Overal in de sloppenwijk hangt de rottende geur van de zoute vis die op lange rijen tafels in de zon ligt te drogen. ‘Kampung Ikan’, visbuurt, heet een van de armste wijken van Jakarta waar de meeste bewoners hun inkomen verdienen door plastic en ander bruikbaar afval uit de nabij gelegen storthopen te halen.

Ibu Efi (47), die twintig jaar geleden naar Jakarta kwam in de hoop op een beter leven, graait de vis die onder de tafels is gevallen bijeen en probeert die op de markt te verkopen. Haar man zit in de vuilnis. Maar ze verdienen niet genoeg om de rente van hun huisje te betalen. Ik sla stijl achterover als ze me vertelt dat ze ruim 150.000 roepies, ruim twaalf Euro per maand voor haar krot betaalt, dat uit niet meer dan bijeen gescharrelde planken, bamboestokken en verroeste golfplaten op het dak bestaat.

De huisbaas die op het bankje voor haar huisje hangt en eruit ziet alsof hij op dit vroege uur al heeft gedronken, lacht cynisch om het verhaal van Ibu Efi. Hij toont weinig medelijden met haar. Deze huisjesmelker die meer krotten in de kampung verhuurt is een harde zakenman. Wie zijn huur aan het einde van de maand niet kan betalen, moet zijn huis uit. ‘Contract is contract’, vindt hij. ‘Er staan genoeg mensen klaar die hier willen wonen’.

Ibu Efi is niet de enige die elke maand grote moeite heeft om rond te komen. Ze vertelt dat ze acht kinderen heeft van wie er nu twee werken. Meer dan de lagere school zat er niet in voor ze. Er was geen geld voor boeken of uniforms.

Ibu Endang laat haar eenkamerkrot aan de andere kant van het water zien. Kampung Ikan ligt dicht aan zee. Ze zucht nog maar eens diep. Ze heeft niet alleen de zorg voor haar twee kinderen, twee kleinkinderen wonen bij haar sinds de vader overleed en de moeder als hulp in de huishouding elders werkt. Vaak is er niet genoeg voor maar een maaltijd per dag. De Ibu vertelt dat ze zich diep in de schulden stak. Naast de huisjesmelkers heb je ook de geldwoekeraars die arme vrouwen als Ibu Endang een lening aanbieden waarvan ze elke dag een Euro moeten terug betalen. Dat kan ze niet. Haar huisbaas heeft gedreigd het gezin de ‘woning’ uit te zetten. Ze weet niet waar ze dan naar toe moet. Een goedkopere plek is er niet. Het wordt waarschijnlijk een van de viaducten van Jakarta waar meer thuisloze gezinnen wonen. Indonesië behoort inmiddels tot een van de opkomende economische wereldmachten, helaas maken de ‘vissers’ van Jakarta daar geen onderdeel van uit.

 

   

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
wilma2

Over de auteur

Wilma van der Maten woont in Jakarta en werkt als freelance journalist voor onder andere OneWorld, het Parool, DPD, VPRO, VRT en Elsevier.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief