Wat vroeger een Chinees landbouwgebied ter grote van Groenland was, veranderde binnen vijftig jaar in een dorre, droge woestijn. Gelukkig is er hoop. Aohan, een klein dorpje vlakbij de grens met Mongolië, verzet zich tegen het oprukkende zand.

Boa Yongxin, die zelf uit Aohan komt, vertelt boeren over manieren om de verwoestijning van hun land tegen te gaan. “Hoe armer de boer, hoe wanhopiger hij wordt om zijn land te benutten. Maar als je het land overbelast, verandert alles in een zandvlakte, waardoor de boer meer verliest dan hij wint”, zegt hij. Dat is de afgelopen decennia overal in het Noorden van China gebeurd.

Yongxin spreekt uit ervaring. In 1993 dreigde ook hij zijn boerderij aan het woestijnzand kwijt te raken. Gelukkig kwam hij op tijd in actie en wist hij de woestijn tot 1998 op veilige afstand te houden. Na vijf jaar besloot de overheid hem en de andere boeren met geld en materieel te helpen. Nu, bijna vijftien jaar later, hebben de Chinese boeren 10.000 hectare landbouwgrond terugveroverd. Als het aan Yongxin ligt, wordt dat gebied de komende jaren nog veel groter.

 

bron: ips
foto: cc

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief