Ze is lang, net iets langer dan haar concurrentes. Spontaan, vriendelijk, vloeiend in het engels. Grappig. Ze slaagt er in om er niet hoerderig uit te zien, en misschien is dat het wel dat haar zo succesvol maakt. Toch ziet ze er minder goed uit dan de vorige keer. Hoe lang tref ik haar hier nu al? Zeker vier jaar. Nog nooit was ik in de Capital Pub en Christina niet. Dat kan geen toeval zijn; ze moet hier haast elke dag zijn. Dagelijks jezelf verkopen, dat moet zijn tol gaan eisen.

Eigenlijk heet ze Fatima. Zo stelde ze zich eerst voor, maar al snel leerde ze dat Christina strategischer is. Een goede moslima drinkt immers geen alcohol. Toen ik haar eens opbelde om te vragen hoe het nu precies zat met die namen, maakte ze het helemaal simpel: ‘you can call me whatever you like, baby!’

De Capital Pub barst uit haar voegen wanneer de Nigeriaanse hit ‘Nwa Baby’ (Sawa sawa sawa-lee) over de dansvloer schalt. Deze plek is niet alleen populair vanwege de goedkope vrouwen maar ook door de uitstekende muziek en Afrikaanse sfeer. Hier komen weinig blanken. Christina/Fatima’s lange lijf beweegt als een slang. We halen herinneringen op. Drie jaar geleden eindigde mijn vrijgezellenfeest op de plek waar zo’n avond hoort te eindigen: in ‘Capital.’ Een Nederlandse vriend van me was zo onder de indruk dat hij haar in zijn hotel uitnodigde, en er licht naief de volgende dag pas achter kwam dat er betaald diende te worden. Voor haar ‘reiskosten,’ zo heet dat dan.

Toch is het tekenend voor de Ugandese prostitutiescène: het is minder uitgesproken en daardoor minder stigmatiserend. Hier wordt niet op een raam geklopt en over een prijs onderhandeld; over de transactie zelf wordt niet gesproken. ‘Zijn echt alle vrouwen die we hier zien hoeren?’ vraagt een Nederlandse collega die aanleiding was voor mijn hernieuwde kennismaking met het ruige nachtleven hier.

Wel, nee. Dat zou denigrerend zijn. De meeste van de dames hier werken overdag als kapster, verkoopster of een ander ondermaats betalend beroep. Of ze zijn student op de nabijgelegen universiteit. De scheidslijn tussen professional en bijklusser is hier maar erg dun.

Ook Christina is naast geld uiteindelijk ook op zoek naar de ware, een man waarmee ze gelukkig wordt, vertelt ze me. Als het even kan moet hij ook veel geld hebben. Met mijn vriend is het niets geworden, die was teleurgesteld dat hij voor hun gezamelijke nacht een rekening gepresenteerd kreeg. Ze vraagt me of mijn collega wellicht beschikbaar is, waarop ik beweer dat hij getrouwd is. ‘Maar als zijn vrouw niet hier is, wat is het probleem dan?’ probeert ze nog.

Haar drankje is nog niet op maar toch vraagt ze me om een nieuwe. Oude vrienden dien je  te onderhouden en aangezien ik er ook niet in slaag om haar enige klandizie te bezorgen bestel ik een ijskoude fles Nijl bier. Met twee halve literflessen in haar hand dartelt de nachtvlinder de dansvloer weer op. Zonder afscheid verlaten we het café. Dag, Fatima.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
Arne_HiRes_NABC

Over de auteur

Afrika-journalist

Arne Doornebal is Afrika-journalist. 
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief