Tijdens de oorlogen in Afghanistan woedde er ook een stille strijd: de oorlog om voedsel. Nu het vrede is, moet de overheid de boeren helpen om genoeg en gezond voedsel te produceren voor alle Afghanen.

Ieder mens heeft voedsel nodig. Hoeveel voedsel en wat we nodig hebben, verschilt per persoon, net zoals ieder gerecht en smaak anders is. Maar we hebben wel allemaal voedsel nodig om te overleven. Door de aanhoudende oorlogen in het land waar ik vandaan kom, Afganistan, is er een groot tekort aan voedsel. Ik weet nog dat ik, toen ik ongeveer 12 of 13 jaar oud was, met mijn vader mee brood ging halen. Ik kan me nog herinneren dat er een lange rij mensen stond bij de bakker om één stuk brood te vragen voor hun familie. Het lukte een aantal van hen om wat brood te krijgen, maar het lukte velen ook niet. Het was ontzettend moeilijk om een bakker te vinden. Vooral in wijken zoals Chendawal, de oude stad van Kabul en in de omgeving van Karti Naow. Dat was tijdens de oorlog. Gelukkig is het nu makkelijker voor ons om eten te halen. 

Derde oorlog
Tijdens de oorlog, toen er gevochten werd tussen de Taliban en de Afghanen, was er eigenlijk ook een derde oorlog uitgebroken; oorlog om voedsel. In een aantal provincies en in de stadswijken vochten mensen met elkaar om eten en tarwe. Ze dachten helemaal niet aan de ‘echte’ oorlog en de ‘echte’ vijanden in het land. Weten jullie waarom?  Omdat voedsel op dat moment belangrijker was dan hun vrijheid. Als je niets te eten hebt om te leven, wat kunnen we dan met vrijheid doen? Volgens een rapport van een organisatie genaamd Rawa, de Revolutionary Association of the Women of Afghanistan, waren er in 2011 meer dan 9 miljoen Afghanen die te weinig te eten hadden n (klik hier voor het gehele rapport in het Engels).

Betere machines
Een van de oorzaken van het voedseltekort is, volgens mij, dat er geen controle is over het importeren en exporteren van voedsel en hoe er optimaal gebruik gemaakt kan worden van land en kennis. In Afghanistan produceren veel boeren verschillende groentes en fruit in hun groentetuinen, maar de overheid houdt zich niet bezig met het distribueren van deze producten naar de bevolking. Ook worden boeren niet geholpen om de opbrengst van de oogst te verhogen. Een boer zou bijvoorbeeld in theorie 20.000 kilo aan groentes kunnen produceren, maar komt maar tot ongeveer 10,000 kilo. De boer heeft betere machines nodig, meer ruimte om de groente te bewaren, moet alles kunnen vervoeren, de juiste pesticide kunnen gebruiken. Maar de overheid helpt daar niet bij, terwijl dat wel zou moeten. Genoeg eten, dat is er pas als iedereen in Afghanistan genoeg en gezond eten binnen bereik heeft, dat aansluit op hun (dieet-)behoeftes.

Masood Raufi is 22 jaar en komt uit Kabul, Afghanistan. Hij werkt als Human Resource Officer en is student Internationale Relaties. Hij is lid van VoiceOver, een wereldwijd netwerk van jongeren die meedenken over ontwikkelingsvraagstukken.

Kom op Wereldvoedseldag ook naar de speciale editie van OneWorld Live in samenwerking met Youth Food Movement en FoodGuerrilla in Pakhuis de Zwijger (16 oktober).

 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief