Van alle activiteiten waaraan je dagelijks kan deelnemen in vreemdelingendetentie, moet het uurtje voetballen het populairst zijn. Koken, bellen en bidden zijn belangrijk, maar voetbal is heilig. Er wordt gejuicht bij een doelpunt, schwalbes gemaakt, gejoeld en gelachen. Kortom, het is de ideale uitlaatklep.
De laatste dagen is het potje voetbal heiliger dan ooit: er is een sterspeler ingevlogen.

Joseph had er net een testperiode opzitten bij eerstedivisieclub FC Syrianska in Zweden, toen hij op Schiphol werd opgepakt op verdenking van een vals paspoort. Hij was onderweg naar zijn geboorteland Kameroen om zich, na het mislukken van de contractonderhandelingen, verder te oriënteren op zijn voetbalcarrière.
Had mijn collega me niet verteld over Joseph dan hadden zijn glimmende, gespierde benen zijn achtergrond wel verraden. Ogenschijnlijk ontspannen vat hij, gekleed in zijn voetbalkloffie, de achterliggende periode samen. Niet alleen waren de drie maanden gevangenisstraf die hij had gekregen pijnlijk, maar extra frustrerend omdat hij nu ook geen gehoor kon geven aan de oproep zich te melden bij de selectie van het Jong Kameroens nationale elftal. Het team maakte zich op voor het Jeux de la Francophonie in Libanon, het prestigieuze sport- en cultuurfestival voor Franstalige landen. De tweebenige spits moest verstek laten gaan.
‘Wie zijn je helden?’, vraag ik in een poging het gesprek een positieve draai te geven. Zijn ogen beginnen te twinkelen: ‘O, dat zijn er een aantal, maar als ik moet kiezen dan zijn het Maradona en Roger Milla!’ Begrijpelijke keuze, vooral die van Roger Milla, Kameroens nationale volksheld, die zich op achtendertigjarige leeftijd onsterfelijk maakte op het WK van 1990 in Italië. Trots brengt Joseph in herinnering dat zijn land toen de wereld versteld deed staan door de kwartfinales te halen, met een swingende Milla in de hoofdrol.
‘En, heb je hem ooit ontmoet?’, vraag ik verwachtingsvol. ‘Ja, nog niet zo geleden toen ik vijftien was. Hij zei dat een ‘ontembare leeuw’ – ‘les lions indomptables’ is de bijnaam van het nationale elftal – goed voor zichzelf moet kunnen zorgen. Hij grijpt naar een kartonnen dossiermap en laat me foto’s zien van hem en zijn team, een paar fraaie actiefoto’s, en inderdaad een duidelijke foto van een jonge Joseph naast de levende legende in de schaduw van een acacia.
‘Misschien is dat wat het meest wringt, dat ik in deze situatie anderen nodig heb om mijn zaakjes te regelen’, zegt hij in een echo van Milla’s raad.

Een paar dagen na ons gesprek zit Joseph in het vliegtuig naar Kameroen, waar hij hoopt zich weer snel te kunnen voegen bij zijn oude club Coton Sport FC de Garoua. De leeuw zal zijn wonden gaan likken, om hopelijk sterker dan ooit terug te komen. De komende jaren zal ik de teams van Barcelona en Chelsea goed in de gaten gaan houden; Joseph’s droomteams.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief