AdidomeVakschool

Kerken en ngo' s worden
beschuldigd van agressieve
praktijken bij het bevrijden en
omscholen van schuldslaven

'Het christendom is het beste wat me is overkomen', zegt Edem. De 31-jarige vrouw was een trokosi, een 'schuldslaaf'. Haar vader bracht haar als klein meisje naar de tempel van een priester om daar plaatsvervangende schuld in te lossen voor een door een familielid gestolen oorring. Door de christelijke hulporganisatie International Needs Ghana werd ze vrijgekocht. Edems ogen lichten op als ze vertelt over de bevrijding zelf: ze kon eindelijk haar halsketting afdoen. Maar van de merktekens die met een mes in haar wangen zijn gekerfd komt ze niet meer af.

Of het nu een futiel of een ernstig misdrijf is, alleen het schenken van een jonge maagd kan volgens de Ewe-bevolking in de Ghanese Volta de woede van de goden wegnemen. Als een priester die namens het slachtoffer van een delict bemiddelt na het raadplegen van zijn orakels ontdekt wie de dader is, zal de familie van de dader gevraagd worden een jong meisje naar de tempel te brengen om de goden weer gunstig te stemmen. Deze plicht garandeert volgens de Ewe dat geen familielid zich meer slecht zal gedragen. De zonde was een aberratie, de familie-eer is gered. Waar het meisje naartoe moet, hoort de priester ook via zijn orakels. Vaak wordt ze naar een tempel ver van haar eigen dorp gebracht. De priester aldaar gebruikt de trokosi voor het huishouden, voor werk op het land en soms voor seks. Ze is tenslotte 'vrouw van God'.

Edem is voor International Needs een voorbeeld waarmee de organisatie graag naar buiten komt. Toch had het aanvankelijk veel voeten in aarde om de school waar Edem nu een vak leert te mogen bezoeken. Een medewerker van het kantoor van International Needs in Accra was weinig mededeelzaam en wilde absolute controle. Als ik een jaar geleden was gekomen, zou ik met open armen zijn ontvangen, maar nu stelde hij een aantal voorwaarden als ik over hun werk wilde schrijven. Het mocht alleen in de context van het moois dat Ghana te bieden heeft, het land van de culturele rijkdom. De organisatie was, zei hij, door de overheid op de vingers getikt: met de verhalen over verborgen slavernij brengen ze een te negatief beeld van het land naar buiten.

 

Uitwisselbaar

Ik kies dus mijn eigen weg en trek samen met een sociologiestudent uit de Volta richting Wenu, een dorp in het Akatsi district. Dankzij trokosi kent Wenu geen criminaliteit, meent dorpschief Felix Azasu. 'Het systeem legt een sterke druk op de delinquent om te bekennen. Bovendien werkt het systeem preventief: men is bang om zelfs maar een doek van een buurvrouw te stelen omdat het altijd zal uitkomen. Dankzij trikosi hebben we snel en efficiënt recht.' Het is volgens de chief 'zinloos' om naar de politie te gaan. 'Laatst, in een ander dorp, waren twee geiten gestolen', zegt hij. 'De boer pakte de dief en bracht hem naar de politie. Toen hij de volgende morgen naar de markt ging, kwam hij de dief op straat tegen: vrijgelaten. We hebben geen enkel vertrouwen in de overheid.'

 'Neppriesters vissen in de vijver van nieuwe christelijke groepen'

Maar waarom moet een willekeurig meisje boeten en wordt de dader niet zelf gestraft? Felix: 'Bij ons volk bestaan geen individuen, het gaat om de wijdvertakte familie. Iedereen daarin is onderling uitwisselbaar. Als je iemand anders dan de dader straft, schrikt het plegen van een misdaad nog meer af. Het gaat er om de familie-eer hoog te houden.'

Vijftien jaar lang hebben de inwoners van Wenu organisaties als International Needs buiten de deur weten te houden. Azasu: 'Er wonen hier tweehonderd mensen en we behoren allemaal tot dezelfde familie. Daardoor hebben we ons goed weten te verweren tegen ngo's en kerken. We treden met één stem naar buiten, we zijn een hecht bolwerk.' Veel andere dorpen zijn volgens de chief in de war. 'Juist degenen die tot het christendom zijn bekeerd, zaaien verdeeldheid.'

 

Neppriesters

In hetzelfde dorp bezoeken we ook Felix' zus, de priesteres Mama Blewa. Dat trokosi generatieslang moeten boeten en opgesloten worden in hokken, zoals critici zeggen, doet ze af als onzin. 'Kijk', zegt ze, en wijst een meisje aan dat vuur maakt voor het ontbijt. 'Zij is een trokosi. Je kunt hier niet eens zien wie wel of niet trokosi is: ze kunnen vrijuit in het dorp rondlopen en hun familie bezoeken als ze dat willen. De meesten blijven een paar jaar, soms wat langer, en gaan dan terug naar hun dorp of trouwen hier.' In Wenu wonen zo'n twaalf ex-trokosi die met een van de mannen getrouwd zijn. Ook chief Felix' vrouw is een ex-trokosi.

De gemoederen raken verhit als we het onderwerp van de 'bevrijdingen' aansnijden. Die bevrijdingen zijn voor een groot deel fake, zeggen broer en zus in koor. Felix: 'Neppriesters vissen in de vijver van nieuwe christelijke groepen. Daar rekruteren ze meisjes om één dag voor trokosi te spelen, waarna ze samen de revenuen opstrijken. Het is één grote truc om geld binnen te slepen.'

Felix benadrukt dat het per gemeenschap verschilt hoe ze met trokosi omgaat. Er zijn dorpen waar de meisjes generatieslang moeten boeten en er zijn priesters die meisjes seksueel misbruiken. Maar er zijn ook liberalere plekken, zoals hier, waar je de situatie meer zou kunnen vergelijken met het leven in een klooster. Dat het trokosi-systeem toe is aan enige verbetering geeft Felix schoorvoetend toe. In Wenu kunnen trokosi tegenwoordig dankzij opgestuurde naaimachines van een familielid in Amerika een vak leren. 'Verbetering moet van binnenuit komen, niet via een ngo die onze religie wil uitwissen.'

Dat vindt ook een neef van de chief, die zeven jaar in Duitsland heeft gewoond. 'In Duitsland kom je onder een boete niet uit', zegt hij. 'Zo'n rechtssysteem moeten we hier ook hebben. Maar onze overheid is een vampier. De ngo's en de media hebben trokosi in een veel te slecht daglicht gesteld. Ik ken ex-trokosi in Duitsland en Engeland die jaarlijks naar Ghana teruggaan voor het trokosi-festival. Uit heimwee. De mensen in de Volta willen het systeem best verbeteren, maar ze sluiten zich keihard af voor de agressieve benadering van ngo's en kerken. Laat het over aan de mensen zelf, laat ook de overheid zich er niet mee bemoeien.'

 

Rolmodel

Een trokosi-meisje, zeggen actievoerders, is geen 'vrouw van God' maar 'slaaf van God'. De anti-trokosicampagne startte in 1980 toen de Baptist Mark Wisdom, die uit een familie komt met zowel tempelpriesters als trokosi-meisjes, het gebruik aan de kaak stelde. Bijzonder was, dat voor het eerst van binnenuit het gebruik als een flagrante schending van de mensenrechten naar buiten werd gebracht. Wisdom zette zich in om de meisjes en vrouwen vrij te kopen. In de jaren negentig nam International Needs de campagne over en al snel stortten de overheid, ontwikkelingsorganisaties, kerken en media zich allemaal op het onderwerp.

Vanaf het moment dat International Needs veel meisjes heeft bevrijd, zijn steeds meer ngo's zich met het onderwerp gaan bemoeien. 'Het is pure commercie geworden. Hun belang werd het aanboren van fondsen', zegt Dr. Elom Dovlo, socioloog bij de vakgroep religieuze studies van de University of Ghana. Begin jaren negentig heeft Dovlo als consultant jarenlang onderzoek gedaan voor International Needs, maar de resultaten zijn door de opdrachtgever nooit gepubliceerd.

Na de frontale aanval van de ngo's gingen de traditionalisten het systeem van trokosi 'witwassen': trokosi zouden een rolmodel voor de samenleving hebben en het systeem zou opvoedkundige waarde hebben. Door het commerciële belang van de ngo's enerzijds en door de defensieve pro-trokosi acties en de opbloei van het traditionalisme anderzijds, trokken sleutelfiguren zich terug. Dovlo: 'Bij de ngo's heb ik ervoor gepleit om af te zien van een frontale aanval en om erop te vertrouwen dat de Ewe zelf vanuit hun eigen gemeenschap het probleem zouden oppakken. In Klikor was er bijvoorbeeld een ambtenaar die zich publiekelijk tegen het trokosi systeem uitsprak door te weigeren een trokosi meisje te leveren. Enkele onderwijzers steunden hem hierin. De tegenstanders voorspelden allerlei onheil, maar toen bleek dat er helemaal niets gebeurde, noch binnen de familie noch met het aangewezen trokosi-meisje, verstomde het tumult.'

 

Bekering

Het debat over trokosi is verworden tot een conflict tussen traditionele religie en het christendom. Dovlo, die zelf methodist is, heeft er geen moeite mee dat de bevrijding van de meisjes hand in hand gaat met de bekering tot het christendom. 'Bevrijding zal altijd gekoppeld zijn aan christendom. Natuurlijk moedigen de ngo's de meisjes aan christen te worden.' Hij vindt het vooral belangrijk dat er politieke steun komt om trokosi te stoppen. Maar de Ghanese minister van Gezondheid waarschuwt juist dat christenen de Afrikaanse levensstijl kleineren. Hij roept Ghanezen op niet langer neer te kijken op traditionele religie en die te vervangen door die van het Westen of te zwichten voor geld van donoren. 'Laat ons teruggaan naar onze roots.'

Voor de toekomst is vertrouwen een eerste voorwaarde, aldus Dovlo. 'Bij mijn eerste onderhandelingen zei een oude vrouw tegen mij: "Iemand die naar iets goeds uitkijkt, moet geduld hebben en nooit opgeven." Dat was een belangrijke les: je moet mensen lucht en ruimte geven. Het oplossen van een cultureel probleem vergt subtiliteit en moet niet besproken worden in publieke confrontaties. Het is veel vruchtbaarder dit onderwerp binnenshuis te bespreken. In de afgelopen decennia is grote druk op de bevolking in de Volta uitgeoefend waardoor er een internationaal stigma kwam. Daardoor worden onderhandelingen onmogelijk. Nu er geen dialoog meer is, voelen de gemeenschappen zich vogelvrij om trokosi te handhaven.'

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief