Hoofdredacteur Hans Ariëns is deze week op stap met minister Ploumen, die hulp en handel combineert. In Zuid-Sudan gaat het over hulp, in Ethiopie over handel. Ploumen leidt daar een missie met Nederlandse ondernemers.

Het lijkt aantrekkelijk, zo’n trip samen met de minister. Je hoeft zelf niets te regelen, je komt op interessante plekken – in dit geval Zuid-Sudan en Ethiopië – en je kunt de minister in het wild observeren. In de alledaagse journalistieke werkelijkheid is zo’n missie buffelen, afzien, of, zoals diplomaten zeggen, extreme hardship.

In de eerste plaats is er het moordende schema. Een minister van Ontwikkelingssamenwerking (tegenwoordig ook van Buitenlandse Handel) doet normaal gesproken een land in een dag. In die dag moeten er belangrijke ministers worden gesproken, moeten maatschappelijke organisaties worden gehoord, en moet er ook nog iets leuks worden gedaan met Nederlandse expats in dat land. Dat resulteert in een programma als een militaire operatie waarin elke minuut is ingepland. Als journalist ben je daar gewoon onvoldoende in gedrild en ga je onherroepelijk in de fout. Ik heb daaruit de volgende lessen gedestilleerd.

Les 1. Denk aan je bagage!
Bij aankomst op het vliegveld van Juba, de hoofdstad van Zuid-Sudan, is er geen tijd om mijn ingecheckte reistas af te halen. Er wacht al een minister op ons. Een ambassademedewerker gaat dat doen en pakt mijn paspoort. Daarop zit echter geen bagage-tag. Gevolg is dat mijn tas met schone kleren op het vliegveld achter blijft. Door het volle programma kom ik daar pas eind van de middag achter. De balie van Kenya Airways is dan al dicht. In de verschroeiende hitte van Zuid-Sudan (47 graden) is twee dagen in dezelfde kleding uitgesloten. Ambassademedewerker Ronald Sonnemans heeft gelukkig mijn postuur en komt met een complete reserve-set aanzetten. Het voelt wat onwennig, in iemand anders garderobe, maar ik ben ‘m dankbaar.

Les 2. Nooit aan eten denken!
De lunch op de ambassade is niet toegankelijk voor mij als persmuskiet, omdat de gesprekken met Zuid-Sudanese ministers geëvalueerd moeten worden. Ik kan pas naar binnen als de missie uitgegeten is. Hongerig stort ik mij op de overgebleven sandwiches. Buitengekomen blijkt de missie al vertrokken te zijn, op naar een afspraak met VN-chef Hilda Johnson. Dankzij ambassademedewerker Durk kan ik de minister en haar gevolg later nog opvangen.

Les 3.  Interview nooit een minister in een Cessna Caravan bij 50 graden.
In zo’n straf schema zijn de persmomenten schaars. Mijn moment, zo bepaalt woordvoerder Hans Akerboom, komt op de terugweg van provincieplaats Bor naar Juba. Achterin een schattig, maar petieterig eenpropellor vliegtuigje, de Cessna Caravan. Ik mag dan naast de minister zitten en haar interviewen. Op de heenweg raakte het vliegtuigje al in serieuze luchtzakken, die het uiterste van de passagiers vergden. De terugweg, met nog meer thermiek, belooft echt een ‘bumpy ride’ te worden. Ik zet me schrap en zet de recorder aan.

Voor het vliegtuig vertrekt worden we al gesmoord in de benauwde cabine. Ik probeer niet aan warmte en verstikking te denken, maar tevergeefs: ik drijf van het zweet. De minister – en hier blijkt haar grote kracht – geeft geen krimp en staat me gewoon te woord, alsof we in haar kamer op het departement zitten. Ze zit nota bene 30 cm van een zwaar zwetende reporter vandaan! Als zij stoer kan zijn, ben ik het ook. Ik trek me niks meer van de luchtzakken aan, ook niet van de opkomende honger – dit keer heb ik de lunch veiligheidshalve maar overgeslagen – en doe mijn werk.

Het resultaat leest u over een paar weken in het volgende OneWorld magazine. Als het interview wat hortend en stotend overkomt, dan weet u waar het aan ligt. Mijn collega’s op de redactie zijn alvast gewaarschuwd. Ik heb de hele volgende week nodig om bij te komen van dit snoepreisje.

 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
bewlg3-0515

Over de auteur

Redacteur

Hans Ariëns (1960) was de adjunct-hoofdredacteur van OneWorld sinds 2015. Daarvoor oefende hij met frisse tegenzin het hoofdredacteurschap …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief