Een eenzaam huis, aan drie zijden omringd door een betonnen muur van negen meter hoog, vol graffiti. Daarboven een hekwerk van nog een meter. Het herinnert aan Oost-Berlijn in de jaren tachtig. Een tekst leest: ‘Ich bin ein Berliner.’ Maar deze muur is hoger. Het huis is Arabisch. Een braakliggend stuk grond ligt vol vuilnis. Dit is de rand van Bethlehem, een van de heiligste plekken in het christelijke geloof.

 

Hier wonen Claire en Freddy Anastas met hun vier kinderen. Op de grens van Bethlehem en Jeruzalem. "We hadden het niet slecht vroeger", vertelt Claire. "Mijn man had samen met zijn broer een garagebedrijf hier aan huis. We hadden veel klandizie uit beide steden."

 

Tot de tweede Intifada uitbrak. Toen kwam hun voordelige locatie precies in de frontlinie terecht. Ten zuiden van het drie verdiepingen hoge huis lag, en ligt, het Aida vluchtelingenkamp. Ten noorden kwam het belangrijkste checkpoint dat Bethlehem op de bezette Westelijke Jordaanoever scheidt van Jeruzalem. Naast het huis kwam een legerbasis.

  

Bethlehem kerststalletje
Claire Anastas met een van haar
eigenzinnige stalletjes.
Foto: Ronald de Hommel

In de vuurlinie

Anderhalf jaar lang lagen ze in de vuurlinie. Militante Palestijnen in het vluchtelingenkamp beschoten het leger. De Israëlische soldaten schoten terug. Regelmatig namen de soldaten het huis in omdat ze vanaf het dak een goed uitzicht hadden. "We hebben de Palestijnse schutters gelukkig buiten weten te houden. Die probeerden ons huis ook regelmatig binnen te vallen vanwege de strategische positie. Als ze dat was gelukt dan was ons huis zeker platgegooid door het leger."

 

Al die tijd sliepen ze met het hele gezin in het trappenhuis. "De slaapkamers waren te gevaarlijk. Daar vlogen ’s nachts regelmatig kogels naar binnen." Overdag moesten de kinderen gewoon naar school, als er geen uitgaansverbod was. "Ik moest met de kinderen door de vuurlinie lopen terwijl de rode laserlichtjes van scherpschutters over onze hoofden gleden," vertelt Claire.

 

Bange klanten

Freddy verloor zijn inkomsten. Klanten konden of durfden niet meer bij de garage te komen. Voor het verplaatsen van de werkplaats, hadden ze geen geld. De familie was afhankelijk van hulp en leningen tot de gevechten afnamen. "We hoopten dat we ons leven weer konden oppakken na de bouw van de muur", gaat Claire door. "Maar dat bleek ijdele hoop. Onze klanten uit Jeruzalem kunnen ons niet meer bereiken omdat we aan de verkeerde kant van de muur zitten. Onze klanten uit Bethlehem zijn bang om hier te komen. De legerbasis ligt er nog steeds. Dit gebiedje is een militaire zone wat betekent dat de Palestijnse Autoriteit hier niets te zeggen heeft. Het Israëlische leger is de baas en kan zonder aankondiging binnenvallen. Geen klant durft hier zijn auto achter te laten. Mijn man en zijn broer huren nu een kleine garagebox in Bethlehem. Maar alle reparaties waarvoor speciaal gereedschap nodig is, moeten hier plaats vinden. Ze rijden de hele dag op en neer met een geleende auto om onderdelen op te halen en weg te brengen voor de paar klanten die ze nog hebben."

 

Claire verkoopt haar kerststalletjes ook online. Kijk op: http://www.anastas-bethlehem.com/ of mail haar op: claireanastas@gmail.com

Ze verkoopt onder meer kerstpakketten met het stalletje en verschillende andere artikelen uit Bethlehem en de rest van de Palestijnse gebieden.

Bethlehem kerststalletje2
Foto: Ronald de Hommel

Inmiddels zijn de toeristen weer terug in Bethlehem. Regelmatig dwalen er wat jonge backpackers over het braakliggende stuk grond naast het huis om de muurschilderingen te bekijken. Toerbussen stoppen vlakbij en groepen worden langs het huis geleid om de absurditeit van de situatie te tonen. "Reisleiders vragen me vaak of ik mijn verhaal wil vertellen aan zo’n toergroep. Dat doe ik graag. Maar inmiddels denk ik, wat moet ik hiermee? Ik vertel al mijn ellende en ondertussen zitten we nog steeds diep in de schulden. De reisleider krijgt aan het einde van de rit een mooie fooi. Ik houd er niets aan over."

 

Kerststalletjes

Zo kreeg ze het idee om een souvenirwinkeltje te openen. Haar familie zat vroeger al in de souvenirhandel. Dus ze had nog wat contacten bij de producenten. Op de begane grond, met uitzicht op het grijze beton. Probeert ze nu dagelijks wat extra inkomsten te vergaren in een winkeltje dat nog treurig leeg oogt. "Ik kan alleen werken als de kinderen op school zijn, maar het is in ieder geval een begin. We proberen ook op andere manieren zoals via het internet onze spullen te verkopen. Traditioneel zijn de kerststalletjes hier erg populair" vertelt ze, "vooral in de aanloop naar december."

 

Met hun typische Palestijnse gevoel voor humor hebben zij en haar man daar op ingespeeld. Het pronkstuk uit de collectie is een houten kerststalletje, met alle hoofdpersonen erin. Alleen de ezel en de os liggen buiten, gescheiden van de rest door een hoge muur. Freddy, die net thuis komt toont met een brede grijns een stalletje. "Kijk, je kunt de muur ook weghalen. Konden wij dat ook maar."

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief