Vertel waarom ontwikkelingshulp effectief is

30-03-2012
Door: MyWorld
Bron: OneWorld
Nieuws – 
Vraag Nederlanders of we moeten bezuinigen op ontwikkelingshulp en een meerderheid zegt ‘ja’. Vraag Nederlanders of wij iets moeten doen tégen het feit dat jaarlijks een miljoen kinderen sterven aan malaria of diarree, ook dan zegt de meerderheid ‘ja’. Er is sprake van een opmerkelijke paradox. Die kan worden doorbroken door te vertellen waar, wanneer en waarom de hulp effectief is, meent Ralf Bodelier
Blijkbaar willen we mensen helpen die in bittere armoede leven, maar betwijfelen we of dat via ontwikkelingshulp ook lukt. Veel kritiek op ontwikkelingshulp is dan ook geen teken van moreel verval, maar van wantrouwen in de effectiviteit van de hulp. Voorstanders van ontwikkelingshulp zullen hun critici ervan moeten overtuigen dat onze hulp voldoende oplevert. Ik ben zo’n voorstander. Radicaal & eigenbelang De critici van de hulp bestaan uit twee groepen. De eerste en meest radicale groep meent dat we er mee op moeten houden, uitgezonderd een potje voor noodhulp bij tsunami’s en aardbevingen. De 0,7 cent van elke verdiende euro die we nu aan ontwikkelingshulp geven, mag krimpen tot minder dan 0,1 cent.  Een tweede groep roept om hervorming en wil dat we de hulpgelden anders gaan inzetten. Zo moeten we niet alleen de allerarmsten helpen maar de wereld óók voor de rijken verbeteren. Zij willen de hulpgelden investeren in schone lucht, in eerlijke handel, in het tegengaan van belastingparadijzen en in een duurzame economie. Alleen door ‘hun belang’ en eigenbelang samen te laten vallen, verenigen we koopman en dominee. Alleen zo wordt de hulp duurzaam. Deze groep wil zich vooralsnog niet vastleggen op meer of minder dan 0,7 procent. Ik hoor bij een derde groep. Bij hen die menen dat we op de allereerste plaats door moeten gaan met het verbeteren van de levens van mensen die diep in de misère zitten, waar ter wereld zij zich ook bevinden. Simpelweg omdat het er niet toe doet waar mensen wonen die buiten hun schuld in hun bestaan worden bedreigd. Vanzelfsprekend is het eerst de verantwoordelijkheid van overheden in Afrika en Azië om zich om deze mensen te bekommeren. Maar wanneer een land zo arm is dat het simpelweg te weinig belasting op kan halen om zijn burgers van schoon water, veiligheid en basale gezondheidszorg te voorzien, dan is het aan wie dat wel kan om hen daarbij terzijde te staan. Gedreven mensen Ik werkte nooit voor een ontwikkelings-organisatie. Wel reis ik als journalist al zo’n twintig jaar door Afrika en Azië. Afgelopen jaar waren dat de Filippijnen, Malawi, Rwanda en Ethiopië. Overal bezoek ik ontwikkelingsprojecten. Maar anders dan ik in Nederlandse kranten lees, kom ik vrijwel nooit hulpverslaving, corruptie, diepe zakken of inhalige ambtenaren tegen. Wel tref ik doorlopend gedreven mensen aan, zowel Westerlingen als inboorlingen, die zich vol overgave voor hun projecten inzetten. In 2002 ontmoette ik in het Afrikaanse Malawi de aidsarts Joep van Oosterhout, uitgezonden door de Nederlandse regering. Op dat moment telde Malawi meer dan een miljoen mensen die waren besmet met hiv en waarvan er jaarlijks zo’n 75 duizend stierven. Van Oosterhout schatte dat in heel Malawi niet meer dan 1600 mensen werden behandeld. Voor de rest was er simpelweg geen geld. Professionele Malawianen, rijke Bill Gates Dat veranderde toen Van Oosterhout en zijn collega’s, samen met een bijzonder professioneel Malawiaans ministerie van Gezondheidszorg en met veel geld van Bill Gates een groot aidsprogramma startte. Overal in het land kwamen mogelijkheden om je gratis te laten testen en wie besmet bleek, ontving gratis aidsremmers. Vandaag kan de balans worden opgemaakt. In Malawi is de aidsepidemie tot stilstand gebracht en het aantal aidsdoden gehalveerd. Daarmee wordt niet alleen veel persoonlijke ellende voorkomen, maar blijven ook die mensen in leven die veel bij kunnen dragen aan de economie en het welzijn van het Afrikaanse land. Mij hoor je niet zeggen dat ontwikkelingshulp altijd een doorslaand succes is. Maar welk mensenwerk is dat wel? Ook productinnovaties, schoolprestaties of huwelijken slagen niet altijd en dat geldt ook voor ontwikkelingshulp. Met dat besef in het achterhoofd, verdienen programma’s als dat van Van Oosterhout onverminderd de steun van ons, Nederlanders. Niet alleen moeten we de idee verwerpen dat ontwikkelingshulp kan worden afgeschaft. Ook moeten we kritisch zijn tegen hen die menen dat we de huidige 0,7 procent aan ontwikkelingsgeld moeten gebruiken voor een betere wereld voor arm én rijk. Daarvoor moet, als vanzelfsprekend, ruimte worden gevonden in de overige 99,3 procent van het Nederlandse BNP. Ralf Bodelier leidt het Wereldpodium in Tilburg. Op 15 mei start de Wereldpodium Academy met een vijfdelige cursus over wereldwijde armoedebestrijding. Inleider en moderator is MyWorld hoofdredacteur Mirjam Vossen. Zie www.wereldpodium.nu Dit artikel werd op 30 maart 2012 gepubliceerd in het Brabants Dagblad

Reacties