Hulp is een doekje voor het bloeden

08-10-2014 Bron: OneWorld
65 jaar ontwikkelingssamenwerking
Na 65 jaar ontwikkelingssamenwerking is het vooral zaak naar onszelf te kijken, vonden de sprekers tijdens de viering vorige week in Pakhuis de Zwijger.
Verslag – 

"We moeten niet helpen, we moeten ons gaan gedragen”, verkondigt een boze Sylvia Borren, directeur van Greenpeace. Volgens Borren is hulp slechts ‘een doekje voor het bloeden’ en moeten we eerst kijken naar alles wat we zelf verkeerd doen. Afgelopen vrijdag vierde de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking haar 65ste verjaardag. De dag ervoor reflecteerde de ontwikkelingssector op 65 jaar ontwikkelingssamenwerking. Het debat ’s avonds was onderdeel van het door Partos georganiseerde Innovatiefestival in Pakhuis de Zwijger.

Om de grote problemen aan te pakken moeten we systemen veranderen, de rest is slechts franje

“We zijn onlosmakelijk verbonden met de rest van de wereld”, stelde Farah Karimi, directeur van Oxfam Novib. Nationale grenzen zijn irrelevant wanneer het aankomt op grensoverschrijdende problemen zoals klimaatverandering, voedselzekerheid en vrede en veiligheid. Volgens Manuela Monteiro, oud-directeur van Hivos, is het daarom de hoogste tijd voor een gezamenlijke agenda van ‘daar’ en ‘hier’. Om de grote problemen aan te pakken moeten we volgens Monteiro systemen veranderen, de rest is slechts franje.

Hoe nu verder?
Ontwikkelingssamenwerking moet meer mondiaal worden, aldus Monteiro. Samen met Borren en Karimi is ze een van de sprekers die vanavond deelnemen aan de discussie over ontwikkelingssamenwerking. Daarnaast schreven zij een bijdrage voor het boek ‘Hoe nu verder? 65 jaar Nederlandse ontwikkelingssamenwerking’ van Lau Schulpen, Ruerd Ruben en Stefan Verwer, dat vanavond gepresenteerd wordt. Een boek dat zich niet concentreert op de geschiedenis van ontwikkelingssamenwerking maar vooral vooruitblikt, vindt Schulpen.

De diaspora schittert op drie bezoekers na door afwezigheid

Het boek reflecteert ook de huidige kleur van het Nederlandse debat over ontwikkelingssamenwerking: de 46 auteurs die eraan meegewerkt hebben komen allen uit ‘Noordelijke’ landen. Ook in Pakhuis de Zwijger is het merendeel van de aanwezigen westers, de diaspora schittert op drie bezoekers na door afwezigheid. Iets wat niet onopgemerkt blijft door sprekers en de zaal, meerdere malen klinkt de opmerking dat we het ‘hier’ weer hebben over ‘daar’.

Aandacht vragen voor mondiale problemen
Dat neemt niet weg dat er vanavond enthousiaste sprekers op het podium staan, die steevast de bel die het einde van hun spreektijd aangeeft negeren. Van discussie over de pessimistische Nederlandse publieke opinie over ontwikkelingssamenwerking, tot de vraag of sociaal ondernemerschap de sector kan vernieuwen en wat de rol van het maatschappelijk middenveld moet zijn – uiteenlopende thema’s komen aan bod. Maar de sector lijkt verenigd in één conclusie: het is onze verantwoordelijkheid om aandacht te vragen voor mondiale problemen, en om bij het aanpakken daarvan ons eigen beleid niet te vergeten.

“Er moet een mentaliteitsverandering plaatsvinden”, zegt Rolph van der Hoeven, hoogleraar aan het International Institute of Social Studies. “We moeten handelsbelemmeringen afschaffen en belastingontduiking een halt toe roepen”, vindt hij. Daarnaast moet er meer coherentie in het Nederlandse beleid komen om het effect van ontwikkelingssamenwerking te vergroten, iets wat ook Borren benadrukt. En Van der Hoeven maakt zich zorgen over een ander fenomeen: de groeiende inkomensongelijkheid wereldwijd.

Jan Pronk waarschuwt voor het beeld van ‘Africa Rising’ en ‘India Shining’, omdat aan de groei ook een ‘donkere kant’ zit

Ook Jan Pronk, de laatste spreker van de avond, waarschuwt voor het beeld van ‘Africa Rising’ en ‘India Shining’, omdat aan de groei ook een ‘donkere kant’ zit. De verschuivende machtsverhoudingen in de wereld en de groeiende middenklasse zorgen ervoor dat de welvaart in steeds sterkere mate ongelijk verdeeld is. Gelukkig heeft Pronk een oplossing, een tienpuntenplan voor een betere wereld (zie kader). Met galmende stem en grote handgebaren verhaalt hij over het belang van ‘een versterking van de internationale rechtsorde’, ‘de toenadering tussen Oost en West, die weer uit elkaar groeien’, en het opzetten van een ‘noodhulp capaciteit’- want volgens Pronk staat oorlog weer op de agenda, en zullen er de komende jaren veel slachtoffers blijven vallen.   

Jan Pronks agenda voor een betere wereld

  1. Versterking en hervorming van de internationale rechtsorde.
  2. Belast internationaal vermogen.
  3. Bindende verplichting aan de uitstoot van broeikasgassen.
  4. Werk bewust aan toenadering tussen Oost en West.
  5. Voer de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) echt uit.
  6. Zet in op de preventie van conflict.
  7. Bouw een internationale noodhulp capaciteit.
  8. Versterk mensenrechten organisaties.
  9. Maak veel middelen vrij, wel twee tot drie keer zoveel als de 0.7 procent norm.
  10. Wees geloofwaardig in eigen land.

 “Ik heb de hoop dat het kan, zo’n agenda”,  zegt Pronk. “De jonge generatie is volgens mij bereid om opener, kritischer en meer solidair te zijn.”
De jonge generatie die het stokje over zal nemen is op het podium niet overweldigend vertegenwoordigd, bij deze avond over de toekomst van ontwikkelingssamenwerking. De uitzondering daarop is onderzoeker Sara Kinsbergen. Zij heeft haar eigen plan voor de toekomst van de sector, gestoeld op samenwerking en wat humor ‘als tegenwicht voor de protestantse zwaarheid van ontwikkelingssamenwerking’: een jaarlijkse teambuildingsdag voor de sector.

Maartje de Meer

Maartje de Meer is redacteur bij OneWorld Toekomstdenkers.

Lees meer van deze auteur >

Reacties