OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

Door een nieuwe Syrische wet kan het privébezit van gevluchte Syriërs onteigenend worden, zoals hun land of huis. Tenzij de eigenaren binnen een jaar komen bewijzen dat het hun bezit is. Maar ze kunnen niet terug naar hun huis: de oorlog is nog steeds gaande.

Wie er niet in slaagt zijn claim voldoende te onderbouwen, wordt niet gecompenseerd; het onroerend goed in kwestie is dan van de provincie of stad. Wat zijn de implicaties van deze nieuwe onteigeningswet voor Syriërs in Nederland? Ik vroeg dat aan twee vluchtelingen, en sprak ook met Sara Kayyali, Syrië-onderzoeker van Human Rights Watch.

Kayyali legt uit wat het doel van deze wet is: “Hij wordt gepromoot onder het mom van de wederopbouw van Syrië, maar in de praktijk is het een instrument van het Syrische regime om te discrimineren tegen bepaalde segmenten van de samenleving. Vooral mensen die gevlucht zijn hebben eronder te lijden. Dit is niet de enige wet in zijn soort. Eerder hadden we al decreet 66 uit 2012; dat ging over onroerend goed in Kafr Sousse en Mezzeh, wijken bij Damascus. Het effect van dat decreet was dat veel onroerend goed in handen is gevallen van de Shaam Company, die weer eigendom is van de gouverneur van Damascus. Of het nu zo bedoeld is of niet, de consequentie van de wet is dat die verhindert dat Syriërs naar hun land kunnen terugkeren.”

Het een instrument van het Syrische regime om te discrimineren tegen bepaalde segmenten van de samenleving.

Marwan woont in Amsterdam; hij komt oorspronkelijk uit de provincie Quneitra. Beïnvloedt de nieuwe eigendomswet de bezittingen van zijn familie in Syrië? “Het maakt voor onze familie niets uit, ons huis is al eerder in bezit genomen door het Syrische leger, net als ons land. Wij waren voor deze wet alles al kwijt.”

“Quneitra grenst aan Israël. Het Syrische leger was er sinds de oorlogen met Israel altijd aanwezig. In april 2013 kwam er een grote brigade pantservoertuigen, en zij eisten het huis van mijn familie in het dorpje Jaba op. Ons huis ligt op een strategische plek. ‘Jullie kunnen meenemen wat je maar wilt, je hebt acht uur om het huis te verlaten,’ zeiden de militairen. Mijn vader probeerde met hen in gesprek te gaan, maar het mocht niet baten. Ze gebruikten ons huis als een checkpoint en plaatsten machinegeweren op het dak. Een majoor-generaal kwam er wonen. Zelf was ik inmiddels al naar Turkije gevlucht, omdat ik had deelgenomen aan de vreedzame burgerbeweging tegen Assad. Ik verliet Syrië op 27 oktober 2011, zeven à acht maanden na het begin van de revolutie. De rest van mijn familie vluchtte naar Libanon nadat hun huis in beslag was genomen; daar zijn ze nog steeds. Hoe moet mijn familie in hemelsnaam bewijzen dat het huis in Jaba van hen is? Ze konden amper iets meenemen toen ze uit huis verjaagd werden.”

Ook Lourans Issa, mensenrechtenactivist en lid van het Syrian Legal Network, is boos over de nieuwe wet. “Het grote verschil met het decreet van 2012 is de reikwijdte: het decreet gold slechts voor drie plekken rondom Damascus, terwijl deze wet heel Syrië beslaat. Duitsland had felle kritiek op de wet, waardoor nu de termijn waarbinnen Syriërs moeten aantonen dat een huis of land hun eigendom is, van een maand naar een jaar is verlengd. Maar in de praktijk maakt het weinig uit. De oorlog is nog steeds gaande, mensen kunnen sowieso niet terug naar hun huis.”

Een onderzoek door de Norwegian Refugee Council (NRC) constateerde dat slechts 17 procent van de ontheemde Syriërs papieren hebben waarmee ze het eigendom van onroerend goed in Syrië kunnen bewijzen.

“En hoe moet je je eigendom claimen? Wie als Syrische vluchteling in het buitenland woont en naar Syrië terugkeert, verliest enerzijds zijn rechten hier en riskeert anderzijds in Syrië gearresteerd te worden, bijvoorbeeld omdat je je dienstplicht hebt ontlopen. Het regime zal dan zeggen dat je iemand ter plaatse kunt machtigen, maar ook dat is gevaarlijk. Niemand durft dat te doen, je riskeert gearresteerd of ontvoerd te worden. De geheime dienst zit iedereen op de nek in Syrië,” aldus Issa.

“Bovendien is er een grote kans dat er iemand in mijn huis zit. En ik heb geen middelen om die er dan uit te krijgen,” aldus Issa. Ik kom oorspronkelijk uit Kamishli in de provincie Hasaka, wat Koerdisch gebied is, en later heb ik in Aleppo gewoond. Maar voor beide gebieden geldt hetzelfde: mijn familie en ik zijn die huizen kwijt.”

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
5628d2340f468b3c134d6b469e278abf_400x400

Rena Netjes

Rena Netjes is journalist en arabist. 
Profielpagina

Advertentie

wca2019_600x500_v4 (002)