‘Olieproducenten in Sudan medeplichtig aan verdrijving burgers’

26-11-2003
Door: OneWorld Redactie
Bron: OneWorld
Landroof – 

‘Olieproducenten die in Sudan opereren, wisten van de moordpartijen en bombardementen op scholen en ziekenhuizen in dienst van de controle over de olievelden’, stelt onderzoeker Jemera Rone van HRW. Ze zijn herhaaldelijk daarop geattendeerd, maar hebben hun activiteiten voortgezet en geprofiteerd van de verwoestingen.’

Twee grote westerse belanghebbenden, de Canadese Talisman Energy en het Zweedse Lundin Oil, vertrokken volgens HRW pas eind 2002 respectievelijk juni 2003 uit Soedan. De Chinese en Maleisische staatsbedrijven CNPC en Petronas kwamen in hun plaats, later gevolgd door het Indiase ONGC Videsh. Zij bezitten de meeste concessies in de zuidelijke oliestreken.

Ook Koninklijke Shell komt in het rapport Sudan, Oil and Human Rights ter sprake. Shell heeft tankstations in het land en verkoopt er kerosine. Haar activiteiten in het land lokte in 2001 protesten van Europese activisten en eigen aandeelhouders uit. In datzelfde jaar kondigde Shell aan niet langer kerosine aan de Sudanese regering te verkopen. In het oorlogsgebied is Shell niet actief geweest.

Wapenstilstand

De oorlog tussen de islamitische regering in het noorden en gemarginaliseerde groepen in het zuiden met de SPLM/A als grootste rebellenmacht, duurt al twintig jaar. De burgeroorlog kostte aan minstens twee miljoen mensen het leven terwijl ruim vier miljoen mensen van hun land werden verdreven. In oktober 2002 ondertekenden betrokken partijen een wapenstilstand. In het westen wordt echter nog steeds gevochten.

Volgens HRW heeft de regering wegen, bruggen en vliegvelden, aangelegd door olieproducenten, gebruikt om aanvallen op burgerdoelen in de zuidelijke oliegebieden uit te voeren. Zo werden ziekenhuizen, kerken, scholen en hulpoperaties uit de lucht gebombardeerd. Bovendien heeft de regering islamitische paramilities huis laten houden en zuidelijke fracties bewapend om verdeeldheid te zaaien.

Voor deze militaire acties is 60 procent van de totale olie-opbrengsten in 2001 gebruikt, zo blijkt uit statistieken van zowel de Sudanese regering als de olieproducenten. Overigens heeft volgens HRW ook de SPLM/A zich aan schendingen van mensenrechten schuldig gemaakt.

Human Rights Watch

Reacties