amos met kinderen van de compound
Amos met kinderen van de compound

Voor het interview is hij maar een kwartiertje te laat. ‘Op zijn Afrikaans’, is Amos zijn commentaar. “Vergeleken met de uren die ik in Gambia wachtend heb doorgebracht, is vijftien minuten niets.” Amos de Jong deed in Gambia onderzoek naar de sociale en culturele ontwikkeling van kinderen van 10 tot 13 jaar. Hij wilde vooral de kinderen zelf interviewen en vroeg ze tekeningen te maken. “Mij rest nu de analyse van ruim 800 tekeningen.”
 

 

They sent me

 

Amos deed onderzoek op een basisschool in het dorp Gunjur waar hij ook woonde. “Dat ik kinderen wilde interviewen, bleek bijzonder lastig. Hiërarchie op basis van leeftijd is erg belangrijk. Ik had regelmatig afspraken die niet doorgingen omdat mijn respondent op het laatste moment een vader of een ouder iemand uit het dorp moest helpen. ‘They sent me’, zeiden ze dan. Een jongere moet altijd de oudere gehoorzamen. De kinderen wisten niet beter, ze vertelden: als ik nu niet gehoorzaam, kan ik mijn toekomst wel vergeten.”

 

 

amos gastgezin
Het gastgezin van Amos

Gevolg was dat hij veel minder interviews had dan gepland, en als de respondent er wel was, was de tolk er niet omdat hij plots zijn vader moest helpen. “Dat viel me knap tegen. Voor vertrek had ik in Nederland weken besteed aan een perfecte tijdsplanning. Al in de eerste week van mijn veldwerk realiseerde ik me al dat ik die wel weg kon gooien. Ik had dagelijks gesprekken gepland op school, was de school opeens een week gesloten. Daar zat ik dan. Je bent altijd en overal afhankelijk van de situatie, die je niet onder controle hebt.”
 

 Persoonlijk proces

 

Dat waren de momenten van ‘semi-verveling’, zoals Amos ze noemt. “Ik heb stapels boeken gelezen en vooral mijn leven overdacht. Want”, lacht Amos, “daar had ik namelijk zeeën van tijd voor. Dat persoonlijke proces is de helft van de hele ervaring geweest. Ik vroeg me constant af: wat doet dit met mij, wat ga ik met deze ervaring doen? En ik besefte: als Afrikaan ben je nooit een individu zoals je in Nederland bent. Je bent altijd onderdeel van een groep en mogelijkheden je ‘echte ik’ te ontwikkelen zijn er amper.”

 

“Negentig procent van Gambia is Islamitisch, in Gunjur is dat goed te merken. Er werd vijf keer op een dag gebeden, en de samenleving was heel dwingend en sturend. De controle over jezelf ligt daar vaak bij anderen. Het is geen wereld waar ik me echt prettig in voelde. En dan heb je nog alle materialistische ongemakken waar je mee te maken krijgt: elke dag hetzelfde eten en een emmer koud water als douche. Maar de enorme hartelijkheid van mijn gastgezin en de dorpsbewoners maakte veel goed. Als ik een dagje was weggeweest en terugkwam op de compound, dan kwamen mijn ‘broertjes’ me altijd enthousiast tegemoet gerend om te spelen.”

 

Tekeningen

 

Amos gebruikte verschillende onderzoeksmethoden om erachter te komen hoe de kinderen tegen familie, toekomst en de wereld aankeken. “Naast de interviews heb ik ze in de les geobserveerd, zelf les gegeven en de kinderen tekeningen laten maken over familie, henzelf en de relatie tussen mannen en vrouwen.” Echt conclusies heeft hij nog niet getrokken, maar er zijn hem wel verschillende dingen opgevallen.

 

schoolkinderen Gambia
Goed opletten! Foto: CC

“Het is normaal dat oudere broers, zussen en ook leraren kinderen slaan. Onder de indruk zijn ze daar niet van. De reactie van de kinderen is het tegenovergestelde van wat ik verwachtte: ze lachen en gaan net zo hard door met vervelend gedrag. Mijn rol als blanke onderzoeker is ook niet te onderschatten. Als ik bijvoorbeeld opdracht gaf een tekening te maken van hun familie, kreeg ik allemaal tekeningen met huizen erop. Gaf de leraar diezelfde opdracht, dan waren het ineens familieleden. Ik heb het idee dat ze heel sensitief zijn voor veranderingen in hun omgeving. Wat me ook heel erg opviel was dat de rolverdeling tussen man en vrouw heel duidelijk is. De vrouw hoort in het huishouden, de man buiten aan het werk. Het bepaalt hun hele moraal, ze weten niet anders en oordelen er ook niet over.”
 

 Dankbaar

 

Voor veel studenten antropologie is het buitenlandse veldwerk de kroon op de studie. Amos: “Het leek me de meest fantastische tijd. Maar nu ik terug ben, zit ik met een dubbel gevoel. Het is een waardevolle ervaring die ik niet had willen missen. Maar ik besef dat ik nooit meer alleen onderzoek wil doen. Ik miste aansluiting op mijn manier van denken, op interesse in mij als persoon. En besefte: ik krijg de kans mezelf te ontwikkelen door drie maanden hier in Gambia rond te lopen, en dat is de grootste luxe die je als westerling hebt. En dat is wat ik studenten wil meegeven: wees om te beginnen maar dankbaar dat je überhaupt de kans krijgt dit te doen.”

 

 

Bewuster geworden door dit artikel?

Onze journalistiek is toegankelijk voor iedereen en dat willen we zo houden. Met een kleine bijdrage help jij ons anderen ook bewust te maken. Alvast bedankt!

Ja, ik doe graag een eenmalige donatie!
Hoeveel wil je doneren?
670

Over de auteur

Journalist, antropoloog en docent online journalistiek. Onderzoekt de impact van tech ideeën voor ontwikkelingslanden in project 'Can …
Bezoek auteurspagina

Ik wil dat OneWorld blijft bestaan

AbonneerDoneer

Lees je bewust via onze wekelijkse nieuwsbrief