Nederland haalt op alle onderdelen een score in de bovenste helft en eindigt net als vorig jaar op plaats één. Niet alleen gaf Nederland in 2005 0,76 procent van zijn BBP uit aan ontwikkelingshulp, het land doet er ook alles aan om bedrijven aan te moedigen om te investeren in armere landen en gedragen zich voorbeeldig in de strijd tegen klimaatverandering.

 Helemaal bovenaan de ranglijst staan de landen die in verhouding tot hun Bruto Binnenlands Product een flink stuk van hun budget besteden aan ontwikkelingssamenwerking: Nederland, gevolgd door Denemarken, Noorwegen en Zweden.

Geld is niet het enige criterium voor de rangschikking van het Center for Global Development. De Amerikaanse denktank onderzocht ook in welke mate de rijke landen handelsbarrières opwerpen voor producten uit arme landen, of ze investeringen in ontwikkelingslanden stimuleren en hoe gastvrij ze zijn tegenover migranten. Landen die zich inzetten voor een beter milieu, voor een veiligere wereld en voor de overdracht van kennis en technologie scoren extra punten.

  
Kritische noten
Het rapport plaatst ook enkele kritische noten bij de Nederlandse inspanningen. Zestien procent van de Nederlandse hulp blijft gebonden aan de voorwaarde dat de ontvangende landen het geld uitgeven aan Nederlandse producten of diensten. Ook Nederland was in de voorbije jaren niet zo tuk op migranten of studenten uit ontwikkelingslanden en voert relatief veel tropisch hout in.
 
Peru
Foto CC

Milieu

De auteurs van de studie vragen dit jaar bijzondere aandacht voor de parameter 'milieubeleid'. Ze verwijzen naar onderzoek waaruit blijkt dat door de opwarming van de aarde de landbouw in ontwikkelingslanden tegen 2080 10 tot 25 procent minder productief zou worden. Helemaal onderaan de milieurangschikking bengelen de VS en Australië, omdat ze niet meedoen aan het verdrag van Kyoto, zelf veel broeikasgassen uitstoten en weinig belasting heffen op benzine. Spanje scoort slecht omdat het door subsidies de overbevissing stimuleert en Japan omdat het veel tropisch hout importeert.
 
De beste leerling van het milieuklasje komt opnieuw uit Scandinavië: Noorwegen dankt zijn eerste plaats aan de expansie van zijn bossen, die koolstofdioxide opslorpen. Groot-Brittannië is op de vierde plaats het eerste grote industrieland, dankzij een verhoging van de brandstoftaksen en aanzienlijke investeringen in hernieuwbare energie.

Center for Global Development

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief