Gaan ze wel door of niet? Komt Iran of toch weer niet? Als het voortraject van de vredesbesprekingen exemplarisch is voor de besprekingen zelf, dan kan het een onstuimige boel worden in het anders zo rustige Zwitserland.

Maar na maanden uitstel is het er in ieder geval van gekomen: de internationale vredesconferentie over Syrië. Iedereen hield immers rekening met opnieuw uit- dan wel afstel. Geheel in lijn met de chaotische aanloop naar de besprekingen, begint de Genève-conferentie overigens niet in Genève maar in het Zwitserse Montreux. En Iran praat toch niet mee. Dat wilden de rebellen niet. Al laten die juist altijd weten dat Assad vooral zo sterk is dankzij Iran. Dat land geeft direct hulp aan Assad, of indirect via de militanten van Hezbollah die vanuit Libanon oversteken naar Syrië om Assad te helpen. En dan is er nog hulp van Rusland.

Moslimextremisten
Voor wie dit al ingewikkeld in de oren klinkt: let op als je de rebellen moet beschrijven. Dat is allang geen groep gewapende boze burgers meer die Assad proberen te verdrijven. Nee, de rebellen kregen in de loop van de oorlog allerlei ‘gasten’ te logeren die kwamen ‘helpen’, maar die de rol van ‘gast’ veranderden in die van ‘gastheer’. Moslimextremisten, gelieerd aan Al-Qaeda en vaak van buitenlandse komaf, eisten het afgelopen jaar de macht op in de gebieden van de rebellen. Ze speelden daarmee Assad in de kaart. De Syrische leider riep immers vanaf het begin van de opstand dat hij niet vocht tegen Syrische boeren met een Kalasjnikov, maar tegen ‘buitenlanders werkend voor Al-Qaeda.’

In Genève is de Syrische oorlog gereduceerd tot de eenvoud van het begin van de revolutie, nu bijna drie jaar geleden. De rebellen worden er vertegenwoordigd door de Syrische Nationale Coalitie, de politieke vertegenwoordiger van het Vrije Syrische Leger. Dat stelde drie jaar geleden nog wat voor, maar is nu nog slechts een heel klein onderdeel van al die verschillende rebellengroepen die in Syrië vechten. Al die andere, grotere en vaak sterkere groepen komen niet naar Zwitserland. Die vechten door terwijl nota bene veel Syrische strijders van het Vrije Syrische Leger zijn gevlucht naar buurlanden.

De kracht van Assad
Een paar weken geleden trof ik ‘Nasser’, een gevluchte officier van het Vrije Syrische Leger in een huis in Zuid-Turkije, met zicht op de heuvels van Syrië. ‘Nasser’ was niet alleen bang om zijn echte naam te geven, hij wilde ook geen stap meer zetten in Syrië: bang voor ISIS, een beruchte, aan Al-Qaeda gelieerde, groep die de bevolking en de ‘gewone’ rebellen terroriseerde. Genève, daar geloofde hij niet in. Niet eens zo zeer vanwege de niet-representatieve afvaardiging van de rebellen, maar vooral vanwege de kracht van Assad en het gebrek aan internationale wil om daar iets tegen te doen.

Revolutie is te vroeg geboren baby
Het klonk als een enorm zwaktebod: eerst zelf naar Turkije vluchten en dan zeggen dat anderen te weinig doen om de oorlog in Syrië op te lossen. Het was toch hun revolutie of niet soms? ‘Nasser’ gaf een opvallend antwoord: “Ja, we zijn wel ooit de revolutie begonnen, maar veel te snel. Het is eigenlijk een te vroeg geboren baby.” De rebellen zouden, zo schetst hij, op aandringen van landen als de VS en Frankrijk, maar ook Qatar, te hard van stapel zijn gelopen. Die andere landen hoopten met hun bemoeienis hun wil aan de Syriërs op te kunnen leggen: een zwak Syrië, gecontroleerd door de landen die zich in het conflict mengen. “Maar nu bemoeit de halve wereld zich ermee, dus moet ook die halve wereld het maar oplossen”, is zijn adagium. “Er is namelijk geen militaire, maar alleen een politieke oplossing.”

Geloof in militaire oplossing
Dat laatste lijkt zeker waar. Maar vredesonderhandelingen werken in het algemeen het best als beide partijen geloven dat ze vechtend niet verder komen. Niemand kan in het hoofd van Assad kijken, maar hij lijkt nog steeds in een militaire oplossing te geloven. Een oplossing die de afgelopen weken dichterbij dan ooit leek, omdat de rebellen werden afgeleid door enorme gevechten onderling: ISIS (Al-Qaeda) tegen de rest.

‘Nasser’: “Er kan pas vrede komen als de rebellen weer één geheel vormen en de landen die zich met Syrië bemoeien er eens met elkaar goed voor gaan zitten.” Dat is niet het beeld dat oprijst uit Genève: geen Iran en geen rebellen die er echt toe doen.

Zwaargewond en verlamd 
Volgens de VN moeten de verwachtingen voor de vredesconferentie dus niet te hoog gespannen zijn. Hooguit komt er een verlanglijstje uit met punten waaraan moet worden gewerkt. Niets, maar dan ook helemaal niets wijst op een spoedig einde van een oorlog die inmiddels een ongelooflijke lijst doden en ernstig gewonden heeft opgeleverd. In een kliniek in Zuid-Turkije, met alleen Syrische artsen en patiënten, ligt de uitzichtloosheid van de oorlog: jongemannen verlamd vanaf hun middel, neergeschoten door sluipschutters, een kind van tien met een scherf in het hoofd dat alleen nog kan huilen en niet meer praten. Ze zouden de toekomst van Syrië moeten zijn als zich ooit vrede aandient, maar ze liggen er net zo gehavend bij als het land aan de andere kant van de grens.

Hans Jaap Melissen is gespecialiseerd in oorlogsverslaggeving en werkt onder andere voor de NOS. In 2012 werd hij verkozen tot journalist van het jaar. 
Foto: Hans Jaap Melissen

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Hans Jaap Melissen is een oorlogsjournalist, schrijver en spreker. Hij werkt onder andere voor de NOS. In 2012 werd hij verkozen tot …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief