Wil de echte civil society opstaan?

11-03-2004
Door: OneWorld Redactie
Bron: Michael Edwards

De term 'civil society' wordt te pas en te onpas gebruikt. Bij gebrek aan duidelijkheid wat er precies mee bedoeld wordt, dreigt het civil society-debat ten onder te gaan aan steeds meer verwarring. Beslaat civil society een deel van de samenleving, bijvoorbeeld de NGO-sector? Slaat het soms op een type samenleving zoals een liberale democratie? Is het een arena voor publiek debat? Is het een bolwerk opgericht om tegenstand te bieden aan machtsmisbruik door staten? Is het een mix van dit alles?

De verschillende interpretaties

Mensen zijn lang geobsedeerd geweest door één interpretatie van het begrip, civil society gezien als een deel van de samenleving: de wereld van organisaties van vrijwilligers. Het was Alexis de Tocqueville die deze rage begon, met zijn bezoeken aan Noord-Amerika in de jaren 30 van de 19e eeuw. Hij kon geen genoeg krijgen van alle clubs en verenigingen die een bontgeschakeerd mozaïek vormden dat volgens hem de sleutel was tot de ontluikende Amerikaanse democratie.

Maar oorspronkelijk, van Aristoteles tot Thomas Hobbes, vertegenwoordigde civil society de samenleving die zich kenmerkte door bepaalde idealen. Realisering van deze idealen, zoals vreedzaam samenleven, vereist in een moderne maatschappij de participatie van een breed scala aan instellingen. Niet alleen vrijwilligersorganisaties, maar ook families, de zakenwereld en overheden moeten erbij betrokken worden.

Visioen van de goede samenleving

Door civil society als 'de goede samenleving' te zien, houden we ons gefocust op het uiteindelijke doel, namelijk dat van armoedebestrijding en een diep gewortelde democratie. Om dit doel te bereiken zullen de verschillende maatschappelijke instellingen en organisaties goed met elkaar samen moeten werken.

Helaas zegt het wensbeeld van de goede samenleving ons echter weinig over hoe de doelen te bereiken. Maar de traditionele definities die civil society zien als een bepaald type samenleving, helpen wel de gaten en zwakke plekken van de wereld van verenigingen en andere maatschappelijke organisaties bloot te leggen. Vrijwilligersorganisaties verschillen vaak (sterk) van mening over de idealen van de goede samenleving en over hoe deze te realiseren. Zie rechts versus links, religieus versus wereldlijk, enzovoorts. Deze gaten zullen eerst gedicht moeten worden, wil civil society een effectief vehikel voor verandering zijn.

Publieke domein

Dit is precies waar de derde, nieuwste benadering van civil society te hulp kan schieten. De nieuwste theorie komt uit de filosofische hoek. Deze benadert civil society als het 'publieke domein' - de plekken waar burgers met elkaar discussiëren over de grootste vragen van de dag en waar iets van het publieke of algemeen belang wordt gedefinieerd.

Zonder deze derde opvatting die de civil society ziet als het publieke domein, zou er geen rechtvaardige en democratische manier zijn om de verschillen in opvatting met elkaar in overeenstemming te brengen en zo tot een politieke consensus te komen over de beste aanpak.

Civil society blijft een lastig grijpbaar begrip, maar door de achtergrond ervan bloot te leggen zoals hierboven geprobeerd is, zijn we hopelijk beter in staat de juiste vragen in de juiste context te stellen. Zoals: lukt het sommige patronen van verenigingsleven bijvoorbeeld beter dan andere om het publieke domein nieuw leven in te blazen? En welke hervormingen in bestuur en zakenwereld kunnen dat ondersteunen?

Edwards MichaelHet boek van Michael Edwards "Civil Society" wordt uitgebracht door Polity Press in samenwerking met Blackwell in Noord-Amerika. Hij is directeur van de Governance and Civil Society Program van de Ford Foundation in New York.

Reacties