Zelfkritiek Afrika moet geldschieters verleiden

08-07-2005
Door: Mark van Kollenburg
Bron: OneWorld

De leiders van de acht rijkste landen praten ondanks de commotie over de aanslagen in Londen vrijdag in het Schotse Gleneagles over verdubbeling van de hulp aan de armste landen in Afrika. Critici vrezen dat de arme landen zo'n gigantische stroom geld niet kunnen verwerken. De vrees bestaat dat een 'overdosis' hulp corruptie in de hand werkt en dat het geld niet terechtkomt bij de bevolking.

Om het vertrouwen van de donorlanden en - belangrijker nog - van het internationale bedrijfsleven te winnen, hebben de Afrikaanse landen het zogenoemde African Peer Review Mechanism (APRM) gelanceerd. Een panel van Afrikaanse experts onderzoekt het politieke en economische bestuur in een land. De 24 landen die zich hebben aangesloten bij het APRM hebben toegezegd elkaar te helpen bij de oplossing van bestuurlijke problemen.

Het APRM komt voort uit het New Partnership for Development (Nepad) dat een aantal landen onder aanvoering van Zuid-Afrika, Nigeria, Senegal en Algerije in 2001 hebben opgericht. Nepad begon als een economisch programma dat tot doel had per jaar zo'n 64 miljard dollar aan extra investeringen en buitenlandse hulp aan te trekken in ruil voor goed bestuur. Na de oprichting van de Afrikaanse Unie in 2002, werd Nepad de economische beleidsagenda van deze unie van 53 lidstaten. Het bewijs van goed bestuur moet door het APRM worden geleverd.

Muziek

Dat Afrikaanse landen elkaar in de gaten houden op het gebied van mensenrechten, democratisch bestuur en transparantie, klinkt de westerse landen als muziek in de oren. De Nederlandse minister voor Ontwikkelingssamenwerking, Van Ardenne, noemt het APRM in een interview met OneWorld als een van de lichtpunten in de armoedebestrijding. Ook de Europese Unie geeft hoog op van het instrument. 'Het Afrikaanse onderlinge toetsingssysteem blijkt een eerlijk en effectief middel voor de controle van Afrikanen door Afrikanen', aldus José Manuel Barroso, voorzitter van de Europese Commissie.

Maar er is ook kritiek. 'De G8-landen hebben besloten om Nepad te steunen omdat de organisatie zich richt op hervormingen, en niet zodat het zich kan richten op het binnenhalen van meer ontwikkelingshulp', zei een woordvoerder van de Duitse bondskanselier Schröder onlangs. Duitsland heeft 2,4 miljoen euro bijgedragen aan het APRM.

'Zuid-Afrika heeft zich sterk gemaakt voor het APRM', zegt Klaas van Walraven, als politicoloog verbonden aan het Afrika Studiecentrum in Leiden. 'Maar Nepad bestond nog geen half jaar toen president Mbeki weigerde Zimbabwe te veroordelen vanwege de door president Mugabe gestolen verkiezingen. Dat doet zo'n beoordelingsmechanisme natuurlijk geen goed.'

Lof

Inmiddels heeft het APRM Panel of eminent persons rapporten uitgebracht over Rwanda en Ghana. De zo'n 250 pagina's tellende landenrapporten stonden op de agenda van de top van de Afrikaanse Unie begin deze week. De inhoud wordt pas eind van 2005 vrijgegeven aan het publiek.

Volgens de Zuid-Afrikaanse krant Mail & Guardian wordt Ghana geprezen vanwege de vrede en rust in het land na drie verkiezingen en een machtswisseling. Tegelijkertijd wordt het land erop gewezen dat de scheiding van wetgevende macht en uitvoerende macht nog onvoldoende is vastgelegd. Het panel waarschuwt verder voor de kwetsbare economie.

Rwanda krijgt lof toegezwaaid omdat vrijwel nergens ter wereld zoveel vrouwen zijn vertegenwoordigd in zowel het parlement (49 procent) als de regering (36 procent). Verder stelt het rapport volgens Mail & Guardian dat het land alle standaarden voor goed bestuur heeft geratificeerd maar dat de verantwoording ontbreekt. Het panel dringt erop aan dat Rwanda meer doet aan nationale verzoening en haar wetten meer in overeenstemming brengt met de internationale afspraken. Bovendien moet het parlement meer kans krijgen het economische en financiële beleid te herzien.

Waarheid

Van Walraven is zeer benieuwd naar het rapport. 'Rwanda is natuurlijk absoluut geen democratie en het is ook maar de vraag of president Kagame die kant wel op wil. Rwanda is een subversief element in het Grote Merengebied. De inmenging in Oost-Congo is in strijd met het internationale recht en alle goede bedoelingen van de Afrikaanse Unie.'

Volgens Van Walraven is de politieke cultuur in Afrika er niet een waarin men elkaar in het openbaar de waarheid zegt. Anderzijds ziet hij in de afgelopen tien jaar wel een groeiende invloed van het maatschappelijke middenveld. 'Afgezien van de effectiviteit zie je dat niet-gouvernementele organisaties steeds meer een stem vinden binnen de Afrikaanse Unie, zoals het Pan-Afrikaanse parlement.'

Het Nederlands instituut voor Zuidelijk Afrika (NiZa) ondersteunt in haar Nepad-programma zo'n 20 maatschappelijke organisaties in Zuid-Afrika, Mozambique, Botswana en Zambia. Die organisaties ijveren er onder meer voor betrokken te worden bij de gesprekken in het kader van het APRM. 'Onze kritiek op het APRM is dan ook dat landen niet verplicht zijn om de civil society erbij te betrekken', zegt Elizabeth Wiebrens, medewerker van het Nepad-programma van het NiZA. 'Dan moet je als land dus je eigen kritiek gaan organiseren. Als je daarin geen zin hebt, doe je dat toch lekker niet.'

Rekoloniseren

Het APRM is hoe dan ook een vrijwillig systeem. De helft van de lidstaten van de Afrikaanse Unie heeft zich nog niet erbij aangesloten. Botswana is er een van. Wiebrens: 'De regering daar heeft eigen controle-mechanisme en is bovendien onderworpen aan controle-instrumenten van internationale financiële instellingen als het IMF.' Andere landen, zoals Libië en Zimbabwe vinden dat de Afrikaanse landen zich uitleveren aan de westerse wereld. De Libische leider Khadafi noemde Nepad al eens een poging van het westen om Afrika te rekoloniseren.

Ayesha Kajee, onderzoeker bij het Zuid-Afrikaanse instituut voor Internationale Betrekkingen relativeert tegenover persbureau IPS de veronderstelde afwijzing van het APRM door vele Afrikaanse landen. 'Sommige landen willen eerst hun huis op orde hebben. Landen als Ivoorkust of Somalië zijn verwoest door een burgeroorlog en nog niet klaar voor zo'n onderzoek.'

Het APRM kent geen sancties voor landen die zich onderwerpen aan het panel maar zich aan de aanbevelingen niets gelegen laten liggen. De meeste Afrikaanse leiders zijn daar ook geen voorstander van. 'Wat moeten we doen met Rwanda als de tekortkomingen openbaar worden gemaakt en de regering stelt dat deze het gevolg zijn van de slechte infrastructuur', citeert Mail & Guardian een hoge Zuid-Afrikaanse ambtenaar voor Afrikaanse Zaken.

Afrikaans instrument

Het APRM is een 'Afrikaans instrument'. Maar het is niet ondenkbaar dat de donorlanden dat instrument ´kapen´ en hun hulp koppelen aan de voorwaarde dat het ontvangende Afrikaanse land zich moet onderwerpen aan het APRM. De vraag is of de Afrikaanse Unie die eventuele druk kan weerstaan.

Het NiZa en zijn partnerorganisaties zijn er nog niet uit of de Afrikaanse landen op die manier verplicht zouden moeten worden zich te onderwerpen aan het APRM. Koppeling aan hulp zou kunnen betekenen dat bij een slecht rapport de hulpkraan wordt dichtgedraaid en onschuldige burgers de dupe worden. Of dat landen de Afrikaanse Unie de rug toekeren en zich diskwalificeren voor hulp, met hetzelfde gevolg.

Mocht hulp toch aan voorwaarden worden verbonden dan zou het volgens Wiebrens ook als pressiemiddel moeten worden gebruikt om het maatschappelijk middenveld een serieuze partner in de peer review te laten zijn. 'Voor evaluaties is het nog te vroeg. Het hele systeem staat nog in de kinderschoenen.'

Ook Van Walraven is, hoe sceptisch ook, geneigd het APRM en Nepad de tijd te geven. 'We moeten het kritisch blijven volgen. Als Zimbabwe nog veel langer carte blanche wordt gegeven, moet het westen wel krachtiger stelling nemen.'

De Zuid-Afrikaanse president Mbeki heeft alvast maar aangenomen dat de G8 kritiek uit op het functioneren van vele Afrikaanse regeringen. Volgens persbureau Reuters onderbouwde Mbeki zijn pleidooi voor meer geld op de top van de Afrikaanse Unie dinsdag onder meer met de mededeling dat het APRM bewijst dat Afrika progressie boekt. 'We committeren ons aan het APRM in ons eigen belang. Al zou de G8 nu niet plaatsvinden, dan zouden we het nog steeds doen. Het is geen kwestie van voor wat hoort wat.'

Reacties