Een Britse vriend van mij – laten we hem Mark noemen – is net 25 jaar geworden, en hier in Dakar is hij begonnen aan zijn eerste echte baan. Mark werkt op een groot kantoor waar hij de communicatie verzorgt voor zijn afdeling. Mark werkt vierenhalve dag per week, want in Senegal zijn de vrijdagmiddagen vrij vanwege het Islamitische vrijdaggebed. Mark verdient 5500 Amerikaanse dollars per maand, belastingvrij, en hij geniet diplomatieke onschendbaarheid.

Mark werkt namelijk voor de Verenigde Naties. En bij de VN is besloten – om redenen die mij hoe langer hoe minder duidelijk zijn – dat werknemers belachelijk goede arbeidsvoorwaarden verdienen. Ik bedoel, 5500 dollar netto én diplomatenstatus voor een startersfunctie van krap 36 uur, waar elders zie je dat nou?

Het huis waarin Mark woont staat aan zee en heeft 24 uur per dag bewaking. Er staat een grote generator voor de deur die ervoor zorgt dat er, in tegenstelling tot in de rest van Dakar, altijd stroom is.

Mark vertelt vaak ontluisterende verhalen over het reilen en zeilen bij hem op kantoor. Over collega’s die vergaderingen bijeenroepen en dan twee uur te laat komen opdagen, evenals het gros van de overige deelnemers. Over chefs die tijdens werkoverleg aan de lopende band privételefoontjes aannemen. Over secretaresses die domweg weigeren om een paar printjes te maken. Over een ‘volstrekt nutteloos’ driedaags congres – totale kosten 25.000 dollar – waaraan hij deelnam. Van jonge collega’s van Mark hoor ik soortgelijke verhalen.

Een Nederlandse vriend van mij, Daniel Knoop, bemachtigde enkele jaren geleden eenzelfde startersbaan in Afrika als Mark. Hij werkte drie jaar bij de FAO, de landbouwtak van de VN, twee jaar in Kameroen en een jaar in Congo. Daarvan raakte hij zó teleurgesteld dat hij er – ondanks zijn torenhoge salaris dus en prachtige promotiekansen – de brui aan gaf. “Gaandeweg ontdekte ik dat de zaak daar wordt gerund door carrièrecynici die het vooral doen voor het geld”, zei hij in een interview dat ik hem destijds afnam. “Er slagen betekent: de procedures volgen en niet te kritisch zijn. Alles moet altijd voor iedereen acceptabel zijn. En wat misgaat heet culturele diversiteit.”

Ter illustratie van zijn woorden stuurde Daniel mij een brief die UvA-professor Louise Fresco richtte aan de baas van de FAO toen ze ontslag nam bij die organisatie. Enkele citaten: ‘Het maakt mij treurig dat u zich zozeer heeft geïsoleerd van uw senior managers. Hierdoor, gecombineerd met een gebrek aan transparantie in besluitvorming, heeft u een sfeer gestimuleerd van stilte, roddels en zelfs angst.’ ‘Ik geloof in een organisatie die niet bang is voor duidelijke keuzes, daarbij lerend van het verleden. Ik geloof in een organisatie die zich minder druk maakt om regels en meer om de impact van haar werkzaamheden. Ik geloof in een organisatie die zijn medewerkers ziet als een bron van inspiratie en hen de mogelijkheid biedt tot groei. Jammer genoeg is de FAO hier vandaag de dag ver van verwijderd.’ ‘De FAO bevindt zich in de situatie van bureaucratische verlamming.’

Laatste voorbeeld: in Liberia sprak ik een Portugees van mijn leeftijd die daar een – toegegeven – verantwoordelijke baan had bij de VN. “Een jaar hier werken en ik kan in Europa een huis kopen”, zei hij daarover. Een Britse collega van hem die verantwoordelijk was voor voedselvoorziening aan vluchtelingen in afgelegen dorpen was de wanhoop nabij vanwege collega’s die het ‘geen fuck’ kon schelen of er nou voedsel aankwam bij die ontheemden of niet.

Dit jaar is er een documentaire verschenen over de VN, U.N. Me geheten, waarbij bovenstaande verhalen nog schijnen te verbleken (ik kan de film hier in Senegal helaas niet bemachtigen). ‘Hoe ’s werelds meest vooraanstaande humanitaire organisatie is verworden tot een clubhuis voor dictators, gansters en tyrannen’, vatten de makers hun film samen. Misschien moet ik er maar eens een boek over gaan schrijven. Het onderwerp lijkt me er belangrijk genoeg voor.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief