwelijks waar te beginnen en wat wel en niet zinvol is.

Ebola is een andere ramp. Een ramp waarbij we eigenlijk niet weten hoe het moet, maar waar wachten geen optie is. Waarbij het allereerst gaat om doen en het doen de basis is voor leren hoe het beter moet. Daarbij worden ook fouten gemaakt en worden verkeerde wegen gezocht. Dat vinden publiek, media en politici niet fijn in een hulpverleningscultuur waarbij alles gepland moet zijn en waar vooraf doelen en resultaten helder behoren te zijn. Het is niet anders.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

René Grotenhuis was tien jaar directeur van ontwikkelingsorganisatie Cordaid. Op dit moment is hij onder meer voorzitter van de …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief