“Waar ik het meest trots op ben, is dat mijn ideeën hebben geleid tot de oprichting van een kledingfabriek in Haïti.” In november sprak OneWorld met ontwikkelingseconoom Paul Collier. In het interview vertelde hij met trots over de oprichting van een kledingfabriek, waar hij bij betrokken was. Els Hortensius, Haïti-deskundige bij ontwikkelingsorganisatie ICCO, kent de fabriek waar Collier over sprak en reageert.

Met belangstelling heb ik in het decembernummer het interview met econoom Paul Collier gelezen. Ik wil echter een kanttekening maken bij de opmerking van Collier dat hij het meest trots is op het feit dat zijn ideeën hebben geleid tot de oprichting van een kledingfabriek in Haïti: “Nu hebben dus duizenden mensen een baan.” Was het maar waar!

Hier een aantal feiten rond deze kledingfabriek, bekend onder de naam Caracol Industrial Park. Het bergachtige en sterk onder erosie lijdende Haïti heeft alle geschikte landbouwgrond nodig om voedsel te verbouwen, maar om het industriepark in het noorden van Haïti aan te leggen werden drie jaar geleden ruim 350 gezinnen gedwongen hun huis en landbouwgrond te verlaten. Tot op heden is hen geen ander land toegekend, iets dat hen wel is beloofd. Volgens de plannen zou de kledingfabriek werk gaan verschaffen aan 65.000 mensen. Een jaar na de officiële opening van het bedrijvencomplex in oktober 2012 hebben echter minder dan 2000 Haïtianen hier een baan. Zij werken voor een schamel loon dat nauwelijks kansen biedt tot overleven, laat staan dat het de door donoren verwachte economische impuls voor de omliggende regio kan geven.

De kledingfabriek, regelmatig door donoren als de Inter American Development Bank en de Amerikaanse regering genoemd als een voorbeeld van “Building Back Better” na de aardbeving, zou vooral werk gaan bieden aan vrouwen. Dit is een van de redenen waarom Gender Action, de organisatie die wereldwijd gender gerechtigheid en vrouwenrechten bevordert binnen de investeringen van alle IFIs, onlangs onderzoek deed naar de arbeidsomstandigheden van de werknemers . De vrouwen en mannen die zij spraken waren bijna unaniem in hun commentaar: alles is beter dan niets, maar het werk wordt onder slechte omstandigheden gedaan, voor een loon dat niet voldoende is om van te leven (maar ook net teveel om van dood te gaan). Tot nu toe is ruim 400 miljoen dollar in de risicovolle onderneming geïnvesteerd. “Beter dan niets” zijn ook de woorden van een anonieme buitenlandse financier, geciteerd in de laatste Haiti Briefing van de Britse Haiti Support Group  die geheel gewijd is aan het Caracol Industrial Park. Ik zou Paul Collier willen aanraden beide rapporten te lezen: schaamte is hier meer op zijn plaats dan trots.

Lees ook: A glittering industrial park in Haiti falls short – Al Jazeera.

 

Beeld: USAID.
 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief