Hooguit anderhalve meter lang zal hij zijn, maar hij draaft de berghelling af met een monstrueuze motorzaag, bijna net zo lang als hij, op zijn schouder. Bas en ik glijglibberen van stammetje naar stronkje achter hem aan, maar besluiten halverwege niet ons leven (en apparatuur) te wagen voor het omzagen van een boom. Paslam, zo heet de snelle man, is een Kutai, een van de inheemse volken van Kalimantan.

Paslam maakt onderdeel uit van een kapploeg van een bosbedrijf dat onlangs het FSC-keurmerk kreeg vanwege zijn goede bosbeheer. Fotograaf Bas Jongerius en ik bevinden ons in Kalimantan, het Indonesische deel van Borneo, om te kijken of FSC waarmaakt wat het beweert: goed voor mens, natuur en bedrijven. We zijn er op uitnodiging van The Borneo Initiative, dat met geld van particuliere fondsen en de Nederlandse overheid in vijf jaar tijd maar liefst 5 miljoen ha bos wil laten certificeren volgens de regels van FSC. Dat is een stuk meer dan de oppervlakte van Nederland.

Goed, de bomen worden nog steeds geveld, maar het gebeurt nu met beleid. De overgrote meerderheid van de bomen blijft gewoon staan, alleen vooraf geselecteerde bomen moeten eraan geloven. Ze worden met overleg en na het nemen van allerlei voorzorgmaatregelen omgezaagd en vervolgens met een staalkabel en lier naar de weg getrokken. Schade aan het bos is er zeker, dat ziet zelfs een niet-bioloog. Maar, beweert iedereen die we spreken, na twintig jaar zie je er al niks meer van dat er is gekapt. Het oerwoud krijgt dertig jaar de tijd om te herstellen, want ieder jaar worden uit een ander stuk oerwoud de waardevolle stammen gehaald – vooral rode meranti. De rest van het bos wordt met rust gelaten.

Het gebrul van de motorzaag maakt een einde aan alle gemijmer. Nadat de boom onder veel gekraak met een doffe klap tegen de vlakte gaat, en alle takjes en blaadjes zijn gevallen, keert de rust weer helemaal terug. Paslam zaagt alle takken van de boom, en klimt moeiteloos de heling op. Of het zwaar werk is, wil ik weten. Zeker, zegt hij, heel zwaar. Maar het verdient goed. De stoere man vertelt het bijna fluisterend. Vindt hij het niet moeilijk dat hij uitgerekend in het bos van zijn voorouders bomen velt voor de veeleisende exportmarkten in Europa en Amerika? Tsja, wat moet Paslam daar nou op zeggen? En wie ben ik om die vraag te stellen?

Foto: Bas Jongerius

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Han van de Wiel is een Nederlandse journalist die zich gespecialiseerd heeft in milieu, klimaat, ontwikkelingsvraagstukken en Europa.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief