Kinderen in Bolivia mogen nu vanaf 10 jaar werken

12-12-2014 Bron: OneWorld
Spelende kinderen in Bolivia
Foto: Wikimedia
Onlangs verlaagde de Boliviaanse regering de leeftijd voor kinderarbeid van 14 naar 10 jaar. De wetshervorming was een initiatief van de werkende kinderen zelf: 'De realiteit is dat veel kinderen hier werken.'
Actueel – 

“De wereld moet goed begrijpen dat wij niet werken omdat we dat willen, maar omdat we dat moeten. Waar gaan we anders van leven?”

Hector, vakbondsleider in Bolivia en 18 jaar

Vakbondsleider Hector Condori (18)

Aan het woord is Hector Condori (18), vakbondsleider van de Union de Niños y Adolescentes Trabajadores de Bolivia (UNATSBO), de vakbond voor werkende kinderen in Bolivia. De organisatie, opgericht in 2003, vertegenwoordigt duizenden werkende kinderen in zeven van de negen departementen in Bolivia, en strijdt onder meer voor betere werkomstandigheden en de bevordering van onderwijs.

Zes uur per dag
Volgens de Boliviaanse wet mag een kind zes uur per dag werken, op voorwaarde dat het ook naar school gaat. Omdat de schooldagen kort zijn – vier uur, in de ochtend of namiddag - houden de kinderen tijd over om te studeren of spelen, is het idee. Maar in de praktijk werken de kinderen zo lang als zij of hun ouders dat willen. Aan controlemechanismen ontbreekt het vooralsnog nagenoeg volledig.

Geschat wordt dat ongeveer 850.000 Boliviaanse kinderen tussen de 5-17 jaar regelmatig werken – 28 % van alle kinderen en 35 % van de totale werkzame bevolking, volgens cijfers van de regering en Unicef. Het overgrote merendeel van hen is werkzaam in de informele economie, vaak voor de eigen familie. Je ziet je overal, in de stad en op het platteland – als straatverkoper, bediende in het familierestaurant of als veehoeder.

Kinderarbeid in Bolivia

  • 850.000 Boliviaanse kinderen tussen de 5-17 jaar werken, 35 % van de totale werkzame bevolking.
  • Daarmee verdienen kinderen onder 13 jaar gemiddeld 233 bolivianos per maand, zo'n 27 euro. Oudere kinderen verdienen meer, ongeveer 66 euro. 87 % van het werk wordt beschouwd als gevaarlijk voor de lichamelijke of geestelijke gezondheid, zoals het werk in de mijnen, in de landbouw of als alcoholverkoper.
  • 77 % werkt voor de familie, zonder betaling
  • 19 % werkt voor zichzelf, met name in de steden
  • 22.270 kinderen gaan niet naar school vanwege hun werkzaamheden

(cijfers uit een onderzoek van Unicef in samenwerking met de regering van Bolivia)

Corina, schoenpoetser in Bolivia en 18 jaar

Schoenpoetser Corina (18)

Zoals de 18-jarige lustrabota (schoenpoetser) Corina, die sinds haar achtste schoenen poetst in La Paz. Op haar 15e stopte ze met school om fulltime te poetsen, waarmee ze dagelijks zo'n zes euro verdient. “Familieomstandigheden,” verklaart Corina. Ze had graag willen studeren, maar dat zit er voor haar niet in. Ze zegt het opgeruimd, alsof het een vanzelfsprekendheid is. Waarom ze met een bivakmuts op werkt? “De mannen hebben geen respect voor mij, daarom ben ik liever onherkenbaar.”

Kauwgum, snoep en zakdoekjes
Minder zichtbaar zijn de  kinderen die onder gevaarlijker omstandigheden werken, zoals in de mijnen, op suikerrietplantages of in de late avonduren – 87 % procent volgens dezelfde regeringscijfers, al is dat cijfer nauwelijks te toetsen. Zo tref ik 's avonds laat Michele (11), in slaap gedommeld naast haar kraam met kauwgom, snoep en zakdoekjes in het centrum van de hoofdstad, alleen. “Mijn mama heeft geld nodig,' antwoordt ze op de vraag waarom ze werkt. Om tien uur komt haar moeder haar ophalen, vertelt Michele. En haar vader? "Die zit in de gevangenis.”

De wet was, hoe gek dat een westerling ook in de oren moge klinken, een initiatief van de kinderen zelf

Ruim de helft van de werkende kinderen is onder de veertien jaar, tot voor kort de minimumleeftijd om te werken in Bolivia. Maar afgelopen zomer tekende Boliviaanse president Evo Morales een hervorming van de kinderarbeidswet waarmee ook kinderen onder de veertien legaal aan de slag kunnen – vanaf twaalf jaar in loondienst, en vanaf tien als zelfstandig ondernemer. Daarmee is Bolivia het enige land ter wereld dat kinderen zo jong toestaat om te werken.

De wet was, hoe gek dat een westerling ook in de oren moge klinken, een initiatief van de kinderen zelf. Afgelopen december protesteerde de kindervakbond in de straten van hoofdstad La Paz om de regering zo ver te krijgen het verbod op kinderarbeid af te schaffen. De demonstratie werd net als alle andere in Bolivia hard uiteengeslagen door de politie. Alleen, omdat het nu kinderen betrof, leidde dat ditmaal wel tot landelijke verontwaardiging. Kort daarna mochten de kinderen langskomen bij president Morales om te praten over hun eisen. “De president vertelde ons dat hij zelf op zijn zevende is begonnen met werken,' zegt Condori, die zelf ook sinds zijn zevende werkt, als knuffeldierverkoper op de markt. 'Daarom begreep hij waar we het over hadden, en beloofde ons te steunen.”

De president vertelde ons dat hij zelf op zijn zevende is begonnen met werken

Morales hield woord. Na maanden van onderhandelingen tussen UNATSBO-vertegenwoordigers en de regering werd overeengekomen om m de minimumleeftijd op veertien jaar te houden, maar dat in 'uitzonderlijke sociaaleconomische' gevallen ook jongere kinderen toestemming kunnen krijgen, op voorwaarde dat ze ook naar school gaan en uit vrije wil werken. Nu zijn die gevallen in het arme Bolivia meer regel dan uitzondering – voor veel families is kinderarbeid simpelweg een manier om het hoofd boven water te houden.

Hoewel de wet nog in de kinderschoenen staat – zo ontbreekt het vooralsnog aan controlemechanismen op de voorwaarden waaronder de kinderen mogen werken – zijn veel Bolivianen blij met de nieuwe wet. “De realiteit is dat veel kinderen hier werken,” zegt Isbel Flores, coördinator bij Sarantañani, een educatiecentrum voor zogenoemde niños trabajadores in La Paz, waar werkende kinderen terecht kunnen voor huiswerkbegeleiding en naschoolse activiteiten en waar ze leren over hun rechten als werknemer.

Tegen uitbuiting
De organisatie is niet tegen kinderarbeid op zich, maar wel tegen de uitbuiting van werkende kinderen. “Werken is voor ons een waardevol onderdeel van onze cultuur. Vaak werken ze ook omdat ze dat willen – om mooie kleren te kunnen kopen, of een smartphone. Door het te verbieden ontneem je de kinderen hun rechtsbescherming, en drijf je ze de clandestiniteit in. Beter is het om te zorgen voor betere arbeidsomstandigheden en de kinderen het respect te geven dat ze verdienen.”

Jonge schoenpoetser in Bolivia

Jonge schoenpoetser op straat in Bolivia.

De Internationale Arbeidsorganisatie ILO en mensenrechtenorganisaties als Human Rights Watch, maar ook de Permanente Vergadering voor de Rechten van de Mens in Bolivia en de Boliviaanse Kinderombudsman beschouwen de wetshervorming als een achteruitgang. “Met de nieuwe wet breekt Bolivia met de bestaande internationale conventies, ingesteld ter bescherming van de kinderen. Door kinderen vanaf tien jaar toe te staan voor zichzelf te werken stel je ze bloot aan risicovolle situaties van mishandeling en uitbuiting,” zegt publieke kinderombudsman Marcelo Claros.

De ombudsman komt uit een heel ander milieu, hij begrijpt niet dat onze ouders het brood uit hun mond moesten sparen om ons te voeden

Volgens de ILO mogen kinderen vanaf vijftien jaar werken, op voorwaarde dat het kind ook naar school gaat en de werkzaamheden de ontwikkeling van het kind niet in de weg staan. Voor ontwikkelingslanden geldt een minimumleeftijd van veertien jaar. Maar volgens vakbondsleider Condori ziet de ombudsman daarmee de Boliviaanse realiteit over het hoofd. 'De ombudsman komt uit een heel ander milieu, hij begrijpt niet dat onze ouders het brood uit hun mond moesten sparen om ons te voeden. Wij werken omdat we onze families moeten helpen. Uiteindelijk zal kinderarbeid in Bolivia verdwijnen, maar zover zijn we nog lang niet. Daarom vragen wij erkenning van ons werk, met minimumlonen, sociale verzekeringen en pensioenopbouw. Dezelfde rechten als die van een volwassene.'

Daarbij, benadrukt Condori, heeft hij het altijd leuk gevonden om te werken. 'Ik geloof dat ik er veel van heb geleerd, het heeft me geholpen boven mezelf uit te stijgen als persoon. Ik heb verantwoordelijkheid leren nemen, leren omgaan met mensen, en op te komen voor mijn rechten. Je leert plannen- 's ochtends naar school, 's middags werken en 's avonds studeren. Ik ben de beste van mijn klas.'

Een andere toekomst
Schoonmaakster en moeder van vijf kinderen Margarita (48) gelooft daar niet in. Haar inmiddels achttienjarige zoon begon op zijn twaalfde aan zijn eerste baantje – op zijn verzoek. “Hij zag de andere kinderen werken, en wilde ook geld verdienen.' Maar haar jongste twee staat ze dat niet meer toe. 'Dan zijn ze verloren. Mijn zoon stopte op zijn veertiende met school, om fulltime te gaan werken. Zelf heb ik nooit kunnen studeren, omdat ik van mijn ouders moest helpen op de markt. Voor mijn kinderen wil ik een andere toekomst.”

Ynske Boersma

Correspondent en reisjournalist in Latijns-Amerika.

Lees meer van deze auteur >

Reacties