De Berlijnse Jochen Sandig had die ochtend in de Amstel gezwommen, want het water, wist hij, is schoon genoeg. Zijn zwempartijtje beschreef de architect als reclaiming the river. Niet alleen kun je straten reclaimen, terug eisen, dat kan ook met rivieren, vertelde hij tijdens de paneldiscussie met als titel ‘Public Space and the City’. Het gesprek was de aftrap van een reeks lezingen, debatten en workshops die op zaterdag 20 en zondag 21 september plaatsvonden op de 12de Interdependence Day in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam, over onder meer klimaat, cultuur en technologie.

No. What’s the question?

Praktische aanpak
Interdependence Day is een idee van Benjamin Barber. De Amerikaanse hoogleraar en auteur (Jihad vs McWorld, Als burgemeesters zouden regeren) vindt dat in een wereld waar klimaatverandering, misdaad, gezondheidszorg of handel zich niet aan grenzen houden, de soevereine staat wel zo’n beetje is uitgewerkt. Het is, aldus Barber, tijd voor een nieuwe net zo grensoverschrijdende democratie. Daarin kunnen wereldsteden een belangrijke rol spelen, want zij hebben, veel meer dan nationale regeringen, een praktische, directe aanpak. Over dit alles wordt intensief nagedacht, door hem en door een netwerk van kunstenaars, politici, ondernemers en activisten. Verenigd in de door Barber opgerichte Interdependence Movement denken zij als betrokken stedelingen constructief mee over die nieuwe vorm van democratie.

Mooie anekdotes
Dat kan interessant worden! Op dus naar Pakhuis de Zwijger, om te horen wat de prominente deelnemers te vertellen zouden hebben. Dat viel tegen. De paneldiscussie Public Space and the City, voertaal Engels, waaraan dus betrokkenen uit kunst en politiek deelnamen, bleek zich vooral tot dat reclaiming the city te beperken, wat zoveel inhield als de openbare ruimte teruggeven aan de bewoners, waarbij  ‘de bureaucraten’ het moesten ontgelden. Wel vlogen er mooie anekdotes over tafel, zoals die van een Britse producer, die de lachers op zijn hand kreeg toen hoe hij vertelde hoe hij het ondanks die bureaucraten voor elkaar kreeg om een Formule 1-race in Regent Street in Londen te houden. Ook het beroemde Edinburgh Festival groeide tegen de verdrukking in uit tot het wereldberoemde evenement van nu, vertelde festivaldirecteur Sir Jonathan Mills.

En waarom werd de stad trouwens niet ‘gereclaimd’ voor, zeg, een veilig verkeer of voor sportvelden?

Iedereen was het eens over die ambtenaren die altijd alles tegenhielden en wier starre houding werd samengevat in: ‘No. What’s the question?’ Er kwamen nog wat oneliners langs als “Our imagination creates the space, not the other way around” en “Just as places are sensed, senses are placed“, maar wat dit alles met het (terug)winnen van de stad te maken had, bleef onduidelijk. En waarom werd de stad trouwens niet ‘gereclaimd’ voor, zeg, een veilig verkeer of voor sportvelden?

Naar Session 3 dan, over Climate, Technology and the Smart City. Daar zouden vast spannende nieuwtjes langskomen over hoe slimme techniek de smart city duurzaam, schoon en veilig maakt.

Technische schemaatjes
Ook hier een gezelschap van deskundigen die hun sporen hebben verdiend op stedenbouwkundig gebied en daarbuiten. Maar wat droegen al die technische schemaatjes van het MIT Media Lab (Density + Proximity + Diversity) bij en waar bleef de concrete invulling van die “entrepreneurial, walkable, livable places with strong social ties“? En ging het niet wat erg veel over onze eigen welvarende, westerse steden , met problemen die peanuts zijn als je ze afzet tegen de chaos in megasteden als Dhaka in Bangladesh en Lagos in Nigeria? Terwijl de panelleden beleefd naar elkaar luisterden en wat oude ideetjes (solar cooker, robotkarretjes) spuiden, droomde de zaal weg. Zelfs drijvende kracht (en ongetwijfeld tegen jetlags vechtende) Benjamin Barber dommelde zachtjes in.

Panellid en auteur Tracy Metz noemde in haar betoog over de strijd tegen het water, waarin Nederland nog altijd technisch leider is, sensoren in de dijken als nieuw wapen. Ze had de tegenwoordigheid van geest om te zeggen dat wij hier geld genoeg hebben, in tegenstelling tot een stad als Jakarta, die voortdurend onderloopt. En gelukkig kwam inspirator en toehoorder Benjamin Barber tegen het einde uit zijn stoel in de zaal overeind, om te zeggen dat we het precies daarom niet moeten hebben over climate change maar over climate justice, over rechtvaardigheid, ook bij klimaatkwesties. Hij had nog een opmerking: “Er wordt hier vooral gesproken over welvarende steden, maar laten we Bangladesh niet vergeten.”

Zo is dat.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
annemiek huijerman

Over de auteur

Journalist, leest en schrijft graag over Zuid-Azië en het Midden-Oosten, en volgt de internationale kledingindustrie.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief

Advertentie

OneWorld-online_banner-600×500 + waaier