In opperste verwachting zitten collega Sugyarti en ik samen op een bankje voor de buurtmoskee. We wachten op de cursus ‘Lessen in de Sharia, de Islamitische wetgeving’ die er ieder moment kan beginnen. Steeds meer aanhangers van het Front ter Bescherming van de Islam (FPI) komen in hun witte uniformen en rafelige baardjes aanslenteren.

In de eetstalletjes rond de moskee wordt druk gekookt om straks de hongerige magen van de militante moslims te vullen.

Dan schalt de eerste opruiende taal door de luidspreker van de moskee. ‘Het zijn de Joden die ons aanzetten om alcohol te drinken!’. De geestelijke leider onderwijst zijn gehoor vanavond over het verbod op alcohol, zoals dat in de Koran zou staan. Maar bijna niemand in Indonesië kent het geschrift dat in het Arabisch is geschreven uit zijn hoofd. Islamitische leiders maken moslims van alles wijs.  

En wat doet de politie om het alcoholverbod (welke?) te handhaven? Niets! Ze voert razzia’s uit in kippenboerderijen om zieke kippen af te voeren, maar alcoholproducenten gaan gewoon hun gang. Dat pikken we toch niet’, stookt de religieuze leider in de moskee zijn gehoor verder op.

‘Schandalig inderdaad wat die joden doen’, beaamt een ‘moraalridder’ van het Front ter Verdediging van de Islam naast ons op het bankje. Hij slurpt snel de hete soep naar binnen en neemt ondertussen een trekje van zijn sigaret. ‘Maar de politie is nog erger want die laat zich door illegale alcoholproducenten omkopen’.

Het wordt tijd vindt de militant dat het Front ingrijpt. ‘Naast mij woonde een Chinese familie die een illegale goktent bezat. We waarschuwden zowel de politie als de buren hiermee te stoppen. Toen ze geen gehoor gaven aan onze oproep, hebben wij binnen alles kort en klein geslagen’, vertelt hij trots.

Dan zit de les er al weer op. Trommels worden de moskee binnengedragen om lofliederen voor Allah en de profeet Mohammed te zingen. Want westerse muziek mag ook niet. Die zet net zo goed jongeren aan tot het drinken van alcohol.

Vanaf het bankje zien we hoe schaars geklede meisjes met hun mobiele telefoons tussen de radicale moslims een soepje eten en grappen maken over de sikjes van de moraalridders. De jongens lachen hartelijk om de blote meisjes. Ze gaan niet meer terug naar de moskee, want buiten is het veel gezelliger.

Sugyarti en ik werpen elkaar een blik van verstandhouding toe. Zolang dit soort jongens nog vallen voor mooie meisjes valt het met hun radicale ideeën nog wel mee. De politie zou in plaats van de kippenboerderij beter de moskee kunnen binnenvallen om die foute geestelijke leider die dit soort jongens opstookt naar huis te sturen.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief