Deze vragen worden regelmatig aan mij gesteld en onderstrepen maar weer eens dat ik de gezegendste der mensen ben: zomaar een juniorbaan in de OS-sector. Dat wil iedereen wel! Dat het louter toeval was dat ik deze baan kreeg, zeg ik dan maar niet. En dat mijn kantoorbaantje slechts een springplank is om ervaring op te doen, zodat ik straks kan solliciteren naar een grotemensenbaan in het zonnige Zuiden, al helemaal niet. Ik kijk wel uit. Ik heb een tijdelijk contract en er staan honderden afgestudeerden en een handvol stagiairs hijgend over mijn schouder te kijken.

 

Zonder die ervaring (lees: een flinke berg anekdotes 'uit het veld') tel ik hier op kantoor eigenlijk helemaal niet mee. Ik word omgeven door een legertje oudgedienden. De helft is dienstweigeraar geweest. Ze weten het allemaal beter dan ik en zitten niet op mij te wachten. Wel ben ik opeens in beeld wanneer er een lastig dossier uitgeplozen moet worden.

 

En dan is er nog de snoeiharde concurrentie van tante Truus en ome Wim. Ook zij praten mee over mijn werk, want tegenwoordig hangt hun status niet alleen meer af van hun vrijstaande villa met bijpassende auto. Nee, ze hebben een weeshuis in Kenia, dat ze zomaar ondersteunen. En fijntjes zeggen ze tegen mij: 'Het mooie is, al het geld gaat direct naar de mensen die het nodig hebben!' Kijk, dat is dus een frontale aanval op mijn deskundigheid én broodnodige salaris!

 

En dan zijn er nog al die bekende Nederlanders die zich inzetten voor het goede doel. Wie is er tegenwoordig geen ambassadeur voor een organisatie? Nadat ze de aidsweesjes gesproken hebben, weten ze precies hoe het zit met de hele hiv/aids-problematiek en beginnen ze op te scheppen waarom de aanpak van hun organisatie zo goed is. Hun organisatie? Mijn organisatie zullen ze bedoelen. Maar dat weet geen mens: ik werk achter de coulissen.

 

Daar zit ik dan achter m'n computer, met m'n verdampende idealen. Ik worstel me door allerlei rapportages en digitale nieuwsbrieven heen. In een van die nieuwsbrieven lees ik dat Jort Kelder he-le-maal achter de Millenniumdoelen staat en 'wat wil doen' met ontwikkelingssamenwerking. Het vleesgeworden kapitalisme heeft me verslagen en jaagt me weg.

 

Misschien zie ik het allemaal net iets te somber in, maar ik heb een dip. Ik voel me overbodig. Dus deze week zeg ik tegen iedereen die jaloers op me is: 'Ik geef het op, jullie mogen mijn baan hebben!'

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief