Als Jacob Deng 7 jaar oud is, komt de oorlog naar zijn dorp Duk Padiet waar hij tot dan toe een gelukkige jeugd beleefde. Alles verandert vanaf dat moment in 1987. Hij moet afscheid nemen van zijn moeder die hij nooit meer zal zien. Hij vlucht het bos in, ontmoet andere verweesde jongeren (Lost Boys) sluit zich aan bij rebellenbeweging SPLA, en belandt uiteindelijk na een barre tocht vol gevaren (onder neer bijtgrage krokodillen en slangen) en ontberingen (honger en uitdroging) via Ethiopië in een vluchtelingenkamp in Kenia. Het motto van zijn moeder wordt ook het zijne: “Ga studeren: onderwijs stelt je in staat om aan een betere toekomst te werken.”

Wie zijn de Lost Boys?

Een grote groep jongens (zo'n 20.000) ontvluchtte het oorlogsgeweld in het zuiden van Sudan in 1987 en trok en groupe door de bush. Een aantal van hen werd ingelijfd door de Sudan People Liberation Army, anderen zetten koers naar vluchtelingenkampen in Ethiopië. Daar werden ze begin jaren negentig als onwelkome vreemdelingen verjaagd. Uiteindelijk belandden ze in het Keniaanse kamp Kakuma. Naar schatting de helft van de groep overleefde de tocht niet en bezweek aan de honger, uitdroging en hitten, krokodillen en slangen, en geweld. Een kleine vierduizend Lost Boys kregen in de jaren negentig asiel in de VS. Velen bleven last houden van het Post Traumatische Stress Syndroom.

Lost Boy Valentino Achak Deng had geluk dat hij sterauteur Dave Eggers tegenkwam. Dat mondde uit in de internationale bestseller What is the what (2006). Het levensverhaal van Jacob Deng, opgetekend door Jan Coates A hare in an elephants trunksloeg vooral aan in Canada, het land dat hem asiel bood. Net als Valentino Achak Deng keerde hij (deels) terug om Zuid-Sudan na de onafhankelijkheid mee te helpen ombouwen. En allebei bleven ze tijdens de crisis van de laatste jaren en werden zelfs minister. Valentino werd minister van Onderwijs in de staat Bahr-el-Gazal, Jacob minister van Sport en Informatie in de staat Jonglei. OneWorld sprak hem op de Nederlandse ambassade in de hoofdstad Juba.

Jacob, je hebt een gezin in Canada, waarom besloot je terug te keren naar Zuid-Sudan?
“Zuid-Sudan is een prachtig land, maar het kampt met groeipijnen. Maar dat is geen reden om de moed te verliezen. Ik heb zelf veel kansen gehad in Canada, en ik voelde de behoefte om iets terug te doen voor mijn vaderland.
In Canada heb ik lezingen gegeven over mijn omzwervingen als Lost Boy, in scholen, kerken, bij bedrijven. Ik heb geleerd om out of the box te denken. Nu draag ik, op mijn eigen bescheiden wijze, bij aan de opleiding van jongeren hier. Ik heb ervoor gekozen om deel uit te maken van de overheid, omdat ik niet aan de zijlijn wil blijven staan en van binnenuit aan verandering wil werken. En hier kan ik meer het verschil maken dan in Canada. Hoe lastig dat ook is, want mijn kinderen zijn in Canada achtergebleven. Maar mijn hart en ziel zijn hier.”

Zuid-Sudan is nu het toneel geworden van etnisch gekleurde twisten. Hoe sta je daar zelf in?
“Ik kom zelf uit Duk County in Jonglei, een multiculturele regio met verschillende talen. Ik ben zelf Dinka, maar de meerderheid in de regio is Nuer. Mijn grootvader spreekt Nuer bijvoorbeeld. Graag wil ik dit gebied weer in een centrum van vrede veranderen, en een model voor verzoening voor het hele land. We moeten elkaar vergeven.”

Wat kan die vrede dichterbij brengen?
“Ik denk dat er allereerst behoefte is aan niet-gekleurde informatie uit een veelheid aan bronnen. Er zijn nu veel informatiestromen, maar veel bestaat uit geruchten, nep-nieuws – zoals het ‘nieuws’ dat president Salva Kiir was doodgeschoten. Geruchten maken dit land kapot. De burgers van Zuid-Sudan weten heel veel niet. Ze kennen de wet amper, en weten niet hoe ver de leiders die ze hebben gekozen kunnen gaan. Onrecht stapelt zich op. Als Zuid-Sudanezen het recht kennen, kunnen ze hun leiders ter verantwoording roepen.

Geruchten maken dit land kapot

Die kennis en informatie moeten via de radio worden verspreid, omdat 80 procent van de bevolking analfabeet is. Ik ben bezig met fondsenwerving voor radio’s op zonne-energie. Radio voor vrede en verzoening, dat hebben we hier nodig, zodat verschillende stammen met elkaar in gesprek kunnen gaan. De National Dialogue die deel uit maakt van het vredesakkoord uit 2015 komt nu absoluut niet van de grond.
Het is wel lastig om fondsen te vinden. Vanwege de crisis heeft de regering weinig geld hiervoor. De internationale gemeenschap is vooral bezig met voedselhulp. Vredesopbouw en verzoening zijn cruciaal voor dit land, juist ook om de honger te beëindigen.”

Is het niet vechten tegen de bierkaai?
“Dat valt mee, de bevolking van Jonglei steunt me. Ik ben gekozen tot commissaris van Jonglei in Juba, ik moet de noden van de mensen aankaarten bij de regering hier.
In mijn streven naar vrede ben ik nu ook bezig om de politiemacht van vier staten te integreren. Daarmee kunnen we effectief optreden tegen bijvoorbeeld veediefstal – die overschrijdt vaak staatsgrenzen en is een bron van veel conflicten.”

Jacob Dengs beroepsopleiding in Juba

Naast je ministerschap heb je ook nog een eigen hulporganisatie Wadeng Wings of Hope. Wat wil je daarmee bereiken?
“Ik kan maar een deel van mijn ambities verwezenlijken via mijn ministerschap. In 2006 keerde ik voor de eerste keer terug naar mijn geboortedorp en beloofde daar een school te bouwen ter nagedachtenis van mijn moeder. Later heb ik ook een school voor beroepsonderwijs gesticht in Juba. Jonge vrouwen leren daar onder meer naaien. Ze produceren er schooluniformen.

Die zijn van groot belang. Als je die goedkoop aan kunt bieden, kan elk kind in uniform naar school. En daarmee verdwijnen de – zichtbare – verschillen tussen arm en rijk. Als ze hun opleiding hebben afgerond gaan de vrouwen weer terug naar hun geboortegrond – mits de veiligheidssituatie het toestaat.”

 

(Foto's school voor beroepsonderwijs Dorine Lettinga)

Mag ik nog een oproep doen aan de Nederlandse regering? Laat ons niet in de steek! Jullie hebben veel voor Zuid-Sudan gedaan in het nabije verleden, maar we hebben jullie actieve rol nodig, net als die van andere prominente leden van de internationale gemeenschap, om een einde aan het geweld te maken.”

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
bewlg3-0515

Over de auteur

Redacteur

Hans Ariëns (1960) was de adjunct-hoofdredacteur van OneWorld sinds 2015. Daarvoor oefende hij met frisse tegenzin het hoofdredacteurschap …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief