Het tragische verhaal van Ming Kunpeng is op indringende wijze in beeld gebracht door Amerikaanse documentairemaakster Heather White, die de jongen een aantal jaren met de camera volgde in documentaire Who pays the Price. The human cost of electronics (2014). Ming begon op zijn negentiende bij een fabriek van ASM Pacific Technology (ASMPT), de Aziatische dochter van ASMI. Na enkele jaren werd er leukemie bij hem geconstateerd. De oorzaak, volgens het Guangdong Prevention and Treatment Center of Occupational Diseases, was het dagelijks werken met chemische stoffen. Benzeen, om precies te zijn, een oplossend goedje waarmee stof, vuil en kleine deeltjes worden verwijderd. De relatie tussen de werkzaamheden en de ziekte worden door het bedrijf in twijfel getrokken. Pas na een lang gevecht keerde het een schadevergoeding uit. Volgens bronnen rondom Ming, waaronder White en de Chinese NGO Labour Action China (LAC), echter lang niet genoeg om een fatsoenlijke behandeling van te kunnen betalen. Ming’s fysieke én mentale situatie verslechterde, totdat hij in december 2013 op 27-jarige leeftijd zelfmoord pleegde.

Dochter-af
Benzeen? Gebruiken en gebruikten wij niet, stelt ASMI in een briefwisseling met het tv-programma EenVandaag, dat er op 16 april jl. een item aan wijdde. ASMI zou in de betreffende fabriek in Shenzhen eigen (niet-openbaar) onderzoek hebben uitgevoerd en daarbij geen sporen van benzeen hebben aangetroffen; onderzoek van lokale autoriteiten idem dito. Daarnaast beargumenteert ASMI in een brief aan GoodElectronics Network dat, door de verkoop van 12% van de aandelen in ASMPT, in maart 2013,  ASMPT officieel geen dochter meer is. Het GoodElectronics Network is een wereldwijd samenwerkingsverband van organisatie die strijden voor betere arbeidsomstandigheden in de electronicasector.

Soap
Een korte voorgeschiedenis leert dat het al langer onrustig is binnen ASMI. ASMI, met een omzet van meer dan 450 miljoen en meer dan 1500 werknemers, werd in 1968 opgericht door Arthur del Prado en vestigde zich in Bilthoven, later Almere. In 2008 nam zoon Charles “Chuck” del Prado het roer over. In de ‘front-end’ produceert het bedrijf apparatuur voor het vervaardigen van siliconen wafers, de basis van microchips. De ‘back-end divisie’ (lees: ASMPT) maakt apparatuur voor de assemblage van microchips. Het geval wil de marktwaarde van het gehele bedrijf jarenlang lager werd gewaardeerd dan de waarde van dochter ASMPT. En dat wisten ook de commissarissen en aandeelhouders, die in 2008 in opstand kwamen en een splitsing eisten. Zo ontvouwde zich een ware soap. Chuck werd beschuldigd van wanbeleid en de commissarissen zegden hem ontslag aan. Daar kwamen ze op terug naar verluidt onder druk van grootaandeelhouder Arthur. Een commissaris en de financieel directeur ruimden het veld. Ook hedgefondsen Hermes en Fursa stuurden aan op nieuw leiderschap. Op de algemene aandeelhoudersvergadering van 2008 schoven zij een nieuwe kandidaat-CEO naar voren, maar via een creatieve constructie – de bevriende Stichting Continuïteit oefende haar optierecht uit – kon deze couppoging worden afgewend. Gedurende de recessie en de ‘chip-dip’ kwam ASMI haar aandeelhouders (deels) tegemoet: ze verkocht 12% van haar aandelen in ASMPT. Het belang van ASMI in ASMPT werd daarmee teruggebracht van 52% naar 40%, een minderheidsbelang.

Maatschappelijk verantwoord ondernemen?
Ook op gebied van maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) lijkt ASMI de zaakjes niet helemaal op orde te hebben. Tot voor kort deed het bedrijf er niets aan. Het jaarverslag van 2012 is het eerste document waarin een hoofdstuk over MVO is opgenomen. ASMI is daarmee de “achterblijver” van de elektronicasector, aldus de Vereniging van Beleggers in Duurzaam Ondernemen (VBDO). In het jaarverslag 2013 refereert ASMI aan een aantal beleidsdocumenten, zoals de ‘Global Employment Standards’. Onduidelijk is in hoeverre deze documenten ook gelden voor ASMPT.

Daarnaast verwijst ASMI naar een aantal externe initiatieven en standaarden, zoals naar branche initiatief EICC. Een korte check wijst uit dat het bedrijf geen lid is van datzelfde initiatief. Eveneens refereert ASMI aan internationale standaarden van de VN. Deze standaarden bevatten een ‘due diligence’ principe, wat inhoudt dat bedrijven gepaste zorgvuldigheid aan de dag moeten leggen om negatieve gevolgen van bedrijfsvoering te identificeren, voorkomen en herstellen. ASMI licht niet verder toe hoe ze dit principe ten uitvoer brengt.

VN-richtlijnen
Zoals gezegd dus geen duidelijkheid over de reikwijdte van ASMI’s MVO-beleid met betrekking tot ASMPT. De VN-richtlijnen voor Bedrijven en Mensenrechten bieden echter duidelijke houvast. Principes 11 en 14 stellen dat alle ondernemingen – ongeacht de locatie, grootte, sector, structuur of eigendom – mensenrechten moeten respecteren en schadelijke gevolgen voor mensen moeten aanpakken. Deze verplichting geldt voor elke mensenrechtenschending die direct gelinkt is aan de activiteiten van een bedrijf, zelfs als het bedrijf niet zélf bij die schendingen betrokken was. Volgens speciaal gezant van de VN John Ruggie, die recent in een brief aan de OECD over de Richtlijnen sprak, geldt dit óók voor minderheidsaandeelhouders, zoals in het geval van ASMI en ASMPT.

De zaak van Ming Kunpeng geeft een urgente aanleiding voor ASMI om haar ‘due diligence’ op een concrete manier uit te voeren. Tot nu toe heeft het bedrijf ontkend dat er benzeen gebruikt wordt, en verwijst het naar een niet gepubliceerd onderzoek. Maar om te garanderen dat werknemers in Chinese fabrieken een veilige werkomgeving hebben, is een actiever beleid van het hoofdkantoor nodig, waarbinnen relevante stakeholders een betekenisvolle rol spelen.

Meike Remmers en Tim Steinweg, onderzoekers bij SOMO

Lees meer over het ASMI Company Profile door SOMO

 

 

 

 

 

 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief