De omvangrijke Malinese gemeenschap in Parijs kijkt gefrustreerd toe hoe honderdduizenden Malinezen in het thuisland op de vlucht zijn geslagen voor geweld, chaos en droogte. Verwacht men een exodus uit Mali richting Frankrijk? “Het zou mij niets verbazen als ze en masse hier naartoe komen.”

[[{“type”:”media”,”view_mode”:”media_original”,”fid”:”14742″,”attributes”:{“style”:”float: right;”,”class”:”media-image media-element file-media-original”}}]]Een groepje jonge Malinese mannen zit op de grond rondom een smeulend vuurtje. Een van hen pakt met een tang een stuk ijzer uit het vuur en laat een smidshamer ritmisch neerdalen op het hete staal: ‘kleng, kleng, kleng’.  Het geluid weerkaatst via geelgekleurde muren omhoog. Tussen waslijnen en elektriciteitsbedrading hangt een enkeling verveeld uit het raam en observeert de activiteit op de drukbevolkte binnenplaats, waar de groenteboer de sigarettenverkopers en kappers hun diensten aanbieden.

“Welkom in Bamako aan de Seine”, zegt Anzamoune Sissoko (48). Al bevinden we ons in de Parijse voorstad Montreuil, hier huisvest de grootste Malinese gemeenschap buiten Mali. Al meer dan een halve eeuw trekken Malinezen naar Frankrijk, waar ze veelal verblijven in Parijse foyers: eet-, slaap-, en werkplaatsen voor migranten.

Jihad vlag
In Foyer Bara is het spitsuur. De tengere Sissoko loopt de kantine in. Malinese vrouwen in kleurrijke jurken scheppen vanuit enorme pannen de uitgereikte borden vol met bonen, rijst en lam. Vrouwen koken, mannen eten.

Elleboog aan elleboog wordt de situatie in het moederland besproken. Soms lopen de emoties hoog op. “Mijn stad wordt leeggeplunderd en vrouwen worden verkracht!”, roept Dramé Hakhibou, een vijftiger in een wit gewaad. De Malinees met grijzend kroeshaar is afkomstig uit de noordelijke stad Gao, die zojuist is ingenomen door Touareg-rebellen en Salafisten. Met een blik vol ongeloof: “Ze hebben de Sharia ingesteld, zelfs de jihad vlag wappert op onze huizen.”

De mannen in Foyer Bara zeggen getart te worden door gevoelens van frustratie en machteloosheid. De banden met Mali zijn hier erg sterk, legt Sissoko uit terwijl hij met zijn vork in de bonen op zijn bord prikt. “Veel Malinezen in Frankrijk betalen voor het levensonderhoud van de familie in het thuisland.”

Aan de muur van de eetzaal hangen kluisjes om de bezittingen van de migranten te zekeren. “Tien man op één eenpersoonskamertje is niet uitzonderlijk”, weet Claude Reznik, onderburgemeester van Montreuil en gespecialiseerd in migrantenzaken. Hij noemt de omstandigheden in de foyers ‘deplorabel’.

Democratie in duigen
Toch blijft Montreuil een populaire bestemming. Dat leerde ook zakenman Cees van Vossen die onlangs een voetbalelftal uit Bamako naar Zeeland liet overkomen voor een vriendschappelijk duel tegen V.V. Zierikzee. Bijna de voltallige Malinese selectie verkoos, met achterlating van paspoort en koffers, een toekomst als illegaal in Montreuil boven de wedstrijd.

“Voetballers uit Bamako?”, Sissoko kent ze niet. Wie hier een maand geleden over voetbal was begonnen, was verzekerd van een geanimeerd gesprek. De Malinezen dansten op de tafels nadat het nationale elftal favoriet Ghana met 2-0 had verslagen. Nu staat Mali zelf met 2-0 achter: eerst de militaire staatsgreep in het zuiden, vervolgens de Touareg onafhankelijkheidsverklaring in het noorden.

In een paar weken tijd zag Mali twintig jaar stabiele democratie in duigen vallen, werden sancties afgekondigd, tegoeden bevroren en ambassades gesloten. Nederland zet voorlopig de 50 miljoen euro aan ontwikkelingssamenwerking in de ijskast.

Woedende menigte
Wij willen de wereld duidelijk maken wat er op dit moment in Mali gebeurt”, zegt Lassana Niakaté in een naburige Parijse Foyer. In een flets zaaltje spreekt de Malinese migrantenleider zijn gehoor toe: “Bondgenoten en buurlanden hebben ons in de steek gelaten.” De zaal bevestigt met een hevig knikken. Dit sentiment leeft ook bij onze broers en zussen in Mali, verzekert Niakaté. Toen een delegatie van de West-Afrikaanse Unie ECOWAS naar Bamako vloog om de Malinezen tot de orde te roepen, werd hun komst verhinderd door een woedende menigte die de landingsbaan blokkeerde.

“Natuurlijk is de staatsgreep geen elegante interventie”, erkent Niakaté. Maar voor de Malinezen zijn het wel hún coupplegers. Het doel, het bestrijden van de Touareg, heiligt ieder middel. Amadou Toumani Touré, de verdreven president, trad slap op tegen de Touareg-rebellen. “De huidige crisis is zijn erfenis”, constateert Niakaté.

De migrantenleider waarschuwt voor het ‘blauwe gevaar’ (de Touareg, red.), maar ook voor de strijders van Al Qaeda, die in Mali een strategische uitvalsbasis naar Europa zouden creëren. “Nu is het nog een Malinees probleem, maar binnenkort is het een probleem voor heel Europa.’’

Frankrijk zou onze zaakbehartiger moeten zijn, vervolgt Niakaté. Hij is woedend omdat zelfs de voormalige koloniale machthebber niet te hulp schiet. Zijn rechtervuist in de lucht: “Onze opa’s vochten zij aan zij met de Fransen in de Tweede Wereldoorlog. Wij hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van dit land.”

Overtocht
Terwijl de Malinese gemeenschap in Parijs zich een roepende in de woestijn waant, zijn volgens de Verenigde Naties honderdduizenden Malinezen in het thuisland op de vlucht geslagen voor het geweld. Bovenop de chaos dreigt door aanhoudende droogte ook nog een hongersnood. Zal deze rampsituatie meer Malinezen doen overwegen de tocht naar Bamako a/d Seine te wagen?

Het Frankrijk van Nicolas Sarkozy is niet enthousiast over de komst van nog meer Malinezen, denkt Claude Reznik. “Veel politici, ook linkse partijen, bezigen straffe taal over het hard aanpakken van de foyers.”

Maar ondanks het barre politieke klimaat zouden de Malinezen wel eens en masse kunnen besluiten hier naartoe te komen, denkt Anzamoune Sissoko tijdens een scheerbeurt in Foyer Bara. De overtocht moet volgens hem niet onderschat worden. “Mijn familie heeft zeven jaar gespaard voor mijn overtocht.” Terwijl hij de kapper een paar munten in de hand drukt waarschuwt de Malinees tenslotte voor al te hooggespannen verwachtingen van zijn landgenoten: “Ook het leven als illegaal in Frankrijk is erbarmelijk.”

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Martijn van Tol is freelance journalist met een oog voor verhalen in de rafelranden ver weg of dichtbij. Op dit moment maakt Martijn …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief