OneWorld presenteert:

Voordat je verder leest:

Onafhankelijke journalistiek voor een eerlijke en duurzame wereld kost tijd en geld. Als Vriend van OneWorld steun je voor € 6 per maand onze missie, lees je dagelijks bijzondere verhalen, ontvang je ons magazine en meer!

Ja, ik word Vriend Ik lees eerst verder

“Ik vind het ont-zet-tend belangrijk dat het bedrijfsleven zichtbaar is tijdens Pride. Bedrijven hebben invloed op de samenleving en het is belangrijk dat ze zich open en bloot met ons associëren.” Aan het woord is Frits Huffnagel (51), voorzitter van het bestuur van Pride Amsterdam en voormalig VVD-politicus. “En die eeuwige discussie over ‘al die heteroboten’… Ik vind het juist goed als hetero’s hun homo-collega’s steunen!”

Huffnagel opent de ‘Rainbow Business Conference’, deze maandagmiddag in de A’DAM Toren. Zo’n vijftig mensen – 80 procent man, vrijwel iedereen wit – zijn bij elkaar gekomen om de rol van het bedrijfsleven in de lhbti+-beweging te bespreken, naar aanleiding van de kritiek daarop in voorgaande jaren. Vertegenwoordigers van bedrijven als Achmea maar ook van belangenorganisaties als het COC blijken uitgenodigd; leden van actiegroepen niet.

Aanwezigheid van ‘commerciële bedrijven en banken die niets met lhbti+ te maken hebben’ ziet de actiegroep als ‘pinkwashing’

Niet dat So Roustayar, van actiegroep Reclaim Our Pride, had wíllen komen. In plaats daarvan protesteert hij zaterdag tijdens de Canal Parade met Reclaim Our Pride tegen Pride in haar huidige vorm. De aanwezigheid van ‘commerciële bedrijven en banken die niets met lhbti+ te maken hebben’, zoals KPN en ING, en van ‘repressieve machtsmiddelen’ als defensie en politie, ziet de actiegroep als pinkwashing: ‘billboard-reclame voor bedrijven, politieke partijen en instituten om hun handen schoon te wassen met de regenboogvlag’. Roustayar hoopt op zo’n honderd deelnemers aan de demonstratie tijdens de botenparade op 3 augustus.

PT Pride 2017

Hetero’s hebben ook een Pride nodig…

Als lhbtq+'ers Gay Pride hebben, verdienen hetero's dan ook een eigen straight pride?

Een van de bedrijven die zaterdag meevaart met de Canal Parade is Uber, tot onvrede van Reclaim Our Pride. Taxichauffeurs van Uber weigerden meermaals om dragqueens te vervoeren. Roustayar: “Uber gaat nu dan misschien eindelijk iets doen op het gebied van transfobie, maar hoe zit het met de arbeidsomstandigheden van de chauffeurs? En waarom gebruikt een bank als ING de regenboogvlag, maar investeren ze ook in oorlog- en wapenhandel? Je zou pas mogen deelnemen aan Pride als je snapt dat verschillende strijdpunten hand in hand gaan.”

Activisme in de bestuurskamer

“Pride is een lhbti+-feestje. Ik kan niet controleren wat bedrijven op andere terreinen allemaal doen. Wij toetsen op diversiteit en inclusie”, zegt Wouter Neerings (60), voorzitter van de Pride Business Club. Van die club zijn ruim vijftig bedrijven lid: dat is verplicht om mee te kunnen varen tijdens de Canal Parade. Neerings: “Daarmee hebben we een stok achter de deur. Wij zijn niet van het activisme van de straat, maar van het activisme in de boardroom.”

“Bij Uber hebben we vorig jaar workshops voor het management gegeven”, vertelt hij. “Na het opnieuw weigeren van dragqueen Jennifer Hopelezz zei ik: er moet nu iets gebeuren, anders gaat jullie boot eruit. We hebben nu voor elkaar gekregen dat je in de Uber-app discriminatie kunt melden: een enorme stap.” Een ander voorbeeld van bestuurskamer-activisme volgens Neerings: de bedrijven van de businessclub hebben dit jaar afgesproken dat hun klanten voortaan andere genders dan alleen man en vrouw kunnen opgeven.

Pride Amsterdam is ook financieel afhankelijk van de bedrijven

Pride Amsterdam ziet bedrijven niet alleen als cruciaal voor haar strategie, maar is ook financieel sterk van hen afhankelijk. De begroting van Pride is ongeveer 1,4 miljoen. Daarvan komt ieder jaar zo’n 250.000 euro van de gemeente Amsterdam. De rest ‘moet uit de markt komen’, legt Pride-woordvoerder Danny de Vries uit. “Ik noem bedrijven dan ook wel onze moderne activisten.” Hij wijst erop dat door de bijdragen van het bedrijfsleven de kleinste organisaties voor ‘slechts’ 250 euro kunnen meevaren met de botenparade, en dat alle bijeenkomsten en activiteiten tijdens de Pride-week op die manier gratis kunnen blijven.

Pride = Protest?

De afgelopen jaren is Pride activistischer en inclusiever geworden, stelt De Vries. “Naast de Canal Parade is er nu de Pride Walk, een mars waaraan vorige week zaterdag zo’n vijftienduizend mensen deelnamen. Ook besteden we dit jaar aandacht aan discriminatie binnen de gemeenschap zelf, bijvoorbeeld door de fetisj- en de ballroom-scene een plek te geven. En we hebben tegenwoordig speciale commissies voor vrouwen, trans personen en mensen van kleur.”

Een van die commissies is Pride of Colour, waarvan Gita Jagessar voorzitter is. Jagessar: “Pride of Colour is voor het eerst een vast onderdeel van de organisatie dit jaar en dat is een goede eerste stap. Maar er zijn nog veel verbeterpunten. Wij zijn slechts één groep en op eigen initiatief opgericht. De representatie van gemarginaliseerde groepen zou niet moeten staan of vallen bij ons. Pride heeft nu de kans om door te pakken op inclusiviteit. Op dit moment zijn de oudere witte mannen in de organisatie nog in de meerderheid, en ook aan de zijde van degenen die zich als vrouw identificeren is het overtuigend wit.”

web_DSCF2305_1
Beeld door: Kevin Levie

Het thema van Pride is dit jaar ‘Remember the past, create the future’. Het evenement staat stil bij de Stonewall-rellen in New York vijftig jaar geleden, die gezien worden als de start van de openlijke strijd van lhbti+’ers voor hun rechten. Door de hele stad hangen daarom vlaggen en posters met de leus ‘Pride = Protest’ en citaten van Stonewall-activisten: ‘Gay liberation now’, ‘We are not sick’, ‘Black lives matter’ en ‘Stop killing trans people’. Ook deelnemers aan de botenparade zaterdag worden geacht dat thema in hun uitstraling te verwerken.

Je moet oppassen dat het gebruik van dit soort radicale termen op posters niet slechts ‘oppervlakkige marketing’ is, vindt Jagessar van Pride of Colour. “Daarnaast kun je je afvragen in hoeverre commercie matcht met waar met name de zwarte lhbti+-gemeenschap in Stonewall tegen vocht.” Roustayar van Reclaim Our Pride stelt het nog scherper: “Fijn dat de organisatie van Pride het verleden wil eren. Maar als ze het verleden hadden begrépen, dan had de politie dit jaar nooit aan de Canal Parade mee mogen doen. Want Stonewall was verzet tegen de intimidatie en geweld van de politie.”

Ongemakkelijke boodschap

Reclaim Our Pride wil terug naar wat volgens de groep aan de basis de beweging ligt. Roustayar: “Wij willen dat Pride weer strijdbaar en politiek wordt, en toegankelijk voor iedereen. Het gaat nu nauwelijks meer om de lhbti+-community.” De boodschap is niet alleen ‘gepinkwashed’, maar ook ‘gewhitewashed’, zegt Roustayar: voor niet-witte groepen – die juist zo belangrijk waren bij de originele verzetsbewegingen – is weinig ruimte.

“De eerste Pride was een strijd voor vrijheid voor iedereen en op alle fronten. Wij willen ruimte opeisen voor gemarginaliseerde groepen als migranten, queer mensen van kleur, sekswerkers, vluchtelingen en vrouwen.”

De Canal Parade is een roze Koninginnedag geworden, een milde vorm van schijntolerantie

Op dat punt krijgt hij bijval van advocaat Sidney Smeets, de enige kritische stem tijdens de Rainbow Business Conference afgelopen maandag. “De Canal Parade is een roze Koninginnedag geworden, de mildste vorm van schijntolerantie die nog draaglijk is.” Hij vindt het helemaal niet bijzonder dat bedrijven meevaren met ‘vage leuzen’ als ‘Life is better when you are you’: dat is gewoon marketing. “Je ziet nergens harde en ongemakkelijke boodschappen. Als bedrijven dapper zouden zijn, zouden ze aandacht besteden aan vluchtelingen, trans-rechten, de beschikbaarheid van PReP, het beleid van bloedbank Sanquin, of aan geweld tegen lhbti+’ers.”

Smeets wijst erop dat nu minder dan 30 procent van de meevarende boten van lhbti+-organisaties is: “De aanwezigheid van al die bedrijven gaat ten koste van de zichtbaarheid van de gemeenschap en gemarginaliseerde groepen.” Neerings van de Pride Business Club bestrijdt dat de invloed van bedrijven te ver is doorgeschoten en zegt dat de verhouding 50/50 is. Een eigen telling van organisaties die exclusief lhbti+’ers als achterban of doelgroep hebben, komt op 34 boten van de totaal tachtig deelnemers, ofwel 42,5 procent.

Smeets wil dat helemaal anders: bedrijven zouden wel geld mogen geven, maar niet meer zichtbaar mogen zijn tijdens de Prideweek. In de IJslandse hoofdstad Reykjavik is dat bijvoorbeeld het geval.

Iedereen happy

Zo’n grote verandering van de opzet van de Amsterdamse Pride lijkt voorlopig onwaarschijnlijk. Mede door de kritiek die de afgelopen jaren vanuit lhbti+-activisten klonk, heeft het evenement dit jaar een activistischer uitstraling en zijn er meer activiteiten voor specifieke groepen tijdens de Pride-week. Maar de organisatie blijft de centrale positie van grote bedrijven als een verworvenheid zien, en is financieel grotendeels van ze afhankelijk.

De voornaamste zorg die de Pride-organisatie daarom heeft, is in de woorden van voorzitter Frits Huffnagel: “Hoe kunnen we zorgen dat bedrijven participeren op een manier waar iedereen happy van wordt?”

GayVB_Combino_2118_op_de_Dam

De Pride is er niet om je slechte imago op te krikken

We moeten waken voor schijntolerantie van bedrijven en organisaties.

_MG_0145

Eindelijk hebben lhbti+’ers van kleur een plek op Pride

Tijdens Utrecht Canal Pride voer de eerste biculturele boot van Nederland mee.

Voor het maken van verhalen hebben we jouw steun nodig.

Ja, ik word vriend (€6 per maand)
kevin-levie-bw

Kevyn Levie

Freelance journalist

Freelance journalist die schrijft over politiek, technologie en sociale trends.
Profielpagina