Na de Arabische Lente

07-02-2017
Door: Vamba Sherif
Bron: OneWorld
De Souk in Beiroet. Foto: Rabiem22, Flickr
Foto: De Souk in Beiroet / Rabiem22, Flickr.
Column – 

De nasleep van de Arabische lente is overal voelbaar, ook in Libanon, schrijft Vamba Sherif. Samen met drie andere schrijvers uit Polen, India en Nederland was hij daar kortgeleden, op uitnodiging van PEN Libanon en in samenwerking met Writers Unlimited. 'We wilden er graag met een aantal Arabische schrijvers en denkers terugkijken op de Arabische lente en praten over manieren om de dialoog binnen en met de Arabische wereld te voeren.' De discussies vonden onder meer plaats in Beiroet en Tripoli.

Dialoog

Volgens de Libanese schrijver Issa Maklouf, tegenwoordig wonend in Parijs, was deze dialoog een kansloze missie. “Dialoog? Dialoog? Welke dialogen?” vroeg hij zich hardop af. “Dialogen leveren weinig op.” In de vurigheid waarmee hij zijn gevoelens uitte, meende ik de nasleep van de Arabische lente te herkennen: de onmacht en de frustraties.

Hanan as-Sjaikh, de Libanese schrijfster van onder andere Het verhaal van Zahara, vertelde daarop het verhaal van het 13-jarige meisje uit een van haar romans dat in de oorlog in Libanon dacht haar vader te kunnen beschermen tegen de soldaten die hun huis binnenstormden. Terwijl ze het tafereel gadesloeg, fantaseerde ze dat ze de middelen tot beschikking had om de soldaten te weren. Net als de jongen in mijn eerste roman Het land van de vaders dat dacht. Hier waren twee verhalen uit twee verschillende delen van de wereld, maar die allebei universele thema’s als oorlog, empathie en liefde behandelden. Dit was een vorm van dialoog, dacht ik.

Al is Libanon niet verwikkeld in een oorlog en was er geen sprake van opstanden zoals in Tunesië, Egypte en Libië, het land heeft zorgen genoeg. De Libanese Hezbollah voert oorlog in Syrië en het land huisvest meer dan een miljoen Syrische vluchtelingen. Een Syrische jongen die de oed bespeelde, een klassiek snaarinstrument, bij een van onze optredens in een mooi maar kapotgeschoten paleis in de bergen, vertelde me over het leven in Syrië van voor de oorlog. Luisterend naar hem, vroeg ik me af waarom we geen dialogen konden voeren over bijvoorbeeld de oorlog in Syrië en de vluchtelingen in Libanon. Kwam het door de huidige kwetsbare positie van het land? Of door het recente verleden? Want Libanon had zo haar eigen geschiedenis met Syrië: in 1976, tijdens de burgeroorlog, vielen Syrische tanks het land binnen en zwaaiden er jarenlang de scepter…

De lente begon al ver voor 2011

“De Arabische lente, die mij nog steeds vormt en mijn dromen blijft bepalen, is niet begonnen bij de grote opstand die in 2011 dit deel van de wereld in de greep kreeg”, zegt Fadi Tofeili op een van de bijeenkomsten. Hij is een schrijver en dichter die afwisselend in Nederland en Beiroet woont. “De lente bestond al in andere gedaantes en is nog steeds gaande.” Hij noemde die gedaantes niet, maar ik kende ze: de groene revolutie in Iran, de opstand tegen de Assads in de jaren tachtig, de protesten her en der in de Arabische wereld die door de overheden steeds weer de kop ingedrukt werden. Ik zie ze in de onrust, het onbehagen en de frustratie van de jongeren, die – in de woorden van de schrijfster Iman Humaidan – “ons, de ouders, verantwoordelijk houden omdat we er niet in zijn geslaagd onze mislukkingen aan onze kinderen uit te leggen”. Waarschijnlijk bedoelde ze daarmee zowel de mislukkingen van de Arabische lente als het onvermogen van de ouders om hun kinderen te behoeden voor de nasleep van een bloedig verleden. Hoe zat het met die kinderen, vroeg ik me af.

Mijn geloof groeide dat bij de volgende fase van de Arabische lente, geen macht, geen tank en geen geweer deze jongeren kon tegenhouden

Het antwoord vond ik op scholen die we bezochten, waar de meeste kinderen vloeiend Engels spraken. Daar gingen de gesprekken niet alleen over de Arabische lente, maar over vraagstukken als vrijheid van meningsuiting. “Ik ben bang om over mijn diepste gevoelens te schrijven omdat ze uiteindelijk gecensureerd worden”, zei een meisje. Een jongen sprak over de ongelijkheid binnen families in een cultuur waar alle aandacht altijd naar slimme kinderen ging. Op een andere school vertelde een meisje dat haar vriendinnen poëzie of proza schrijven niet hip vonden, en liever alleen maar feest vierden. “Ik kan in dit land niet schrijven wat ik wil”, zei een jongen. Hij werd door onze gastvrouw Iman Humaydan gecorrigeerd: “Geloof me, je kunt hier alles schrijven wat je wilt”. Maar de jongen leek haar niet te geloven. Was haar realiteit anders dan die van de jongeren? Of was het omdat zij door haar bekendheid kon schrijven wat ze wilde, terwijl de jongeren zich aan de regels van de traditie moesten houden, regels waaraan ze snel wilden ontsnappen?

Anders dan de schrijvers, die academisch klonken, waren de jongeren toegankelijk. Bovenal waren ze vurig in hun verlangen om via sociale media en in eigen opgerichte tijdschriften over thema’s te schrijven die hen aan het hart gingen. Ik zag hun nieuwsgierigheid, moed en ambitie, hun frustraties en hun worsteling om te worden wie ze willen zijn. Gaandeweg groeide mijn geloof dat bij de volgende fase van de Arabische lente – een fase die zeker zou komen – geen macht, geen tank en geen geweer deze jongeren kon tegenhouden om te zijn wie ze willen worden. Dan zou de Arabische lente een stabiele vorm kunnen aannemen, en een zomer van voorspoed kunnen inleiden. Dan zijn we gereed voor een permanente dialoog.

Credits foto: Rabirem22 op Flickr.

Vamba Sherif

Vamba Sherif vluchtte samen met zijn familie uit Liberia naar Syrië en kwam...

Lees meer van deze auteur >

Reacties