Naast droogte en overstromingen hebben nomaden in het noorden van Ethiopië te kampen met nog een vijand: de prosopis juliflora. Deze doornige boom overwoekert de graasgebieden, slokt al het water op en is de schrik van koeien en kamelen. Lokale herders noemen hem de Devil’s Tree.

“Als ik uit mijn autoraampje kijk zie ik niets anders dan de prosopis”, zegt Arjanne van der Bijl, die voor hulporganisatie Cordaid in Ethiopië is vanwege de huidige hongersnood in dit Afrikaanse land. “Grappig? Niet echt.”

Geïmporteerd met goede bedoelingen

De boom is decennia geleden met goede bedoelingen geïmporteerd uit Zuid-Amerika. Het is een droogtebestendige taaie rakker. Twijgen van de prosopis zijn handig om vlechtwerk mee te maken, van het harde hout wordt houtskool gemaakt en de bloem levert excellente honing op. “De voornaamste reden waarom ze de boom uit Peru hier naar Afar hebben gehaald was om bodemerosie tegen te gaan”, zegt Arjanne.

Doodsteek

Dat de boom goed gedijt op droge Afrikaanse bodem is wel duidelijk. Een beetje te goed. Niemand heeft de woekerplant nog in bedwang. Al jaren zorgt de exoot voor problemen, maar nu met de extreme droogte is de prosopis een nog groter gevaar – voor dieren soms letterlijk de doodsteek. 

Arjanne: “De struikachtige boom zit vol doornen. Geiten en kamelen kunnen de bladeren er niet van eten. Bovendien verdringt de boom het weinige gras waar kuddes van moeten overleven.”

Regionaal probleem

Ook Muluneh Tessama, veearts in opleiding, trekt aan de alarmbel. “Door de prosopis hebben de dieren nog minder te eten dan ook zonder die uitheemse boom al het geval zou zijn. Dat is een probleem in heel de regio, niet enkel in Ethiopië, ook in de buurlanden.”

Naast de meest ernstige droogte in 50 jaar, heeft ook het huidige regenseizoen een verwoestende werking op Ethiopië. Het volkomen uitgedroogde land is niet bestand tegen de plotselinge regenval waardoor er overstromingen en landverschuivingen plaatsvinden. Door de regen is het wel groener geworden in Ethiopië. “Maar het meeste groen dat ik hier zie, duidt op weinig goeds”, aldus Arjanne.

De oplossing? Afkappen tot 10 cm boven de grond en de stomp insmeren met motorolie. Dat schijnt te werken, zeggen Britse experts. Maar met het groeitempo van de prosopis kom je er niet. Er is meer voor nodig om de duizenden hectaren ‘bezet gebied’ weer terug te winnen. 

Dat dit gebeurt, is van levensbelang. Maar het is niet eens de grootste prioriteit van de nomaden in Afar. Eerst maar eens deze honger en droogte overleven. Daarna komt de Devil’s Tree aan de beurt.

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Corporate journalist, freelance schrijver en redacteur bij Cordaid.
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief