WTO in Cancun: wat staat er op het spel?

27-08-2003
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld

De liberalisering van de handel gaat om drie heikele onderwerpen:
- afschaffing exportsubsidies;
- verbetering markttoegang voor ontwikkelingslanden;
- verlaging importtarieven.
Verder praten de 146 lidstaten onder meer over de beschikbaarheid van goedkopere medicijnen, liberalisering van diensten, zoals telecom en onderwijs. Mogelijk worden gesprekken gestart over investeringen en stroomlijning douaneformaliteiten.

Wat staat er op het spel?
Voor de ontwikkelingslanden veel. In 2001 is op de vierde ministersconferentie van de WTO in Doha, Qatar, afgesproken dat de komende jaren de resultaten voor de arme landen voorop zouden staan. Vandaar ook dat deze nieuwe ronde over liberalisering van de handel de 'Doha Ontwikkelingsronde' is gedoopt.
Een van de belangrijkste punten is de wereldwijde afschaffing van de exportsubsidies. Hoewel Cancun moet leiden tot concrete afbouw daarvan, verlopen de onderhandelingen zo traag dat het de vraag is of een sluitend onderhandelingsstuk voor het begin van de conferentie gereed is.

Waarom verlopen onderhandelingen zo moeizaam?
Zowel de Verenigde Staten als de Europese Unie hebben lange tijd geen duimbreed toegegeven aan de eisen om hun grootschalige steun aan hun landbouwsector terug te schroeven. Daarmee is een bedrag gemoeid van naar schatting 300 miljard euro per jaar. Vooral Frankrijk en de zuidelijke lidstaten van de EU, die sterk agrarisch zijn, hebben liberalisering stelselmatig gefrustreerd. Franse boeren incasseren jaarlijks een kwart van het totale landbouwbudget van de EU, ongeveer 40 miljard euro.

Zit er beweging in de discussie?
In juni kwamen de ministers van Landbouw in de EU overeen dat in de veeteelt en akkerbouw de inkomenssteun gedeeltelijk wordt losgekoppeld van de productie. De boeren krijgen voortaan een vast bedrag aan inkomenssteun. In ruil daarvoor moeten ze voldoen aan eisen op het gebied van milieu, dierenwelzijn en voedselkwaliteit. Afspraken over de handelsverstorende steun van bijvoorbeeld de suiker- en katoenproductie zijn uitgesteld.

Een maand voor de aftrap in Cancun bereikten de VS en de EU een raamakkoord over handelsliberalisering. Een concreet plan met cijfers of producten met naam bleek teveel gevraagd, maar beide grootmachten kwamen tot de volgende intenties:
- Exportsubsidies
De EU en de VS zijn het eens over een 'parallelle vermindering' (allebei tegelijk en evenveel) van de exportsubsidies. Ze willen bovendien wel exportsubsidies afschaffen voor 'bepaalde producten' die voor ontwikkelingslanden van belang zijn.
- Markttoegang
Beide handelsblokken willen de markttoegang vergroten, maar dan met uitzondering van 'gevoelige' producten zoals rundvlees en suiker voor de EU, rijst voor Japan en katoen voor de VS. Waar de lijst van 'gevoelige producten' eindigt, is nog de vraag.
- Importtarieven
Als het aan de VS en de EU ligt, hangt de verlaging van de importtarieven af van de eerder genoemde gevoeligheid van de producten. Voor sommige nog nader te bepalen producten zou een nul-tarief moeten gaan gelden, waarvan vooral de ontwikkelingslanden moeten profiteren.

Wat zijn de verschillende standpunten over de landbouw?
In EU-kringen en in de VS wordt over het raamakkoord gesproken als 'een solide en duurzame basis' voor de eindbesprekingen in Cancun.
Een aantal grote, minder arme ontwikkelingslanden als India en China en grote agrarische exporteurs als Brazilië en Argentinië is minder onder de indruk. Volgens die landen doen de EU en VS nog veel te weinig water bij de wijn. Een tegenvoorstel van deze landen, dat uitgaat van aanzienlijke grotere reductie van importheffingen en subsidies, is door de EU-onderhandelaars afgedaan als 'niets nieuws'.

De overige ontwikkelingslanden willen volledige afschaffing van de exportsubsidies, sterke verruiming van de markttoegang en een voorkeursbehandeling bij de verlaging van importtarieven. Zij willen ook de eigen hoge tariefmuren kunnen behouden om de productie voor de eigen markt te beschermen. De ontwikkelingslanden, numeriek ruim in de meerderheid in de WTO, hebben zich inmiddels schrap gezet. Ze dreigen de overige onderwerpen te blokkeren als het protectionisme van de rijke landen in de landbouw overeind blijft.

Overige onderwerpen:
Toegang tot goedkope medicijnen
30 Augustus bereikten de WTO-lidstaten een akkoord om arme landen betere toegang te geven tot goedkope, zogeheten generische medicijnen tegen ziekten als aids, malaria en tuberculose. De armste landen zonder eigen industriecapaciteit mogen die essentiële medicijnen nu gaan importeren.
Dat voorstel voor zo'n akkoord lag er al sinds eind 2002. Maar de VS, onder druk van de farmaceutische industrie, lagen lange tijd dwars.
In het nieuwe akkoord is een lijst opgenomen van levensbedreigende ziekten, dit om te voorkomen dat landen bijvoorbeeld prozac of de viagrapil gaan kopiëren en daarmee het patent schenden. En rijkere ontwikkelingslanden moeten voortaan aangeven dat zij niet zonder noodzaak goedkopere medicijnen zullen produceren dan wel importeren.

Volgens Artsen zonder Grenzen hebben de VS echter zoveel obstakels opgeworpen dat de uitvoering van het akkoord bijna onmogelijk wordt (zie ook: 'Akkoord over goedkope medicijnen Derde Wereld is slecht nieuws').
Verder blijft het een probleem hoe de goedkopere geneesmiddelen belanden bij de mensen die deze nodig hebben.

Liberalisering van de diensten
Telecombedrijven, onderwijsinstellingen en energiebedrijven willen graag de grens over. Lidstaten hebben in de aanloop naar de top in Cancun kunnen aangeven in welke sectoren zij het buitenlandse avontuur willen zoeken. Ontwikkelingslanden zijn huiverig voor liberalisering van publieke diensten, zoals water. Privatisering heeft eerder tot grote prjisstijging geleid. Uit angst hiervoor kwamen onlangs Hondurezen in opstand tegen het voornemen van hun regering de waterleiding te privatiseren in ruil voor een lening van het Internationaal Monetair Fonds.

Investeringen
Rijkere landen willen voor hun bedrijven meer mogelijkheden om te investeren in ontwikkelingslanden. Dat buitenlandse investeringen een goede bijdrage aan ontwikkeling kunnen leveren, daarover is iedereen het eens. Maar het WTO-voorstel is volgens maatschappelijke organisaties vriendelijk voor multinationals maar schadelijk voor de belangen van ontwikkelingslanden. Zijn lokale industrieën voldoende opgewassen tegen de buitenlandse inval? De grote vraag in Cancun is of er inderdaad onderhandelingen worden gestart over dit onderwerp.
Dat geldt ook voor onderwerpen als maatregelen op het vlak mededinging, transparantie bij overheidsbestedingen en de stroomlijning van douaneformaliteiten.

Wat is standpunt van Nederlandse maatschappelijke organisaties (NGO's)?
Novib erkent dat handel een van de drijvende krachten achter globalisering is en een belangrijke bijdrage kan leveren aan armoedebestrijding. Maar volgens Novib zijn de huidige internationale handelsregels oneerlijk en worden de opbrengsten van handel ook nog oneerlijk verdeeld. 'Voor iedere dollar die de rijke landen aan hulp geven, worden er twee dollar gestolen door oneerlijke handel,' stelt Novib. Exportsubsidies moeten worden afgeschaft en dumping moet worden tegengegaan.
Klik hier voor campagne Make Trade Fair

Wemos, gericht op gezondheid(szorg) in ontwikkelingslanden, hoopt dat de VS het verdrag over de toegang tot goedkope medicijnen (Trips and Health) ondertekenen, zonder dat aan het verdrag wordt gemorreld. Op dit moment is het voor ontwikkelingslanden zonder farmaceutische industrie nog steeds niet mogelijk pillen te kopen van goedkope farmaceutische bedrijven in landen als Zuid-Afrika of India.
Klik hier voor Gezondheid en handel.

Novib en Milieudefensie voeren actie tegen eventuele onderhandelingen over investeringen. Volgens Novib leiden de voorgestelde investeringsmaatregelen tot grotere financiële instabiliteit in ontwikkelingslanden en schaden zij de industrialisering. Milieudefensie vreest onder meer voor milieuproblemen als gevolg van grootschalige investeringen van multinationals.
Kijk hier voor debat over WTO-investeringsverdrag

Radicalere organisaties zoals XminY menen - net als Milieudefensie - dat de WTO niet de geschikte organisatie is om eerlijke regels voor internationale handel vast te stellen. Onder meer omdat de bescherming van intellectueel eigendom van patenten mensenlevens kost en omdat het accent op exportgerichte productie lokale landbouwsystemen verwoest en voedselzekerheid bedreigt.
Wil je tien redenen om je tegen de WTO te verzetten? Klik hier.
Voor een agenda met acties, kun je naar Globalinfo of Indymedia

Wat is het officiële Nederlandse standpunt?
In Cancun treedt de EU op als woordvoerder en onderhandelaar van haar leden, dus ook van Nederland. Het Nederlands standpunt gaat echter veelal verder dan dat van de gezamenlijke leden.
Als er sprake is van verregaande afbouw van de landbouwsubsidies zullen ook de Nederlandse boeren dat voelen. Toch houdt ook Nederland vast aan uiteindelijke afschaffing van dergelijke marktverstorende subsidies. Zo pleit zij ervoor dat uiterlijk in 2015 exportsubsidies volledig zijn afgeschaft.

Nederland zet verder in op onder meer de opening van landbouwmarkten; verduurzaming van de landbouw; inachtneming van non trade concerns, zoals milieu en dierenwelzijn; verlaging van de kosten van het Europees landbouwbeleid voor consument en belastingbetaler.

Nederland steunt het voorstel Trips and Health dat ontwikkelingslanden de kans geeft aan goedkope medicijnen te komen voor de behandeling van aids, malaria en tuberculose. Daarom wil Nederland ook dat de VS dit verdrag ondertekenen.

Nederland is voor liberalisering van diensten. Met investeringen in diensten van Nederlandse bedrijven in het buitenland en buitenlandse investeringen in Nederland zou 400 miljard euro gemoeid zijn. Om ontwikkelingslanden te steunen in capaciteitsontwikkeling pleit Nederland voor versterking van de technische assistentie aan de landen.

Als het aan Nederland ligt, wordt al wel in Cancun onderhandeld over investeringen. Zo lang voldaan wordt aan de eisen van transparantie en non-discriminatie, ziet Nederland geen gevaar voor de belangen van ontwikkelingslanden. Internationaal opererende bedrijven moeten wel worden aangesproken op maatschappelijk verantwoord ondernemen binnen het kader van de richtlijnen van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso).

Wie gaat er naar Cancun namens de Nederlandse regering?
Namens de Nederlandse regering nemen in de delegatie plaats: L.J. Brinkhorst, minister van Economische Zaken; A.van Ardenne, minister van Ontwikkelingssamenwerking, C.van Gennip, staatssecretaris van Economische Zaken.
Ministerie van Economische Zaken over WTO, klik hier.



Lees ook het ABC van de WTO.



REAGEER OP DIT ARTIKEL: 'Het zou goed zijn als de WTO-conferentie niet doorgaat?'

Paul Metz, van INTEGeR consult, vraagt zich af waarom staatssecretaris Van Geel van Milieu niet in Cancun aanwezig is:
"Indien de EU in Cancún inderdaad het WTO-verdrag hoger plaatst dan (sociale- en) milieuverdragen, geeft dat blijk van een hypocrisie, die door velen al werd vermoed maar nog niet zo duidelijk bewezen. Het is immers niet aan normale mensen uit te leggen, waarom regeringsleiders in Stockholm, Rio de Janeiro en Johannesburg slechts afspraken kunnen maken onder het voorbehoud dat hun ministers van handel - toch een niveau lager - daarmee in Cancún akkoord zullen gaan. Wie regeert er eigenlijk ?
Duurzame ontwikkeling is het goedkoopst en het snelst bereikbaar door maximale integratie in alle relevante beleidsterreinen, en juist niet door subordinatie aan het veiligstellen van gevestigde belangen en oude privileges. Dat wij hiervoor een coordinerend staatssecretaris hebben, is al een schraperige noodoplossing en zeker pas acceptabel en nuttig als hij er ook in Cancún bij is als daar de grote zaken worden gedaan, die de duurzame ontwikkeling maken of breken.
Zoals de agenda van Cancún er nu uitziet - zonder de positie van de have-nots en hun milieu in de hele wereld snel te willen verbeteren - kan deze WTO-top nu beter nog niet plaatsvinden, maar pas na een betere en faire voorbereiding met veel meer inbreng van het World Social Forum en van ministers voor sociaal- en milieubeleid. Dan kan het leiden tot een geintegreerd beleid voor Duurzame Globalisering. En dat wil toch iedereen?"

Anders-globalist Guus Geurts schrijft vanuit Penang, Maleisië:
"Hierbij wil ik reageren op deze stelling. Ik ben het niet eens met deze stelling, aan de andere kant hoop ik wel dat de conferentie mislukt. Dit lijkt tegenstrijdig, maar dat zal ik uitleggen.
De conferentie is nodig om de huidige 'wereldregering' bloot te stellen aan de massamedia en zo de mondiale burgers. De laatste jaren is de WTO eindelijk onderhevig geworden aan een toenemend protest van allerlei maatschappelijke organisaties. Zij vinden de belangen van mens en milieu belangrijker dan de jacht op meer winst van vooral multinationale ondernemingen. Deze gebruiken (door lobby bij hun regeringen) de WTO vooral voor het openbreken van lokale en regionale markten (the right to export), en de toegang tot goedkope (en dus vaak milieu-onvriendelijke of onder slechte arbeidsomstandigheden geproduceerde) grondstoffen, landbouwproducten en goederen.
Op dit moment zijn de volgende groepen te onderscheiden:
* Ontwikkelingslanden zijn vooral door schuldenlasten en daarop volgend IMF- en Wereldbankbeleid in een zeer slechte onderhandelingspositie gedreven. Steeds duidelijker wordt dat er achter de schermen in Doha allerlei dreigementen zijn geuit, als men niet zou instemmen. Ook worden ze in 'the green room' buiten allerlei vergaderingen gehouden. Maar ze hebben er genoeg van, de WTO geeft ze niet de beloofde speciale benadering, er wordt niet geëvalueerd of de uitkomsten sinds 1994 inderdaad wel zo goed voor hen waren zoals iedereen beweert, en ze willen geen onderhandelingen starten over de 'Singapore issues". Allemaal heel begrijpelijk, de (multinationals van) VS en EU bepalen het beleid.
* Tevens hebben 9 landbouwexporterende 'Cairnslanden' onder aanvoering van Austalië er genoeg van als de VS en EU de protectie van hun landbouw (en agrarische subsidies) niet opgeven. Zij willen een volledige liberalisatie van de landbouw. Hieraan zijn echter alleen maar nadelen verbonden voor voedselzekerheid en -veiligheid, de positie van kleine - en middelgrote boeren in Noord en Zuid, en het milieu. Meer hierover kunt u lezen in de brochure "Boeren en globalisering in Nederland" te bestellen via www.xminy.nl, of mijn scriptie "Liberalisering in de landbouw, een heilloze weg!" hier te downloaden.
* Japan daarentegen wil de protectie van zijn rijstboeren (terecht) niet opgeven.
* De EU en de VS hebben nu een halfzacht akkoord bereikt dat onder kritiek staat van alle drie genoemde groepen. Zij willen (onterecht) blijven exporteren, is het niet met exportsubsidies dan wel met de voor ontwikkelingslanden nog meer desastreuze inkomenssubsidies, waaraan zogenaamd maatschappelijke eisen zullen worden gesteld. Daarbij willen ze (wederom terecht) hun eigen landbouwproductie beschermen tegen b.v. suikerriet afkomstig van plantages in Australië en Brazilië. In dit laatste land gaat dit aantoonbaar ten koste van kleine boeren die met geweld van hun land worden gedreven.

Zie hier een perfect scenario voor een confrontatie, en het mislukken van de conferentie. Pas als de conferentie mislukt kan er op grotere schaal (ook in de conventionele media, en door de sociaal- en christendemocraten) worden nagedacht over de alternatieven die al ruimschiks voorhanden zijn. Onder andere de VN, die de werkelijke wereldregering zou moeten zijn, zal daarin met haar milieu- en sociale verdragen (die nu nog geen sanctiemogelijkheden kennen in tegenstelling tot de WTO-verdragen) een grotere rol moeten spelen."





Reacties